AD | Regering is onwettig bezig bij GCB

CDM-beroep afgewezen

Regering is onwettig bezig bij GCB

Willemstad – De regering houdt zich niet aan de wet in het geval van het aangezegde ontslag van twee bestuursleden van de Gaming Control Board (GCB), te weten voorzitter John Gorsira en bestuurslid Elbert de Windt. Dat heeft gisteren de advocaat van het tweetal, Frank Kunneman, in het kort geding dat diende naar voren gebracht.

Hij verwijt het land willekeur en ‘detournement de pouvoir’, in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. ,,Maar”, zo stelt Kunneman, ,,daarboven is een groter belang. Als je als regering de wettelijke onafhankelijkheid van een controleorgaan niet op prijs stelt, dan moet je niet de mensen wegjagen, die in dat controleorgaan het hun opgedragen werk doen. Dan moet je de wet veranderen.”

Wat de regering wil is van de GCB een facilitair bedrijf maken en af van het instituut als controleorgaan. ,,Maar dan moet de regering er wel rekening mee houden dat de Financial Action Task Force (FATF) een negatief oordeel geeft”, zo waarschuwt de advocaat.

In een uitvoerig pleidooi geeft hij aan dat dit kort geding plaatsvindt nadat voor de vierde keer een ontslagpoging is gedaan. De argumenten die de regering en de minister van Financiën, George Jamaloodin (MFK), daarbij gebruiken worden door Kunneman weerlegd.

Het bestuur zou volgens de regering tegen de statuten gehandeld hebben door het contract met de directeur, Raynold Nivillac, te verlengen. Kunneman wijst erop dat het niet gaat om een hernieuwde benoeming, zoals in de statuten staat, maar om een verlening, die overigens vanaf 2004 al elk jaar wordt toegekend.

Minister zelf in gebreke

Het tweede argument, dat de herbenoeming van de directeur aan de Stichting Overheids Accountants Bureau (Soab) voorgelegd had moeten worden, wordt van tafel geveegd door wederom te stellen dat het niet om een herbenoeming gaat, bovendien ,,als het om een herbenoeming zou gaan, dan had de minister dat zelf moeten voorleggen aan de adviseur corporate governance.”

Het ontbreken van vertrouwen wordt ook als non-argument bestempeld omdat de regering bestuursleden mag ontslaan op basis van bepaalde in de statuten opgenomen gronden, ,,maar het ontbreken van vertrouwen hoort daar niet bij”, aldus de advocaat.

Hij wijst er nog eens op dat toentertijd de GCB werd opgericht met als uitgangspunt een stichting te creëren die onafhankelijk van de politieke invloed zou functioneren. Daarom worden alleen de voorzitter en de secretaris door de regering benoemd.

Voor twee andere bestuursleden zijn ondertussen bindende adviezen voor de kandidaten Candelaria en Dandaré ingediend die steevast door de regering genegeerd worden, zo stelt Kunneman.

,,Door de invulling na te laten en de voorzitter en secretaris te herbenoemen wil de regering de meerderheid bereiken die akkoord gaat met een verandering van de statuten”, zo beargumenteert Kunneman.

De tegenpartij, de regering, vertegenwoordigd door advocaat Mirto Murray, voert aan dat in het contract van de GCBdirecteur staat dat deze afloopt op het moment dat hij de 60-jarige pensioengerechtigde leeftijd behaalt. Dit is het geval op 5 juni 2011.

Om die reden heeft het bestuur in de personen van De Windt en Gorsira het contract onrechtmatig verlengd. Zeker nadat in herhaalde brieven erop aan is gedrongen Nivillac niet te herbenoemen. De uitspraak is op 3 juni.

Bron: Antilliaans Dagblad
Dossier: Gokken – casino’s & loterijen (FWNK, GCB & illegale loterijen)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *