Amigoe | SSC laat opnieuw steken vallen bij inning oude schulden

SSC laat opnieuw steken vallen bij inning oude schulden

SSC laat opnieuw steken vallen bij inning oude schulden

WILLEMSTAD — In haar poging een studieschuld van ruim 2000 euro uit 1971 mét rente – waardoor het bedrag bijna werd verdubbeld – te innen, heeft Stichting Studiefinanciering Curaçao (SSC) wederom steken laten vallen.

De rechtbank in Leeuwarden vonniste deze week in hoger beroep kort gezegd opnieuw dat de schuld is verjaard en dat SSC niet genoeg haar best heeft gedaan om de verjaringstermijn van dertig jaar te stuiten. Onder andere door het achterhalen van de verblijfplaats van de oud-student na te laten.

Vorig jaar ving SSC ook al in hoger beroep bot bij de rechtbank in Amsterdam bij het innen van de studieschuld mét rente van een oud-student om een zelfde reden, omdat SSC had nagelaten hem tijdig te bereiken. De oud-student was bereid om de SSC-lening uit 1992 terug te betalen, maar zonder de rente die SSC vanaf 2001 tot 2012 had berekend, zodat het bedrag bijna was verdubbeld. De kantonrechter gaf de oud-student gelijk. De hoofdsom van de lening moest worden terugbetaald, maar met een rentebedrag dat liep vanaf 2010 tot 2012, toen de man eindelijk de brief met de lening-specificatie had gekregen.

1971

Uit het vonnis van deze week draait het om een oud-student die in 1971 in Nederland met een beurs van het toenmalige eilandgebied een opleiding van een jaar voor computerprogrammeur/systeemanalist heeft gevolgd. Deze lening moest terugbetaald worden. De inning hiervan werd later overgedragen aan SSC, dat in 1990 werd opgericht. Na haar studie is de student teruggekeerd naar Curaçao, maar vanaf 1990 woonde ze weer in Nederland, waar ze stond ingeschreven in de Gemeentelijke Basis Administratie.

Telegraaf

Eind 2001 werden in een advertentie van SSC in De Telegraaf 350 namen genoemd van oud-studenten, waaronder de vrouw, die hun lening nog moesten terugbetalen. SSC was een proces gestart om de verjaringstermijn van dertig jaar voor deze leningen te stuiten. Maar daarvoor moesten deze oud-studenten ook schriftelijk aangeschreven worden. Pas ruim een jaar later, in 2003, verzond SSC echter een stuitingsbrief aan de vrouw. In totaal vorderde SSC ruim 2100 euro, vermeerderd met de wettelijke rente, die liep van begin 2002 tot begin 2013. Dat kwam neer op ruim 4000 euro. Een verdubbeling van de schuld. De vrouw beriep zich op verjaring. Volgens zowel de eerste rechter in 2013, als het hof deze week, is SSC er niet in geslaagd de verjaringstermijn te stuiten. SSC stelde dat in 2001 de verblijfplaats van de vrouw niet te achterhalen was geweest. Maar de rechtbanken verwierpen dit argument. De gegevens hadden wel opgevraagd kunnen worden via de gebruikelijke kanalen, zoals de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA) persoonsgegevens of het centraal bevolkingsregister.

SSC stelde dat haar in 2001 slechts beperkte onderzoeksmogelijkheden ten dienste stonden om te achterhalen op welk adres de vrouw in Nederland woonde. Maar volgens het hof heeft de organisatie hier onvoldoende onderbouwing voor gegeven. Bovendien is er reeds vanaf 1995 digitale inzage mogelijk van de oude GBA.

En in 2003 heeft SSC de vrouw wel kunnen aanschrijven op hetzelfde adres waar ze in 2001 ook stond ingeschreven. Waarom dat niet eerder gelukt was, toen de verjaring nog tegengegaan had kunnen worden door stuiting, daar heeft SSC geen antwoord op gegeven.

In de wet staat dat op de schuldenaar geen algemene verplichting rust om adreswijzigingen aan diens schuldeisers door te geven. Dit betekent dat de kantonrechter het beroep van de vrouw op verjaring terecht heeft gehonoreerd.

Bron: Amigoe

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *