Boca Simon, een verborgen parel

Zone Steenrijk

Gerald Nicolaas: “We willen buurtkinderen van de straat houden.”

Gerald Nicolaas: “We willen buurtkinderen van de straat houden.”

Tussen het chique Avila Hotel en het luxueuze vijfsterren- resort Baoase ligt Boca Simon, een volksbaai met een verpauperde vissershaven en een Jeu des Boulesveldje. Als je het niet weet, kom je niet op het strand dat verborgen ligt achter volkswoningen. Boca Simon valt in de zone Steenrijk met wijken als Marie Pampoen en Kustbatterij en de straten Penstraat, Poeraristraat, Grebbelinieweg en Bramendiweg.

Nas, de eigenaar van Dive Nas, zit voor zijn duikschool met zijn gezicht naar de zee. Voor hem op tafel staat een bord krioyo-eten. Twee jaar geleden opende hij zijn bedrijf op Boca Simon. Overwegend toeristen weten zijn duikschool te vinden. Het koraal aan de kustlijn schijnt adembenemend te zijn. Zeven dagen per week ontvangt hij duiktoeristen.

“Vandaag is het stil, maar er zijn ook dagen dat ik een stuk of vijf duikers krijg”, zegt Nas.

Hij is ook degene die een grote groen geverfde houten tafel met zitplaatsen aan de buurt heeft geschonken. Een party-tent houdt de zonnestralen tegen, waardoor bezoekers van het strand beschut van het uitzicht kunnen genieten. Een half uur later komt Gerald Nicolaas, de beheerder van Boca Simon, aangelopen. In juli kreeg Fundashon Boca Nobo, waar hij voorzitter van is, de beheersovereenkomst van de overheid. Zijn doel is het strand en de faciliteiten te restaureren. Een waterbrug, golfbrekers, snackbar, faciliteiten voor de vissers en een pier moeten er volgens hem komen. Seaquarium heeft zand voor het strand toegezegd. De bouwtekeningen heeft hij klaar. Nu nog de overheid en andere sponsoren overtuigen van zijn plan. Zijn hart ligt bij de buurt, zijn geboorteplaats.

“Ik woon hier al 37 jaar. De laatste 13 jaar hebben we bij de overheid aangeklopt voor een beheersovereenkomst”, zegt Nicolaas.

Pas dit jaar vonden ze bij de overheid een luisterend oor. Onlangs is er tegen hem gezegd dat de overheid ook financieel wil bijdragen.

Twee jongens komen met hun dagvangst aanlopen. Ze leggen een jutezak met zeekat en kiwa voor zijn voeten neer

Twee jongens komen met hun dagvangst aanlopen. Ze leggen een jutezak met zeekat en kiwa voor zijn voeten neer

“We willen buurtkinderen van de straat houden. Door hier activiteiten te organiseren, hebben ze iets te doen. Al twaalf jaar organiseert de stichting een Sinterklaasfeest. Vorig jaar hadden we 275 kinderen gehad. Ze kregen elk een cadeau, een zak met snoep, limonade, sap, een pasteitje en een krentenbol”, vertelt hij trots.

“We hebben ze zelf gevangen. Van negen uur ‘s morgens tot een uur ‘s middags zaten we bij het water”, zegt Calvin.

Een kwartier later ligt de met citroen gemarineerde zeekat op de barbecue. Het leven van vroeger Frensly Wilson zit samen met zijn moeder en zijn vrouw rond de grote houten tafel. Ze houden een familiedag met zijn zus en broers en de familie van zijn vrouw. De twee oudste kinderen van het gezin zijn vlak bij Boca Simon geboren. Hier kwamen ze elk weekeinde in de vakanties.

“Het leven hier was goed”, zegt Dora, die vroeger in de Penstraat woonde.

“Op mijn vijftiende kreeg ik mijn eerste kind. De twee oudste kinderen zijn daar geboren. Daarna verhuisden we met het gezin naar Monte Verde. Vroeger was alles goedkoper. Voor 1 gulden en 50 cent kreeg je een kilo piska kòrá. Drie bakbanen kosten toen een kwartje. Een pond kabeljauw een gulden en schoenen slechts twee gulden. Moeders brachten vroeger hun kinderen groot met afgedankte spullen van de Amerikanen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Iets verderop had je de Koeskoes. Daar brachten de Amerikanen, Puerto Ricanen, Surinamers en Nederlanders hun overschotten. Hun restjes vlees en dozen met eieren gooiden ze daar weg, omdat ze wekelijks een nieuwe voorraad kregen. ‘s Ochtends gingen de vrouwen dan daarheen om die spullen te pakken”, vertelt Dora.

Haar zoon Frensly vertelt hoe hij als kind dol was op zwemmen en diep dook tot waar de grond steil omlaag ging. Daar waar het water donkerblauw is.

“Ik wilde vroeger een vis zijn, zo dol was ik op het water.”

“Hij woonde daar waar nu de duikschool is”, zegt Frensly. “Hij had veel kinderen, minstens twintig.”

Het strand is vernoemd naar de visser Simon.

Het strand is vernoemd naar de visser Simon.

Wijlen Simon Felida komt oorspronkelijk uit Bonaire. Naar hem is het vissershaventje ook vernoemd. Dat staat in het Buurtprofiel van Steenrijk, dat door het ministerie van Sociale Ontwikkeling is uitgegeven. De twee eerste woonkernen in zone Steenrijk werden gevormd door een tweetal landerijen in de Oost-divisie, genaamd Steenrijk en Maria Pompoen. De eerste koopakte van landerij Steenrijk, waaraan de betrokken zone haar naam te danken heeft, heeft als datum 20 mei 1804 en staat op naam van Philip St. Jago Leyba. De eerste koopakte van landerij Maria Pampoen staat op naam van Jan Hendrik Specht. De aktedatum is 7 januari 1791. Later zou Maria Pompoen onder de naam Marie Pampoen uitgroeien tot een grote volkswoningwijk, die samen met de wijken Steenrijk en Kustbatterij de hoofdwijken van zone Steenrijk vormt. De naam Kustbatterij is afkomstig van een kustbatterij die in 1940 tijdens de Tweede Wereldoorlog ter plaatse is gebouwd. Dit ter verdediging van het eiland tegen Duitse U-boten die soms dicht bij de kust kwamen. De batterij, die onder supervisie van marineofficier Emile Dankmeijer stond, had een sterkte van 91 man. Er bestaan nog ruïnes van de batterij aan het einde van de Kaya Adawama: met name een schietbunker met loopgraven die naar de wijk Kintjan leiden. Steenrijk is gedurende lange tijd een beboste zone geweest. Hierin kwam echter een drastische verandering met de komst van de industrialisering in het eerste trimester van de 20e eeuw. Als gevolg van de vele arbeidsmogelijkheden gecreeerd door de olie- en fosfaatindustrie, alsook de groeiende handel, kende Curaçao een continue immigratiestroom. Dit leidde ten slotte tot een acute woningnood. De overheid reageerde hierop in eerste instantie door het beschikbaar stellen van een aantal erfpachtgronden en later met het opzetten van een groots volkswoningproject in de zone. De erfpachtgronden lagen vooral langs de grote wegen, wat duidelijk te zien is aan de daar gebouwde particuliere

Tussen het chique Avila Hotel en het luxueuze vijfsterren-resort Baoase ligt Boca Simon.

Tussen het chique Avila Hotel en het luxueuze
vijfsterren-resort Baoase ligt Boca Simon.

woningen. Ook bestond de mogelijkheid voor aankoop of huren van grond van particuliere grondbezitters. Op deze huurgronden vestigden zich vooral immigranten van de Engelse Caribische eilanden en Bonairianen. Dit is duidelijk te zien aan de bouwstijl van de vele houten huizen in de Oranjestraat en daarachter. Evenals de rest van het eiland leefde ook de bevolking van zone Steenrijk in de periode tussen de afschaffing van de slavernij tot ongeveer 1925 in hoofdzaak van landbouw, veeteelt en visserij. Een aantal monsterde op latere datum ook aan op zeilschepen en stoomboten of emigreerde naar andere landen, op zoek naar een beter bestaan. Uiteraard had je ook de ambachtslieden, zoals onder anderen timmerlui, metselaars, ijzersmeden, goudsmeden, en de huisnijverheid. Ook het laden en lossen van schepen op de erven in de St. Annabaai vormde een alternatief. Het was een armoedig bestaan. In deze situatie kwam na 1925 een drastische verandering met de intensivering van de olie- en fosfaatindustrie alsook de handel, het hiermee verband houdende ontstaan van nevenbedrijven en later de uitbreiding van de mogelijkheid om in overheidsdienst te treden. Het gemiddelde maandelijkse inkomen van bewoners van Steenrijk bedraagt nu 2.752 gulden.

Bron : Amigoe

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *