BD | Bossche rechter is bezuinigingen beu en dient ontslag in

Rene van der Lee | Brabants Dagblad

Rechter Alfred Roosmale Nepveu in een van de zittingszalen in het Bossche Paleis van Justitie © Marc Bolsius

DEN BOSCH – Ruim dertig jaar was Alfred Roosmale Nepveu rechter in Den Bosch. Binnenkort loopt hij voor het laatst het Paleis van Justitie uit. ‘Door de voordeur’, zónder ruzie. Maar wél met een somber gevoel over de toekomst van de rechtspraak, die al jaren ernstig gebukt gaat onder Haagse bezuinigingen. Zijn pessimisme deed de 61-jarige Roosmale Nepveu besluiten om ‘de handdoek in de ring te gooien’ en een paar jaar eerder dan verwacht zijn ontslag in te dienen.

,,Omdat ik niet denk dat het de komende jaren beter zal gaan, ben ik mijn knopen gaan tellen: waarom zou ik nog doorgaan?”

Strafrecht, familierecht, civiele zaken, kantonrecht: de in Oss wonende Roosmale Nepveu deed het allemaal. Zijn loopbaan leverde hem ontelbare ‘boeiende inkijkjes in de samenleving’ op: van een afscheid vol verbittering is dan ook geen sprake. Maar zeker de laatste jaren kon hij zijn ‘schitterende beroep’ niet meer uitoefenen zoals hij dat wilde. Een mislukte digitalisering, bezuinigingen op de griffie en een steeds krappere bezetting maakten dat Roosmale Nepveu steeds minder tijd kon steken in de vonnissen die hij moest vellen. ,,Daar kreeg ik meer en meer last van.”

Noodkreet in vonnis

In functioneringsgesprekken en vergaderingen met het bestuur van de rechtbank legde hij zijn kritiek meerdere keren op tafel. ,,Jonge collega’s zeiden vaak tegen me; Alfred, als jij het niet meer zegt, wie dan nog wel?” En in een vonnis dat hij op 19 december publiceerde, deed hij zelfs openlijk zijn beklag over de ‘veelheid aan te behandelen zaken, de daaruit voortvloeiende drukke werkzaamheden en een krap bezette rechtbankorganisatie’. Het was een ‘noodkreet’, zegt hij. Eentje die hem veel bijval opleverde van collega-rechters. ,,Maar van mijn eigen bestuur heb ik niets vernomen. Ik hou het er maar op dat ze zich niet hebben willen mengen in mijn rechterlijk oordeel. Als dat zo is, hebben ze het goed gedaan” .

Het vrijdag verschenen rapport van de Commissie Visitatie Gerechten maakt ook al op indringende wijze melding van de ernstige problemen waarmee de rechtspraak in Nederland kampt. Meer nog dan de bestuurders van de rechtbank draagt de politiek hier schuld aan, vindt Roosmale Nepveu. ,,De politiek heeft niet heel veel op met de bescherming van het recht. Er is te weinig erkenning voor de zin en het nut van ons werk voor de samenleving. Maar voor een nette rechtsorde heb je goed functionerende rechters nodig. Als je wilt dat wetten worden nageleefd en wilt weten of die wetten wel werken, moet je in de rechtbank zijn. De politiek maakt de wetten en doet dus ook zichzelf tekort.”

De politiek heeft niet veel op met de bescher­ming van het recht

Alfred Roosmale Nepveu, rechter

Roosmale Nepveu wijst op het toenemend aantal strafbeschikkingen, waarbij het Openbaar Ministerie burgers straffen oplegt zonder dat er een rechter aan te pas is gekomen. En op de verhoging van de griffierechten die betaald moeten worden om een civiele rechtszaak te beginnen. De generieke bezuinigingen die de rechtbanken voor hun kiezen kregen. Allemaal zaken die in gang werden gezet onder het bewind van Ivo Opstelten, die van 2010 tot 2015 namens de VVD minister van Justitie was. Het was in die jaren dat de ‘rechtsstatelijkheid’ beetje bij beetje moest inschikken voor een beleid van repressie en ‘keihard aanpakken’, analyseert Roosmale Nepveu.

,,Jammer dat dat uitgerekend onder een VVD-minister gebeurde, want het liberalisme stond nota bene aan de wieg van onze mooie rechtsorde. De burger wordt nu meer en meer aan zijn lot overgelaten, het belang van het individu kalft af.”

We zijn te gedwee geweest

Alfred Roosmale Nepveu, rechter

De rechters hebben het allemaal laten gebeuren, erkent Roosmale Nepveu, die ook enkele jaren vice-president was van de rechtbank in Den Bosch. ,,We zijn te gedwee geweest”. Het heeft ook te maken met de aard van het beestje, vermoedt hij. ,,Rechters zijn meestal beschouwende types. Enerzijds, anderzijds, zo zijn rechters. Dat heeft ons wel parten gespeeld. Daarom heb ik zo veel respect voor de rechters die zich vorig jaar verenigden in de groep Tegenlicht en een brandbrief schreven aan de Tweede Kamer. Dat deden ze uit loyaliteit, het was echt geen ruziemaken om het ruziemaken.”

Maar uit het feit dat hij toch zijn ontslag indiende, mag worden afgeleid dat Roosmale Nepveu er niet gerust op is dat de ‘dappere’ Tegenlicht-groep wezenlijk iets gedaan krijgt van ‘de politiek en de beroepsbestuurders’.

Eén van zijn twee zonen voltooide onlangs zijn rechtenstudie. ,,Maar hij heeft voor de advocatuur gekozen. Gelukkig, zeg ik nu. Misschien komt er een moment dat de wal het schip keert, daar moeten we maar op hopen.”

Bron: Brabants Dagblad

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *