AD | ‘Wat heeft Land feitelijk gedaan?’

Rechter in zaak Foundation Clean Air Everywhere | Antilliaans Dagblad

Willemstad – De vraag rijst of en, zo ja, welke maatregelen door de Curaçaose overheid zijn genomen om de geconstateerde luchtverontreiniging benedenwinds het Schottegat ook ‘feitelijk’ te verminderen.

Dat schrijft de rechter – met het woord ‘feitelijk’ gecursiveerd afgedrukt in zijn vonnis – in een zaak van de stichting Foundation Clean Air Everywhere tegen het Land, in welke zaak zich hebben gevoegd overheids-nv Refineria di Kòrsou (RdK) en dochterbedrijf Curaçao Refinery Utilities (CRU) maar ook Refineria Isla Curaçao, dochteronderneming van het Venezolaanse staatsoliebedrijf PdVSA.

,,Inmiddels is sprake van een aanzienlijke hoeveelheid onderzoeken naar de luchtkwaliteit benedenwinds het Schottegat en in die onderzoeken wordt steeds gewezen op de mate van de luchtverontreiniging en de risico’s voor de gezondheid daarvan.

Het Land heeft klaarblijkelijk wel actie ondernomen, mogelijk mede naar aanleiding van onderzoeken en juridische procedures, zoals het opdracht geven tot het doen van vervolgonderzoek en het inrichten en in stand houden van meetstations, maar de vraag rijst of en, zo ja, welke maatregelen zijn genomen om de geconstateerde luchtverontreiniging ook feitelijk te verminderen.”

De stichting stelt zich ten doel een bijdrage te leveren aan het oplossen, terugdringen en voorkomen van milieuproblemen op Curaçao, waaronder begrepen de luchtkwaliteit. Het Gerecht in Eerste Aanleg deed onlangs uitspraak. Daarin is bepaald dat het gerecht een comparitie zal gelasten waarbij partijen kunnen ingaan op een aantal door de rechter genoemde punten.

Eventuele andere onderwerpen mogen dan ook aan de orde gesteld worden. Te denken valt, volgens rechter Veling, aan een actualisering van de stand van zaken, bijvoorbeeld in verband met de voorbereiding van het naderende einde van de exploitatie door Refineria Isla/PdVSA van de raffinaderij.

Het gaat in deze procedure om een vordering van Foundation Clean Air Everywhere alsmede dertig personen die woonachtig zijn in het gebied benedenwinds van het industrieterrein aan het Schottegat tegen het Land.

De overheid is volgens eisers aansprakelijk in verband met de luchtkwaliteit benedenwinds het Schottegat. Zij richten zich niet tegen de gevoegde partijen. Die partijen (RdK, CRU en Isla) hebben – zo schrijft de rechter – wel belang bij de uitkomst van het geschil tussen eisers en het Land, omdat een voor het Land negatieve uitkomst uiteindelijk consequenties kan hebben voor hun bedrijfsvoering, maar de uitkomst van deze procedure kan niet zijn dat RdK, CRU en Isla jegens eisers aansprakelijk worden gehouden of worden veroordeeld tot het nemen van bepaalde maatregelen.

Om deze reden is ‘niet relevant’ het betoog van RdK en CRU dat zij niet aansprakelijk zijn en ook niet dat uit eerder onderzoek is gebleken dat de bijdrage van Isla aan de totale hoeveelheid SO2 (zwaveldioxide) onder een bepaalde norm is gebleven. ‘Evenmin is relevant’ het betoog van het Land dat eisers zich dienen te wenden tot Isla en/of CRU omdat die partijen de grootste vervuilers zouden zijn.

,,Het gaat niet om het handelen of nalaten van specifieke vervuilers. Het gaat om de (gestelde) verantwoordelijkheid van het Land voor de luchtkwaliteit.”

Het gerecht ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. In deze zaak heeft nog geen mondelinge behandeling plaatsgevonden. Het gerecht vindt het van belang dat partijen gelegenheid krijgen hun standpunten mondeling toe te lichten en dat van de zijde van het gerecht zo nodig resterende vragen kunnen worden gesteld.

Om deze reden zijn in dit vonnis op verschillende punten nog geen inhoudelijke beslissingen genomen. De zaak zal worden verwezen naar de rol van 28 januari voor akte opgave verhinderdata voor de periode maart tot en met mei 2019, waarna een datum zal worden bepaald.

Bron: Antilliaans Dagblad

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *