Opinie | De onkunde of onwil van regering Sint Maarten

Door André Bosman

Tweede Kamerlid André Bosman (VVD)

Met het geld dat Nederland heeft gedoneerd voor de wederopbouw van Sint Maarten is 15 maanden na orkaan Irma nog geen dak gerepareerd, heeft de Algemene Rekenkamer geconstateerd. Volkskrant-journaliste Sheila Sitalsing reageerde vandaag in haar column op het onthutsende rapport van de Rekenkamer over het hoe en waarom. Tweede Kamerlid André Bosman (VVD) is het niet met haar eens.

Met de Nederlandse bril naar de situatie op Sint Maarten kijken. Mevrouw Sitalsing verwijt Nederland dat we te weinig doen voor Sint Maarten en dat de procedures van de Wereldbank te complex en te stroperig zijn.

Nergens lees ik in haar verhaal wat nu precies de taak is van de regering van het autonome land Sint Maarten. Een autonomie op basis van het Statuut waarin staat dat de landen “de eigen belangen zelfstandig behartigen en op voet van gelijkwaardigheid”.

Als Nederlands parlementariër wordt mij keer op keer voor de voeten geworpen dat de bemoeienis vanuit Nederland ongewenst is. Sterker nog, als koloniaal wordt ervaren. Na een ramp als Irma staat ook zeker Nederland klaar om elkaar onderling bijstand te verlenen en zo hoort dat in het Koninkrijk. Maar als er een half miljard Nederlands belastinggeld verdeeld gaat worden op Sint maarten wil de belastingbetaler ook weten dat het goed terechtkomt. Er verschillende opties om het geld te besteden. 1. We maken dat half miljard in een keer over naar Sint Maarten 2. Nederland gaat bepalen hoe het geld besteed wordt of 3. Er komt een onafhankelijke instantie die dat geld beheert en uitgeeft.

Die eerste optie werd mij afgeraden. Niet eens zo zeer door de Nederlandse regering, maar door de lokale bevolking op Sint Maarten. Stuur geen geld naar de regering, zeiden ze, het verdwijnt in de verkeerde zakken. Gezien de zorgen over financieel beheer op Sint Maarten leek dat mij ook geen goede optie. De tweede optie was voor de controle op de bestede gelden misschien handig, maar dan zit Nederland zich te bemoeien met de inhoudelijke besteding van geld binnen een autonoom land. Lijkt mij ongepast en ook ongewenst en was zeker ook vanuit de kant van Sint Maarten geen optie. Blijft alleen de derde optie open en dan ga je zoeken naar een ervaren partij die vaker met dit bijltje heeft gehakt en kom je bij de Wereldbank uit.

Dan nu de vraag waarom het allemaal zo lang duurt en waarom de procedures zo moeilijk zijn. De vraag is of dat zo is. Zo lagen de plannen voor het ziekenhuis al klaar en is daar ook gelijk geld voor gekomen. Het ligt dus aan de aanwezigheid van goede uitvoerbare plannen aangedragen door de regering van Sint Maarten. Het is namelijk hun autonome bevoegdheid om keuzes te maken. Wat je ziet is dat Sint Maarten niet in staat is (of wil zijn) om een organisatie op te zetten om de plannen te stroomlijnen en aan te dragen. Geld is er, maar de plannen niet, of niet volledig. Zo geeft de Rekenkamer aan dat het elektriciteitsbedrijf GEBE plannen heeft ingediend, maar dat die zijn afgekeurd omdat de aanbesteding niet zorgvuldig is. Dan gaan bij mij alle alarmbellen al weer af.

Ik ben nu 8 jaar woordvoerder Koninkrijksrelaties en in die 8 jaar maak ik mij zorgen over de schimmige financiële constructies van de overheidsnv’s in de Caribische landen Aruba, Curaçao en ook Sint Maarten. De bestuurders worden op basis van vriendjespolitiek en politieke kleur aangesteld, geldstromen zijn ondoorzichtig, verantwoording is afwezig en de lokale overheid benut de gelden voor eigen projecten zonder dat er democratische controle over is. Dan ben ik alleen maar blij dat de Wereldbank kritisch is. Dan weet ik dat het geld wat besteed gaat worden ook op de goede plek gaat komen. En dat het het land helpt de governance te verbeteren. Een win-win situatie, behalve voor de bevolking. En dat steekt mij wel. Zolang de regering van Sint Maarten niet het financieel beheer op orde brengt en stappen zet om goed bestuur te waarborgen blijft de bevolking het kind van de rekening. Dan kun de Ombudsman, de Rekenkamer, de AIV en mevrouw Sitalsing keer op keer wijzen naar de verantwoordelijkheid van Nederland, maar daar ligt hij niet. Of we moeten het Statuut opzeggen en weer opnieuw beginnen. Ben ik een groot voorstander van.

Dan ook nog een anekdote of er überhaupt een intentie is om aan de slag te gaan voor een beter Sint Maarten. In juni was de Kamercommissie Koninkrijksrelaties op Sint Maarten om te zien hoe het met de wederopbouw stond. Daar hadden we ook een gesprek met de regering. De minister van Justitie, de heer De Weever, was daar ook. Kenners van de situatie op Sint Maarten weten dat de lokale gevangenis een groot probleem is. Dat was het in 2010 al. Toen is er een plan van aanpak gemaakt om tot verbetering te komen. Daar is nooit iets mee gedaan. Na orkaan Irma was de gevangenis zo beschadigd dat inzet van Nederlandse militairen nodig was om de integriteit van de gevangenis te waarborgen. Toen ik daar kritiek op had was de reactie van de minister van Justitie (de man die verantwoordelijk is voor de gevangenis) letterlijk: ,,Als het probleem groot genoeg wordt op het eiland wordt het vanzelf een probleem voor het Koninkrijk” en hij leunde achterover en lachte nog eens vriendelijk naar mij.

Ik durf hier te stellen dat er krachten op Sint Maarten zijn, bestuurlijk of dicht daar omheen, die alle belang hebben om de Wereldbank uit de besluitvorming te halen en over te gaan tot eerder genoemde optie 1. Stort die 470.000.000 euro maar op de rekening van de regering van Sint Maarten, dan beslist die wel wat goed is zonder pottenkijkers, zonder verantwoording. De vraag is: wordt de bevolking van Sint Maarten daar beter van? Ik weet zeker van niet.

De column van Sheila Sitalsing is hier te lezen.

Andre Bosman,
Tweede Kamer lid van de VVD voor Koninkrijksrelaties

Een Reactie op “Opinie | De onkunde of onwil van regering Sint Maarten

  1. Wim van Sambeek

    De heer Bosman vermeldt niet de vierde meest werkbare optie. Dat Nederland in samenwerking met de regering van Sint Maarten en aldaar aanwezige andere instanties (bijv gele kruis, Mental Health Foundation, SHTA) de bestedingen bepaalt.

    Nu heeft de Wereldbank bijvoorbeeld een bedrijf uit Florida luchtmetingen bij de Dump laten verrichten. Dat bedrijf heeft vervolgens een rapport van dik 250 pagina’s opgesteld dat uit de hulpgelden zal worden betaald. Nu gaat het RIVM dit werk nog eens over doen. Allemaal erg kostbaar en tijdrovend.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *