Amigoe | Ruim 3 miljoen verbeurdverklaard in zaak Fiji

20141113-Eldon 'peppie' sulvaran-chester peterson-anthony eustatius-klacht- Foto Dick Drayer -3

Verdediging zaak Fiji gaat in cassatie | Persbureau Curacao

WILLEMSTAD — Het onderzoek Fiji, dat in 2008 is gestart, werd gisteren door het hof na zes behandelingen sinds oktober 2014, gesloten met een uitspraak. Willem van Wijngaarden (Suriname, 48) en Albert Wout de Groof (Nederland, 61) zijn, net als in eerste aanleg, veroordeeld tot respectievelijk 104 en 540 dagen voor medeplegen gewoonte-witwassen in 2008 en 2009 en deelname aan een criminele organisatie van 2003 tot 2009.

Anders dan de eerste rechter heeft het hof op verzoek van de procureur-generaal Leomar Angela wel een beslissing genomen over de in beslag genomen goederen en werd ruim 3 miljoen gulden aan vermogen van De Groof verbeurdverklaard.

Het hof acht ook bewezen dat De Groof zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van valsheid in geschrifte. De verbeurdverklaarde goederen zijn: een vliegtuig (Cessna), een Toyota 4 Runner, een Jeep Cherokee, een boot (Boston Whaler), drie terreinen op Bonaire en de in beslag genomen gelden, namelijk een totaal van 900.000 gulden op diverse bankrekeningen, alsmede 31 goudstaven met een waarde van 2 miljoen gulden. Dit levert een totaalbedrag op van meer dan 3 miljoen gulden. Het Openbaar Ministerie is zeer tevreden met de uitspraak, laat woordvoerder Norman Serphos weten.

De zaak Fiji sleept al acht jaar voort, eerst als zaak van Bonaire en daarna overgenomen door het lokale OM en aangezien de verdediging in cassatie gaat, kan worden aangenomen dat het nog lang niet afgelopen is. Het Fiji-onderzoek loopt dus al sinds de Nederlandse Antillen nog bestonden en werd reeds op 18 december 2009 voor het eerst ter zitting gebracht. De behandeling van deze zaak vond zoals bekend plaats conform wetgeving BES (Bonaire, St. Eustatius en Saba). De zaak heeft betrekking op vermeende beleggingen van uit misdrijf afkomstige gelden in onroerendgoed-projecten, zwaar materieel en goudhandel.

De Groof heeft een drugshandelaar geholpen diens door misdrijf verkregen geld wit te wassen, door dit te investeren in onroerend goed en een betonplant. Daarnaast heeft hij zonder exportvergunning goud uit Venezuela geëxporteerd. Hij heeft de goudstaven daarbij voorzien van vervalste ‘certificates of origin’ en daarvan ook gebruikgemaakt. Volgens het hof had De Groof een leidende en organiserende rol en rekent hem dit dan ook zwaar aan.

Van Wijngaarden heeft net als De Groof, voor wat het witwassen van goudstaven betreft, ontkend dat hij wist dan wel redelijkerwijs moest weten dat het exporteren van Venezolaans goud zonder exportvergunning strafbaar is. Hij voerde aan dat alle betrokken partijen, waaronder Swissport, de douane, de douanerecherche en vliegtuigmaatschappij KLM, de transporten als normaal behandelden. Ook Doorn, iemand die verstand had van goudhandel en aan wie hij enkele documenten had gestuurd, zou tegen hem gezegd hebben dat de goudhandel naar zijn gevoel legaal was. Dit betekende volgens hem dat de goudhandel kennelijk als legaal kon worden gezien, wat hem heeft doen besluiten ermee door te gaan.

Echter, het hof kan niet anders concluderen dan dat hij de exportvergunning wilde omzeilen en geeft hiervoor als reden: de wijze waarop het transport van het goud vanuit Venezuela heeft plaatsgevonden, namelijk met het betalen van smeergeld en het vervoeren van het goud buiten het zicht van de autoriteiten om, via een bootje danwel vliegtuigje. Maar ook het opmaken en gebruiken van vervalste documenten om de oorsprong van het goud te verhullen. Bovendien blijkt uit de bewijsstukken dat hij zelf de handel in kwestie als ‘regelrechte smokkel’ aanduidde. “Dat deed hij niet in vraagvorm. Integendeel, hij poneerde de stelling dat van regelrechte smokkel sprake was.”

Verder blijkt uit het dossier, voor wat deelname aan een criminele organisatie betreft, dat Van Wijngaarden negentien keer aanwezig is geweest bij aankomst van het goudtransport uit Venezuela. Ook dat hij bij aankomst van het goud de airway-bill in ontvangst nam, dat hij erbij stond als het goud gewogen werd en dat hij meeliep naar de kluis waarin het goud werd opgeborgen en wachtte tot de kluis gesloten werd. Hij verklaarde zelf steeds hiervoor 600 gulden te hebben gekregen van De Groof. “Zelfs indien het juist zou zijn dat in Venezuela de wetgeving met betrekking tot uitvoer van goud niet wordt nageleefd, doet dit aan de onwenselijkheid van invoer van goud zonder vergunning niet af, nu het rechtsgoed van de BES daardoor wordt aangetast”, aldus het hof.

De verdediging gaat in cassatie, liet Sulvaran aan de Amigoe weten.

Bron: Amigoe

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *