Aov-wet in Centrale Commissie Staten

57- en 58-jarigen kunnen datum ingang aov kiezen

bejaardenWILLEMSTAD — In het eindconcept van de wijziging van de Landsverordening Algemene Ouderdomsverzekering (aov) en de Landsverordening Algemene Weduwen- en Wezenverzekering (aww) is opgenomen dat 57- en 58-jarigen zelf mogen bepalen wanneer zij met pensioen gaan. Zij zullen echter met 6 procent worden gekort op elk jaar dat zij eerder met pensioen gaan.

De regering is voornemens om de nieuwe aov-wet per 1 maart van dit jaar in te laten gaan.
De behandeling in de Centrale Commissie van de Staten staat gepland voor volgende week woensdag, 20 februari, om negen uur ‘s ochtends.
Dit houdt in dat de aanpassing in een openbare vergadering binnen uiterlijk acht dagen hierna in een openbare vergadering van de Staten aan bod moet komen, wil die per 1 maart ingevoerd kunnen worden.
Reden hiervoor is dat zonder maatregelen te treffen het aov-fonds vanaf augustus niet meer in staat zal zijn om aan zijn verplichtingen te voldoen.
Dat heeft de regering uitgerekend.

De wetsaanpassing gaat uit van de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd van 60 naar 65 jaar.
In de praktijk komt dit erop neer dat iedereen die op 1 maart 56 jaar of jonger is op zijn of haar 65e met pensioen zal gaan.
Verzekerden die op het tijdstip van de inwerkingtreding van deze landsverordening 57 of 58 jaar oud zijn, hebben de mogelijkheid om te bepalen op welke leeftijd, variërend van 60 tot en met 65 jaar, zij hun recht op de ouderdomsverzekering willen of zullen doen gelden.
Daarbij geldt wel dat voor elk jaar dat de verzekerde vóór de 65-jarige leeftijd met ouderdomspensioen gaat, hij 6 procent minder ontvangt van het in het jaar waarin hij met pensioen gaat geldende ouderdomspensioen.
In de gewijzigde wet is ook opgenomen dat de aov niet meer jaarlijks geïndexeerd zal worden in verband met de stijging van de kosten voor levensonderhoud op het eiland.

De indexering zal nu alleen plaatsvinden als er sprake is van reële economische groei, dat wil zeggen (nominale) economische groei minus inflatie.
Hiernaast wordt de inkomensgrens van de aov ook verhoogd tot 100.000 gulden per jaar.
In 2012 bedroeg de loongrens nog 93.000 gulden.

Personen die meer dan 100.000 gulden per jaar verdienen betalen een extra premie van 1 procent over het bedrag boven de 100.000 gulden per jaar.
Ook de totale aov-premie wordt verhoogd met 2 tot 15 procent.
Op dit moment betaalt de werkgever 7 procent, terwijl de werknemer 6 procent betaalt.
Deze extra twee procenten komen voor rekening van de werkgever, staat in de nieuwe wet vermeld.
De aanpassing van de aov heeft ook gevolgen voor de opbouw van het aovpensioen.
Op dit moment bedraagt deze periode 45 jaar, van het 15e tot het 60e jaar.
Maar door de nieuwe wet wordt dit van 15 tot en met 65 jaar. Een opbouwperiode van 50 jaar.

 Leeftijd

Het is niet voor het eerst dat de pensioengerechtigde leeftijd op Curaçao wordt aangepast.
Tot en met 1974 was de leeftijd waarop men in aanmerking kwam voor een aov-uitkering nog 65 jaar.
Vanaf 1975 werd die in twee stappen verlaagd naar 60 jaar.
Op 1 januari 1975 werd de aov-leeftijd verlaagd van 65 naar 62 jaar, terwijl die op 1 januari 1991 nog verder omlaag ging tot 60 jaar.
In de Memorie van Toelichting behorende bij de aanpassing van de Landsverordening Algemene Ouderdomsverzekering, die uitgaat van een verhoging van de aov-leeftijd van 60 naar 65 jaar, wordt kritisch gekeken naar de verlaging van de pensioengerechtigde leeftijd tussen 1975 en 1991.

“Zonder bijbehorende maatregelen ter compensering voor de gederfde inkomsten hebben (deze verlagingen, red.) ook bijgedragen tot blijvende verminderde inkomsten voor het
aov-fonds.”

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *