Amigoe | ‘Geen onderzoek gedaan naar afluisterapparaat in auto Schotte’

‘Geen onderzoek gedaan naar afluisterapparaat in auto Schotte’

Eldon ‘Peppie’ Sulvaran: ‘Geen onderzoek gedaan naar afluisterapparaat in auto Schotte’

WILLEMSTAD — Er is helemaal niets gedaan met de aangifte van Babelverdachte Gerrit Schotte over de vondst van een afluisterapparaat in zijn auto. Sterker nog, er werd door het Openbaar Ministerie nooit gereageerd op verzoek van de verdediging om de stukken over dat onderzoek te mogen ontvangen.

Dat benadrukte de verdediging Eldon ‘Peppie’ Sulvaran en Paula Janssen gisterochtend in de repliek als reactie op de beweringen van het Openbaar Ministerie dat er wel degelijk onderzoek is gedaan.

Volgens officier van justitie Gert Rip bestaat er twijfel dat het apparaat echt in het voertuig van Schotte werd aangetroffen. “Er is uitgebreid onderzoek gedaan hiernaar en er is zelfs een brief met de resultaten hiervan naar de verdediging en naar Schotte gestuurd. In dat onderzoek is niet vastgesteld of het apparaat in zijn auto werd aangetroffen.” Hij voegde toe dat er geen schade aan de auto van Schotte werd geconstateerd en dat er geen getuigen waren. De aangifte was slechts gebaseerd op de eigen verklaring van Schotte. Bovendien werkte het apparaat ook niet, aldus Rip. Deze hele kwestie was voor het OM daarmee dus gepasseerd. Hiermee benadrukte Rip dat er dus ook geen sprake was van overmacht, zoals de verdediging stelt. Overmacht De verdediging deed een beroep op overmacht, aangezien de overheid Schotte onvoldoende zou hebben beschermd door helemaal niets te doen met de aangifte en hij dus uit overmacht moest handelen. “Vertrouwelijk gevoerde gesprekken in zijn woning waren op geen enkele andere wijze afdoende te waarborgen nu de overheid hem niet tegen deze diep ingrijpende heimelijke inbreuk kon beschermen en hij belang had bij de waarborg van zijn privacy.

Het middel, het type stoorzender, staat in redelijke verhouding tot het doel, namelijk waarborg van zijn eigen privacy”, aldus de verdediging. De verdediging eist dus vrijspraak, indien de rechter van mening is dat er geen redelijke twijfel bestaat voor wat betreft de feiten over jammers, namelijk ‘het voorhanden hebben van technische hulpmiddelen voor onbruikbaar maken, stoornis veroorzaken voor telecommunicatie’ en/of ‘het voorhanden hebben van een radio-elektrische zendinrichting zonder machtiging’. Het gaat volgens Janssen hier om radio-elektrische zendinrichtingsapparaten die in principe bedoeld zijn voor de overbrugging van signalen over zeer korte afstand en die een zeer gering zendvermogen hebben. “Hij heeft ook voldoende aannemelijk gemaakt dat hij in een situatie van overmacht terecht is gekomen.” Het apparaat werd op 6 november 2013 in Schotte’s auto gevonden en op basis daarvan is er een vergadering bijeengeroepen tussen minister van Justitie Nelson Navarro, procureur-generaal (PG) Dick Piar, Schotte en Sulvaran. Die vergadering is op 9 november 2013 gehouden in de kamer van Navarro. Bij die gelegenheid heeft de PG te kennen gegeven dat hij en het OM niets afwisten van de aangetroffen apparatuur, omdat er geen strafrechtelijk onderzoek tegen Schotte liep, benadrukte de verdediging. Op verzoek en aanraden van de PG is toen op 11 november bij de PG een aangifte ingediend. “Pas in januari 2016 heeft de verdediging na het klagen in deze procedure bericht ontvangen dat het strafrechtelijk onderzoek hiernaar is beëindigd. Op het verzoek van de verdediging om de stukken inzake deze beslissing te mogen ontvangen, is niet gereageerd.” Niet-ontvankelijkheid Eigenlijk dient het OM op de eerste plaats nietontvankelijk te worden verklaard in de vervolging van Schotte en zijn partner Cicely van der Dijs hiervoor, aldus de verdediging. Er is geen sprake geweest van een redelijke en billijke belangenafweging, omdat voor zover bekend alleen Schotte en Van der Dijs in soortgelijke gevallen zijn vervolgd. Soortgelijke daders zijn aangepakt middels het in bewaring nemen van de jammers en een schriftelijke waarschuwing van het Bureau Telecommunicatie en Post, alvorens strafrechtelijk in te grijpen. Bovendien waren de frequency jammers niet eens aangelegd. De verdediging benadrukte ook dat anders dan tegenwoordig het geval is, het strafrecht altijd als laatste redmiddel dient te worden ingezet. “Hier is echter geen sprake van.”

Bron: Amigoe

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *