AD | Huiswerk partijen in Ennia-zaak

Rechter wil gezamenlijke verklaring inzake 100 miljoen dollar | Persbureau Curacao

New York/Willemstad – De zitting in de Ennia-zaak op de tweede dag van het US Bankruptcy Court Southern District in New York is niet voortgezet. De rechter heeft eisers (Ennia Caribe Holding en overige Ennia- entiteiten bijgestaan door de Centrale Bank CBCS) en gedaagde (Ennia- eigenaar Parman International van Hushang Ansary) huiswerk meegegeven.

Volgens de advocaten van Ennia/ CBCS heeft de rechter bepaald dat de strijdende partijen het eerst eens worden over een zogeheten ‘court order’, een gerechtelijke uitspraak, waarin zal staan dat Ennia de beschikking krijgt over 100 miljoen dollar, zoals het Antilliaans Dagblad afgelopen week berichtte. Deze court order moet in gezamenlijkheid op schrift worden vastgesteld.

In een artikel van Debtwire/ Acuris wordt echter gesproken over een ‘settlement’, ofwel een schikking. Het betreft een artikel van Taylor Harrison met een relaas over de rechtszitting. Parman International houdt het daarin op een schikking tussen Ennia en de aandeelhouder. Gemeld wordt dat Ennia ermee heeft ingestemd om mee te werken aan een settlement met Parman, dat zich heeft verzet tegen de erkenning van de Curaçaose noodregeling via de weg van Chapter 15.

,,Na een pauze en daartoe aangespoord door rechter Martin Glenn zijn partijen ermee akkoord gegaan te onderhandelen over een algemene schikking.”

Rechter Glenn gaat komende woensdag op vakantie en heeft aangegeven dat hij voorafgaand daaraan de gezamenlijke verklaring – ‘court order’ volgens Ennia/ CBCS en ‘settlement’ volgens Parman – getekend wil hebben. Zijn besluit over de 100 miljoen is een interim-beslissing van de rechter, aldus de verdediging van Ennia, om te zorgen dat het geld vrijkomt voor Ennia.

Het betreft niet het definitieve vonnis in deze zaak, die feitelijk als inzet heeft ‘recognition’ – oftewel erkenning – van de Curaçaose noodregeling in de Verenigde Staten. De uitspraak op deze recognition-kwestie gaat hij doen in het nieuwe jaar, mogelijk in januari. Rechter Glenn heeft de advocaten van Ennia gevraagd nog aanvullend bewijs aan te leveren, waarna vonnis volgt. In het artikel van Debtwire wordt gesteld dat rechter Glenn de advocaten van Ennia en de Centrale Bank een wettige verklaring heeft verzocht met een uitleg over de met elkaar conflicterende rollen van de CBCS als enerzijds de toezichthouder en anderzijds bestuurder van de Ennia-verzekeringsbedrijven.

Wat opvalt aan het artikel van Harrison is dat gemeld wordt dat de gelden van Ennia Caribe Leven bij Merrill Lynch ‘bevroren’ werden, door middel van een ‘administrative hold’ nadat de Centrale Bank in Willemstad door middel van de door het Curaçaose gerecht uitgesproken noodregeling het beheer kreeg over de Ennia-bedrijven.

,,Tijdens de hoorzitting zijn partijen het erover eens geworden om de bedragen op de rekeningen van Ennia Caribe Leven te ‘unfreezen’, vrij te geven, nadat Parman bezwaar aantekende tegen een voorgestelde deal waarmee volgens Parman waarde zou worden overgedragen aan de bank.”

Belangrijk voor Curaçao en de verzekerden/polishouders is volgens de advocaten van Ennia/CBCS dat Ansary, grootaandeelhouder van Parman en de Ennia-bedrijven, eraan moet meewerken dat Ennia (weer) kan beschikken over de 100 miljoen dollar die op de rekening staat van Ennia Caribe Leven bij Merrill Lynch in Amerika, maar eerder door Parman buiten het bereik van de verzekeringsmaatschappij was geplaatst.

Bron: Antilliaans Dagblad

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *