Chinezen geen oorlogsslachtoffer

Er zijn drie samenvattingen van de bevindingen van het onderzoek gemaakt waarvan één in het Chinees. Hier een pagina met als illustratie hoe Chinezen in Oost-Indië behandeld werden.  ILLUSTRATIES MICHIEL TAN

Er zijn drie samenvattingen van de bevindingen van het onderzoek gemaakt waarvan één in het Chinees. Hier een pagina met als illustratie hoe Chinezen in Oost-Indië behandeld werden.
ILLUSTRATIES MICHIEL TAN

Willemstad – Het is bijna 4 mei, de dag dat in het Koninkrijk stilgestaan wordt bij de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog.

Advertentie

Nizaar Makdoembaks, voorzitter en penningmeester van de Stichting Eerherstel Oorlogsslachtoffers Curaçao (SEOC) is teleurgesteld over de afwijzing van de minister van Koninkrijksrelaties, Ronald Plasterk, om 15 op Curaçao in 1942 vermoorde Chinezen te erkennen als oorlogsslachtoffers.
April MoordenDe Curaçaose regering heeft intussen 20 april wel tot ‘nationale herdenkingsdag van de Aprilmoorden’ uitgeroepen en de gewelddadige dood op die dag in 1942 van de Chinezen erkend. Minister Plasterk liet de stichting onder meer weten ‘geen aanleiding te zien nu nog een onderzoek naar de uiteindelijke toedracht te entameren’.

Plasterk in zijn schrijven:

,,Ik zie ook geen reële mogelijkheden om nabestaanden te achterhalen of onderzoek te doen naar de overlevenden en wat er met hen na het verblijf op Curaçao is gebeurd (zo ik daartoe al gehouden zou zijn).” Makdoembaks deed inmiddels wel uitgebreid onderzoek naar de familie en nabestaanden, hoorde nieuwe getuigen aan en documenteerde alles in een boek getiteld ‘Chinezen gekwetst in Oost en West’.

Chinezen gekwetst in Oost en West’Het voorval van de Aprilmoorden speelde zich af in kamp Suffisant op Curaçao waar Chinese contractarbeiders, stokers van de Curaçaose Scheepvaart Maatschappij (CSM, onderdeel van Shell), waren geïnterneerd omdat ze staakten voor betere arbeidsomstandigheden en betere beveiliging tegen het oorlogsgeweld in de regio.
De Chinezen kwamen uit Rotterdam en werkten veelal op schepen van CSM om de oorlogsindustrie aan de gang te houden.
Het breken van deze staking werd een opzettelijk gewelddadige, nodeloze en willekeurige actie waarbij het optreden van ordebewakers en de autoriteiten aan vijftien onschuldige burgers het leven kostte, de enige slachtoffers die op Curaçao vielen tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Het is om deze reden dat de Nederlandse Staat verzocht werd om alsnog verantwoording af te leggen voor haar daden van toen of in ieder geval alsnog genoegdoening te schenken aan de nabestaanden van destijds vermoorde en gewonde Chinezen.
Er zitten volgens SEOC nog vele hiaten in de waarheidsvindingen.
Zo houdt de Staat belangrijke stukken achter, zoals autopsierapporten.

,,Er is veel in de doofpot gestopt. Uit het onderzoek blijkt dat de dood van de Chinezen mogelijk werd gemaakt door regelingen die speciaal door de oorlog tot stand kwamen. Reden waarom deze Chinezen terecht oorlogsslachtoffers genoemd mogen worden”, aldus Makdoembaks.

Hij vervolgt: ,,Plasterk beroept zich op dezelfde onderzoeken die destijds al door de autoriteiten werden gebruikt om de zaak zo snel mogelijk uit beeld te krijgen. Volgens SEOC valt er heel wat af te dingen op de volledigheid van die onderzoeken en het gemak waarmee er ook meer dan 70 jaar na dato weer op wordt vertrouwd. SEOC is constant bezig met archiefonderzoek om zo veel mogelijk documenten rondom de gebeurtenissen boven tafel te krijgen en daarover te publiceren. De stichting is dan ook erg blij met erkenning door de regering van Curaçao. Bij de Nederlandse overheid is men duidelijk veel minder bereid het gebeurde onder ogen te zien en de zoektocht naar de waarheid te ondersteunen.”
oorlogs slachtoffers-2

Naschrift

Begraafplaats Kolebra Bèrdè

Kort na de schietpartij werden de Chinezen begraven op de ongewijde begraafplaats Kolebra Bèrdè in de wijk Cas Chiquito tussen prostituees, ongewijde kinderen en andere ‘heidenen’. De pers kreeg destijds een verbod om over het incident te schrijven. Bij de Parlementaire Enquête naar het regeringsbeleid in de Tweede Wereldoorlog werden de ‘Aprilmoorden’ niet belangrijk genoeg gevonden om te onderzoeken. Inmiddels is duidelijk dat de schietpartij plaatsvond in opdracht van het Openbaar Ministerie en CSM. Naast bewakingsmensen van CSM waren hier ook politiefunctionarissen en militaire politie bij betrokken, wat van de zaak een staatsaangelegenheid maakt, aldus SEOC. Getuigenisverklaringen in 2012 van de schutters Mauricio Stefania en Julio Francisca bevestigden de standrechtelijke executie van de stakers. De begraafplaats werd in 2003 gewijd en in 2007 tot Nationaal Monument gedoopt.

Bron: Antilliaans Dagblad

Advertentie

back home

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *