Column Youp | Emotieregulator

Youp van ‘t Hek voor NRC Handelsblad | Emotieregulator

Deze week sprak ik mijn mond voorbij. Een oudemannenkwaal. Ik vertelde ergens dat ik overweeg om op mijn zeventigste verjaardag mijn laatste voorstelling te spelen. Liefst in Carré. Dat is pas over vier jaar. Dus voorlopig heb ik nog tijd. Ga ik het halen? Hoe loop ik er dan bij?

Ben ik dan fitter dan Madonna nu? Zij is mijn grote voorbeeld om op tijd op te zouten. Want dat wil je toch niet? Dat je met die ooglap van een showtrap stuitert voor een paar honderd miljoen kijkers. Hoewel? Ik las dat ze er nog een godsvermogen voor kreeg. Maar heb je daar wat aan nu de bank nul procent rente geeft? Nee, het valt niet mee om rijk te zijn.

Wat ik ga doen na mijn zeventigste? Niet aan de drank. Dat was deze week een goede tip van Frits Wester, die tot op de druppel nauwkeurig aan Eva Jinek wist te melden hoeveel glazen hij dagelijks tot zich nam. Een ongezellige hoeveelheid. Maar wel knap dat hij nog het exacte aantal wist.

Ik ken een aantal jongens in mijn omgeving dat de glazen niet meer telt. Die lopen ’s morgens uit de douche regelrecht naar de ijskast voor hun eerste wodka-jus. Dat ziet er trouwens gezond uit aan de ontbijttafel. En ze functioneren er opvallend goed op. In kringen van de stevige drinkers is het algemeen bekend dat je wodka niet ruikt. Klopt. Maar je hoort het wel.

Wat ik wel ga doen? Elektriek fietsen met mijn vrouw? Die kans is klein. Dat doe ik mijn vrouw en die fiets niet aan. En ook de rest van het verkeer niet. Op een golfbaan zal je me ook niet terugzien. Praatjes vullen geen gaatjes. Voor mij dus zinloos.

En u ziet mij zeker niet bij Omroep MAX. Daar zag ik wel de bejaarde weerman Pietje Paulusma vlak voor een Journaal vertellen wat voor weer het werd. Datzelfde Journaal sloot ook af met een weerbericht. Ja, je kunt het de demente kijkers niet vaak genoeg uitleggen.

Maar wat dan wel? Mijn vrienden maken zich zorgen. Je kunt het je vrouw toch niet aandoen dat je de hele dag als een mondiale Angela de Jong tegen haar gaat zitten ouwehoeren? Dit was de algemene vriendenopinie deze week.

Maar dat ga ik ook niet doen. Ik kies voor een avatar. Een virtueel persoon in mijn computer die geduldig luistert naar mijn kwalen en verhalen. En mijn successen uiteraard. Dat ik nog één keer per maand los mag over die vele uitverkochte weken in Carré. Heerlijk! Las deze week in mijn ochtendblad dat zo’n figuur, ook wel een emotieregulator genoemd, de toekomst heeft. Dat je daar meer aan hebt dan aan een beste vriend of vriendin die je slappe zeikverhalen en suffe echtscheidingsanekdotes wel kennen. Half China schijnt al aan de avatar te zijn.

Dus je komt thuis, zet je laptop aan en vertelt aan je beeldscherm hoe eenzaam je bent. En hoe druk het was. Weet niet of die laptop ook antwoord geeft. Ik hoop het wel. In mijn geval een beetje bottebijlreacties. Iets in de trant van: zeik niet zo. Ga wat doen. Ik ben je therapeut niet. Die is trouwens ook al vijf jaar klaar met je dreigende suïcide die je maar niet doorzet.

Zo’n avatar wil ik. Geen zachte heelmeester met begrip. Gewoon een die er met gestrekt been ingaat. Niet een die struikelt over een gezond Nederlands scheldwoordje dat ik over iemands seksuele gerichtheid heb gezegd.

Heerlijk lijkt me dat! Om na mijn pensioen de hele dag te zeuren tegen mijn tablet of mijn telefoon. En ik weet nu al tien beroepszeikerds in mijn nabije omgeving die ik binnenkort een avatar cadeau ga doen. Om hun partner te verlossen van het dagelijkse gezever en gezeik. En volgens mij scheelt zo’n luisterend computer-oor ook nog eens duizenden kilo’s Prozac. Emotieregulator! Wat is het leven toch leuk.

Bron: NRC Handelsblad

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *