AD | ‘Heel spannende periode voor Isla’

Door Elodie Heloise

Karel van Haren achter zijn bureau tijdens het interview | FOTO NOS ISLA

Willemstad – ,,Er komt een heel spannende periode aan. Waarbij grote beslissingen genomen moeten worden”, aldus Karel van Haren, die onlangs afscheid nam als adjunctdirecteur van de Isla-raffinaderij.

In Nos Isla, het blad van Refineria Isla Curaçao, een interview met hem. Het valt Van Haren niet mee om juist in deze roerige tijd afscheid van de raffinaderij te nemen. ,,De tijden zijn veranderd en er zijn allerlei elementen die meespelen en die heel belangrijk zijn. Gaan we upgraden naar een ‘deep conversion’-raffinaderij die bijna 100 procent van de ruwe olie kan omzetten naar een ‘wit’ product? Gaan we op dezelfde voet verder met een andere partner? Gaan we de raffinaderij sluiten?”

Volledige onafhankelijkheid van fossiele brandstof zal nog even op zich laten wachten, denkt Van Haren. ,,Ik schat zo’n dertig jaar. We zitten in een transformatiefase waarbij de kaders van de toekomst steeds duidelijker worden. De oplossing ligt bij een visie die verder gaat dan raffinage. Het gaat over het ontwikkelen van nieuwere, schonere energiebronnen. En dat kan.” De expertise is er. ,,Ook hier binnen de Isla”, aldus de voormalig adjunct- directeur. ,,De wil is er ook. Maar we kunnen dat niet alleen. We zijn ook afhankelijk van wat Curaçao wil. Het is onze taak nu om de mogelijkheden open te houden. Zolang wij kunnen laten zien dat we goed zijn in wat we doen, zijn anderen bereid naar ons te kijken. En er is ongelooflijk veel deskundigheid en ervaring aan boord hier. Voor welk scenario ook.”

Maar het scenario voor de toekomst moet wel bepaald worden, stelt Van Haren. ,,Door mensen en bedrijven met een grotere gedachtegang die verder reikt dan het raffinageproces zoals wij dat nu kennen. Helemaal afstand kan ik hier dan ook niet van nemen. Troubleshooting heb ik altijd leuk gevonden. Ik zal ook na mijn pensioen beschikbaar blijven om aan dit proces mijn bijdrage te leveren.”

‘Omstandigheden nu moeilijk’

Na 35 dienstjaren is ingenieur Werktuigbouwkunde Karel van Haren met pensioen gegaan. Precies drie jaar langer dan de pensioengerechtigde leeftijd is hij bij de raffinaderij gebleven. Op 29 juli werd hij 63. Zijn laatste werkdag: 31 juli 2018. Zijn eerste: 1 juli 1983. In een gesprek met Nos Isla, een uitgave van de afdeling public relations van Refineria Isla Curaçao bv, maakt Van Haren samen met verslaggeefster Elodie Heloise de balans op van een werkzaam leven gegeven aan Curaçao in verschillende periodes van grote veranderingen. Het interview werd nog vóór zijn afscheid afgenomen.

Laat de deur maar open. Ik heb mijn hele leven een opendeurbeleid gehanteerd.” Karel van Haren zit in zijn kantoor dat uitkijkt over de raffinaderij. Dit is de plek van waaruit hij de afgelopen jaren als link tussen Curaçao en Venezuela heeft gefunctioneerd. Bijna het volledige operationele apparaat van de raffinaderij rapporteert aan deze man.

,,Met uitzondering van de afdelingen Interne Audits, Public Relations, Legal Affairs en Loss Prevention en Security.” Het organogram van de organisatie toont de afdelingen die hij onder zijn hoede heeft. Human Resources, Finances, Maintenance, Operations, Technical Services, Hygiene Safety en Environmental Control, de Shutdownafdeling en General Services. Alleen al kijken ernaar voelt zwaar. Karel van Haren heeft een grote verantwoordelijkheid op zijn bord.

Stand van zaken

,,Op dit moment werken er 1.050 mensen bij de raffinaderij. Dan zijn er nog zo’n 1.000 contractanten. En in piekperiodes zijn hier soms bijna 1.500 mensen extra aan het werk. Die komen helaas vaak niet van Curaçao. Duidelijk mag zijn dat het werk hier een hoop monden voedt. En daar voel ik me medeverantwoordelijk voor”, zegt de scheidend adjunct-directeur. Hij is achter zijn bureau gaan zitten voor dit gesprek omdat hij zich daar nu eenmaal het prettigst voelt. Prettiger dan in het ruime zitje dat ook in zijn kantoor staat voor de ontvangst van gasten.

,,De omstandigheden waaronder wij nu functioneren zijn moeilijk. We hebben te maken met politieke spanningen op wereldniveau, rechtszaken en beslagen, oplopende kosten, een toenemende negatieve publieke opinie en een contract dat in 2019 afloopt.

De Isla is een medium conversion-raffinaderij. Dat betekent dat we met een beperkt rendement ruwe olie kunnen raffineren. De prijs van ruwe olie is daarbij voor ons cruciaal. Slechts 65 procent van de ruwe olie die wij verwerken kunnen we omzetten naar een ‘wit’ product dat op de markt meer oplevert dan de kostprijs van de ruwe olie waar we die producten uithalen. Denk daarbij aan gasoline, kerosine, gasolie en lubricerende oliën. De 35 procent die overblijft levert ‘zwarte’ producten op – zoals asfalt en fuel-olie – die minder waard zijn dan de grondstof waar ze uit geraffineerd worden. Daarom is het zo belangrijk om een partner te hebben waar je de ruwe olie tegen zo laag mogelijke kosten vandaan kunt halen. Dat is wanneer je wilt blijven doen wat je nu doet als medium conversionraffinaderij. Onder die omstandigheden kan je bij optimale productie marginaal break-even draaien. Momenteel opereren we niet optimaal, maar we houden nog steeds onze eigen broek op.”

Shell en PdVSA

Verandering is Karel van Haren niet vreemd. Als net afgestudeerd Werktuigbouwkundige (toentertijd TH Delft, nu TU Delft) wordt hij in 1983 gerekruteerd door de Shell die twee jaar later het eiland zal verlaten. ,,Dat gebeurde in Nederland. Elk jaar werd door de Shell op het hoofdkantoor in Den Haag aan de Carel van Bylandtlaan een bijeenkomst georganiseerd om mensen te werven. Specifiek ook voor de Shell-raffinaderij op Curaçao. Ik was 27, afgestudeerd ingenieur, en wilde terug. Ik was inmiddels getrouwd. Mijn vrouw is geboren op Sint Maarten en ging op haar zeventiende naar Nederland om de havo af te maken. Zij kon er niet wennen. Was er absoluut niet gelukkig. De kans om naar Curaçao te vertrekken hebben we allebei met beide handen aangepakt.” De start was echter niet gemakkelijk.

,,Van de schoolbanken ging ik naar de praktijk. Ik kreeg direct bij aankomst nachtdienst. Bij Operations. Op de CD3 (crude distilling unit 3). ‘Van Haren, je hebt dienst van 12 tot 8. Je begint vandaag.’ Dat was wat ik te horen kreeg. Ik was ingenieur en werd als operator ingezet. Dat was de start. En niet alleen voor mij. We werden in het diepe gegooid en moesten het in hoge mate zelf uitzoeken. Slechts een op de drie nieuw gerekruteerde ingenieurs bleef. Er is mij nooit gezegd: ‘Dit moet je doen Van Haren.’ Shell gooide ons de eerste jaren enigszins gewoon voor de leeuwen. Maar zo konden ze wel het kaf van het koren scheiden. Ik heb twee jaar wachtgelopen, leerde als theoreticus de omslag naar de praktijk maken en zelf initiatief nemen. En ik ben heel blij dat het zo gegaan is, want daardoor wist ik wat er gebeurde. Ik had de processen meegemaakt en heb daar later alleen maar voordeel van.

Op de vloer beginnen houdt je met de benen op de grond. En ik ben altijd respectvol gebleven naar het werk van anderen op de raffinaderij.” Karel van Haren is nog maar twee jaar aan het werk bij de Shell wanneer het bedrijf op 1 oktober 1985 van Curaçao vertrekt. ,,Daar zit je dan. Geremigreerd, getrouwd, inmiddels ook kinderen.” Het is een onzekere tijd, maar onder leiding van de toenmalige regering Liberia-Peters blijft de raffinaderij operationeel met PdVSA als exploitant. De beruchte symbolische ‘gulden’ wordt betaald aan de Shell en Van Haren blijft bij de raffinaderij werken. In de jaren die volgen, krijgt de carrière van Van Haren vorm. Hij werkt voor verschillende afdelingen en leert zo de raffinaderij steeds beter kennen. Van operator klimt hij op tot afdelingshoofd van verschillende technologische afdelingen. Dan volgt het managerschap over hele divisies waarbij rechtstreeks aan de directeur gerapporteerd moet worden.

Hij is in 2011 het opperhoofd van de gehele Operations- divisie en hij vervangt regelmatig de directeur, een post die normaal door PdVSA ingevuld wordt, maar die om verschillende redenen niet continu kon worden bemand. ,,Ik genoot het vertrouwen van de exploitant en heb het schip gedurende die tijd zo goed als ik kon varende gehouden.” In Venezuela vindt een politieke aardverschuiving plaats, de prijs van ruwe olie keldert, de Nederlandse Antillen worden ontmanteld en Curaçao gaat verder als autonoom land binnen het Koninkrijk.

,,Wat mensen zich misschien niet zo goed realiseren, is dat de raffinaderij een soort wereldstad is waar wat er buiten Curaçao gebeurt van grote invloed is. We zijn spelers op een internationale markt. En dat doen we vanaf een eiland dat natuurlijk ook allerlei belangen heeft en waar van alles aan de hand is. Het is als varen op zee: de omgeving is constant in beweging maar het schip ook. Communicatie is daarbij cruciaal. Met Curaçao, met Venezuela, met de overheid, maar vooral ook binnen de raffinaderij zelf. Al helemaal wanneer de ‘zee’ en het ‘schip’ zich in zwaar weer bevinden. Vertrouwen en integriteit zijn ook heel belangrijk. Daar moet je aan blijven werken. Veranderingen geven namelijk ook ruimte aan allerlei soorten weerstand die zich op vele verschillende manieren kan manifesteren. Daar moet je alert op blijven en soms is het heel moeilijk om je met beleidskeuzes te verenigen of om situaties bij te sturen die ongewenst zijn. Soms sta je daarin helemaal alleen. Dat heb ik wel eens moeilijk gevonden. Sinds 2014 ben ik adjunct- directeur waarbij ik nauw samenwerk met de Venezolaanse directeur. Die functie was tot 2014 vacant en is normaal behouden aan PdVSA. Ik ben hier ‘the man in the middle’, of anders gezegd: de Curaçaose link op directieniveau met de exploitant uit Venezuela. Geen gemakkelijke positie. Zeker niet gezien de huidige omstandigheden. Boeiend was het wel om met zovele verschillende karakters te mogen werken in de afgelopen jaren.”

Zeilen

Ter aanvulling trekt Van Haren de vergelijking met wedstrijdzeilen. De sport die hij met veel plezier beoefend heeft en waar hij – naar hij hoopt – na zijn pensioen weer wat meer tijd aan kan besteden. ,,Wedstrijdzeilen is eigenlijk driedimensionaal schaken. Het is een sport waarbij je niet alleen met je tegenstanders rekening moet houden, ook de wind, de stroming en de golven bepalen mee. In die zin is wedstrijdzeilen te vergelijken met bedrijfsvoering. Het is niet alleen het schip en de bemanning, maar ook de omstandigheden en het veld. Je doel is de boei die je moet ronden, liefst als eerste natuurlijk. Wanneer je aan de wind vaart (tegen de wind in) moet je laveren en uitwijken om je doel te bereiken. Je blijft je doel in de gaten houden, maar om dat te bereiken moet je van de rechte koers durven afwijken. Zo gaat het in het bedrijfsleven ook. Soms moet je een andere route kiezen om te komen waar je wil zijn. Maar je doel moet je niet uit het oog verliezen.”

Teamwork

Behalve dat Karel van Haren tevreden terugkijkt op een bijzondere carrière is hij zich er ook vol van bewust dat hij alle steun heeft gekregen. Met name van het thuisfront. ,,Ik ben mijn gezin en vooral mijn vrouw heel erg dankbaar. Ik ben ambitieus en ik ben er altijd vol voor gegaan. Maar dat kun je niet doen zonder de zegen van je familie. Je familie is je fort. Zonder dat ben je niks. Ik heb drie kinderen en kan rustig zeggen dat mijn carrière mogelijk is gemaakt door mijn vrouw. Zij moest ze opvangen tijdens mijn nachtdiensten en later toen ik zeven dagen per week oproepbaar moest zijn. Ik heb eens tien maanden in de Verenigde Staten gezeten voor werk. Dan moet je sterk in je schoenen staan als partners, maar ook als gezin. En dan de vele keren dat ik ben weggeroepen in het weekeinde of ‘s nachts. Dat was voor haar en ons sociale leven lang niet altijd een pretje. Ze hebben allemaal in moeten leveren om mij te kunnen laten doen wat ik belangrijk vond. Carrière maken is echt teamwork. Anders gaat dat niet.”

Laatste woord

Het interview loopt ten einde. Karel van Haren denkt even na over wat hij nog wil delen voordat hij vertrekt. ,,Weet je, het is mijn hoop dat rekening houdend met alle beperkingen en afbakeningen die de toekomst van de raffinaderij zullen bepalen, er bij de invulling daarvan gebruikgemaakt zal worden van de kennis en de ervaring die in huis is. Want die is er om er iets goeds van te maken.” Op de slotvraag wat hij belangrijker vindt na 35 jaar werken bij de raffinaderij: de reis of het resultaat, antwoordt de vertrekkend adjunct-directeur van de Refineria Isla Curaçao:

,,Ik ben ambitieus. Ik wilde naar de top, maar heb er niet naar gezocht als doel op zich. Tegelijkertijd heb ik mijn ‘boei’ nooit uit het oog verloren. En één ding weet ik zeker: ik had deze reis niet willen missen.” Dit interview verscheen eerder in de augustus-editie van Nos Isla, een uitgave van Refineria Isla Curaçao, in het Papiaments vertaald door Sydney Joubert.

Opleiding

Karel van Haren doorloopt de basisschool op het Sint Paulus College. Daarna volgt het Radulphus College dat op dat moment nog wordt bestierd door fraters. ,,Frater Serapio, frater Max en Anton. Het was een gedisciplineerde school.” Op zijn zestiende is Van Haren klaar met de havo die dan net is ingevoerd. Hij gaat naar de hts. Op Curaçao.

,,Het onderwijssysteem werd veranderd. De Mammoetwet werd ingevoerd en op Curaçao gaf dat mogelijkheden om een hts op te richten. In samenwerking met de Shell en de HTS Rotterdam. De Antilliaanse HTS heeft een paar jaar bestaan en is daarna overgegaan in de Universiteit van de Nederlandse Antillen (UNA) met veel meer faciliteiten. Ik maakte mijn werktuigbouwopleiding af via de HTS Rotterdam omdat dat in de beginjaren op Curaçao nog niet kon.”

Na de hts gaat Van Haren een jaartje werken om zich vervolgens verder te bekwamen aan de Technische Hogeschool Delft (sinds 1986 Technische Universiteit Delft, red.).

Kleurenblind

In ons gezin is ‘kleur’ nooit een onderwerp geweest. Mijn vader sprak vloeiend Papiaments en mijn moeder vloeiend Nederlands. Ook de opa’s en oma’s van beide kanten hebben nooit een punt gemaakt van het gemengde huwelijk van mijn ouders. Er was ook geen kleur. Er waren familieleden zonder vooroordelen naar ons toe. Pas toen wij op verlof waren naar Nederland kwam ‘kleur’ naar voren. Toentertijd ging je na zes jaar werken op groot verlof naar Nederland. Voor een half jaar. Ik was elf en een vriendje vroeg me hoe dat nou was met ‘een zwarte moeder en een blanke vader’. Dat was voor het eerst dat ik doorhad dat mijn moeder ‘gekleurd’ was. En ik dus ook. Maar het speelde niet bij ons. Ook niet bij de familie van mijn vader in Nederland. En zo is het gebleven. Ik zeg altijd dat ik kleurenblind ben. Veel liever kijk ik naar wat het karakter van iemand is. En daar heeft kleur niks mee te maken.”

Wortels

Karel van Haren wordt op 29 juli 1955 geboren op Curaçao. Hij is de oudste van een gezin van vier jongens. Zijn vader is Nederlander en komt uit Vlaardingen. Zijn moeder is een Van Uyten. Een Curaçaose. ,,Mijn vader zat tijdens de Tweede Wereldoorlog in het verzet. Hij werd opgepakt en in een concentratiekamp gestopt. Hij overleefde en was daarna klaar met Nederland. Via de marechaussee vertrok hij in 1946 naar Curaçao om het politiekorps te versterken.”

Karels vader vindt het prima op het eiland en trouwt er met een Nederlandse. Dat huwelijk strandt. ,,Ik heb er wel een halfbroer aan overgehouden die tot zijn dertiende op Curaçao heeft gewoond.” Een tweede huwelijk volgt met een vrouw uit een ondernemersgezin. ,,Mijn opa, Pedrito van Uyten, zat met zijn winkel op Oost Santa Rosa nummer 105. Hij deed in van alles. Hij had een bar, een slagerij, een kruidenierszaak. En hij zag mogelijkheden. Hij was een van de eersten die een auto had en vervoerde mensen van en naar de Shell-raffinaderij die zich op Curaçao vestigde. Hij was een ‘selfmade business man’. En iedereen hielp mee. Wij ook als kinderen. Ik weet nog dat ik kerosine moest tappen voor mensen om op te koken. Dat zat in grote tonnen die mijn grootvader achter in de winkel had staan. De bonen zaten in balen van jute. Er werd verpakt in papier en alles ging per canna. Er was geen plastic en er werd zo veel mogelijk gerecycled. Van de balen katoen (voor funchimeel) werd bijvoorbeeld kleding gemaakt.”

Het gezin Van Haren woont in eerste instantie op Landhuis Dokterstuin. Karels vader is er de wachtmeester van het Derde District. Van 1956 tot 1961 woont het gezin op Bándabou. De inkt op het Statuut is nog niet zo lang droog en de veranderingen die daarmee gepaard gaan dienen zich in rap tempo aan. ,,We verhuisden naar Santa Rosa. Dichter bij mijn grootouders.” Karels vader wordt inspecteur en hoofd van de geüniformeerde politie op Curaçao en is in die hoedanigheid betrokken bij 30 mei 1969. ,,Mijn vader had een hekel aan geweld. Dat heeft hij aan wat hij gezien heeft in de Tweede Wereldoorlog overgehouden. Ik weet niet of het invloed heeft gehad, maar niet lang daarna heeft mijn vader zijn baan opgezegd om te gaan werken als hoofd security bij de Shell. Hij was 48 en had eigenlijk al zijn pensioenrechten opgebouwd.”

Voor het gezin Van Haren betekende dit dat er veel meer mogelijk werd. ,,Het salaris van politiemensen was sober. Met zijn baan bij de Shell konden wij veel meer doen. Lid worden van Asiento bijvoorbeeld, waar wij als kinderen konden sporten. En in mijn geval waterpolospelen en zeilen. De patat en de loempia’s van Rust en Burgh kan ik me nu nog herinneren. Het waren de jaren 70. Er was niet zo veel te doen op Curaçao. Voor mijn ouders werd het ook leuker. Ze kregen veel meer een sociaal leven doordat zij toegang kregen tot clubs.”

Bron: Antilliaans Dagblad

4 Reacties op “AD | ‘Heel spannende periode voor Isla’

  1. Vroeger was alles beter verhaaltje. Jammer dat ze nu ingaan op de situatie van nu.

    Producten en bedrijven moeten nu eenmaal met hun tijd meegaan. De wereld veranderd en de vraag ook. Anders blijf je een Betamax..

  2. Knap geschreven, op zich ook lezenswaardig, maar het ontwijken van de gehele vervuilingsproblematiek moet een kunst op zich zijn geweest. Zowel de interviewer als de geïnterviewde doen het helaas met verve….duidelijk wie de opdrachtgever is voor dit interview: de vervuiler betaalt en…bepaalt.

  3. Mooi verhaal, maar inderdaad geeft dhr Van Haren zelf al aan dat investeren in een raffinaderij, waar geen winst te behalen is, en waar je afhankelijk bent van de grappen en grollen van een land dat de olie moet leveren, min of meer gekkenwerk is. Temeer daaar het voor hooguit een jaar of 30 zal zijn. Oftewel bij een investering van 5 miljard USD zal er minimaal 200 miljoen USD per jaar uit moeten komen, om alleen de investering terug te kunnen krijgen. Dan hebben we het nog niet eens over winstmaken gehad.

  4. Mooi verhaal. De crux is dat het woord “winst” niet bestaat bij Isla. Een “partner” mag investeren in iets wat geen winst oplevert. Iets voor de bisschop misschien?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *