Column Vaders | Landen van lafenis (5)

Column Hans Vaders | ‘The Place

Column Hans Vaders | Landen van Lafenis – Gstaad (Zwitserland)

Column Hans Vaders | Landen van Lafenis – Gstaad (Zwitserland)

Het is die bewuste avond tegen het eind van december bitter koud, roerig en druk op het Amsterdamse Centraal Station. Waterdamp walmt op uit de verwarmingsroosters bij het perron. De inmiddels verkilde reizigers lachen; vrolijkheid, plezier. De nachttrein naar de bergen wacht.
Het sporen met zo’n trein door een slapend spookachtig landschap heeft altijd zo zijn magische charmes.

Ons reisgezelschap van zes heeft in ieder geval genoeg essentiële proviand meegenomen: kwistig belegde boterhammen met rookvlees en oude leidsekaas, rijst met ham en ei, flessen jenever en een krat bier. Zo valt de nacht wel door te komen.

De trein zet er na de grenscontrole – het is immers begin jaren zeventig zonder Schengen-akkoord – door Duitsland flink de sokken in. Lichtjes flitsen voorbij. Eenvoudige stulpen uiteraard bevolkt door eenzame boeren, dromerige onschuldig ogende stadjes. Verlaten door naakt neonlicht verlichte stations omringd door een muur van unheimisch zwart. Natte sneeuw kleeft tegen de beslagen ruiten.

De volgende morgen schijnt er slechts een flauwe zon. Een groen heuvelachtig landschap. Sneeuw valt evenwel nergens te bekennen. Maar we zijn nog wel een paar honderd kilometer verwijderd van ‘The Place’ zoals Time Magazine in de jaren 60 het mondaine skioord noemde. Het wordt langzamerhand bergachtiger. Hier en daar zijn stroken vuilgele restsneeuw langs de smalle zich naar de dalen slingerende wegen te zien. Dan begint de trein aan een bijna eindeloze klim en stopt daarna abrupt bij een kleine pleisterplaats: Gstaad in het Berner Oberland. Het châlet is perfect. De slaapkamers voorzien van grote dekbedden gevuld met eendendons. ‘s Nachts begint het heftig te sneeuwen. Meters sneeuwwitte maagdelijke verse sneeuw.

Gstaad wordt door velen één van de meest exclusieve en dure skiresorts ter wereld genoemd. Zo heb ik dit nooit ervaren als je maar niet – tegen een modaal maandsalaris – gaat dineren in het Gstaad Palace Hotel waar Liz Taylor en Richard Burton een vaste gastentafel bestierden. Datzelfde gold voor James Bond-acteur Roger Moore, de Franse zanger Johnny Hallyday, cinéast Roman Polanski, prins Reinier van Monaco en Grace Kelly en vele, vele anderen.

Hapjes Gstaad Palace Hotel

Hapjes Gstaad Palace Hotel

Nee, in de lokale buurtsuper vind je tegen redelijke prijzen ook alles van je gading, van een prachtige Emmenthaler tot vers gevangen beekforel. In die zo mooie jaren kookte ik nog weleens op verzoek voor vrienden en dat wordt dan diezelfde avond een simpele maaltijd met de bewuste forel, diverse soorten groenten, in olijfolie met zorg gebakken dunne schijfjes aardappel en als dessert een combinatie van een aantal contrasterende Zwitserse kazen. Het sneeuwt nog steeds. Dat schept sfeer. Dikke vlokken en bij goed weer kan er de volgende morgen reeds geskied worden.

De cuisine brengt de cultuur van een land tot leven. Zo produceert Zwitserland zo’n 450 variëteiten kaas. De grazige alpenweiden en groene vruchtbare valleien bieden uitstekende volle melk en dit zorgt er ook voor dat iedere kaas zijn eigen karakter en specifieke smaak heeft. Bestel verder eens een älplermakkaroni, macaroni met kaas, een fondue of een salsiz, kruidige, hartige worst. Het is alles van grote klasse wat in het Alpenland geserveerd wordt. ‘Und pfeffer oké, aber nicht versalzen’, zegt onze oude tanige skileraar.

Gstaad-Hans Vaders

Dikke vlokken over sprookjesachtig Gstaad

Dat skiën. Prachtige hellingen, veel diepe sneeuw, hier en daar een moeilijk verijsd gedeelte. Mijn compagnon in de treklift – in dit geval voor de kenner een zogenoemde T-lift – verliest in een onbewaakt ogenblik zijn evenwicht en duikt uit zicht over een glooiing, terwijl ik wiebelend, vrijwel geheel uit balans, verder omhoog getrokken word. Hij blijkt naderhand acht meter te zijn gevallen en wordt met een zwaar gekneusde enkel met de ambulance-slee afgevoerd naar de eerste hulp. Het zit allemaal niet mee. We zijn per slot van rekening slechts ski-amateurs in deze vreemde witte wereld.

Dan maar het restaurant met het grote zonneterras op de top van een berg. Dat samen met Toon en Rietje Hermans. We eten gezamenlijk een voortreffelijke boerenschnitzel. Er zijn geen hekken of opgemetselde muurtjes rond het complex. Toon en ik lopen in de sneeuw naar de rand. Beneden ons strekt zich een bijna peilloze diepte uit met in de verre verte het glinsterende lint van een beek. Beekforel, ik heb er wel weer zin in.

In die tijd had ik nog niet te kampen met enige mate van hoogtevrees. Die kreeg ik pas jaren later in de Andes. Toon en ik staren nog een keer de afgrond in waar je zo maar in kunt glijden. Not the place to be. ‘Diep hé’, zegt Toon met zijn kenmerkende diepe bas. Ik kan dat statement alleen maar beamen.

Lees meer…

Bron: Facebook Hans vaders

Landen van lafenis – serie columns van auteur Hans Vaders over de cultuur van eten en drinken in diverse verschillende landen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *