DTE | Isla raffinaderij maakt mensen ziek: “Dit is te groot voor het eiland”

Myrthe Verweij – Down to Earth Magazine

“Hier wordt vierentwintig uur per dag afgefakkeld. Dat betekent: oranje vlammen, zwarte rookwolken, enorme herrie. Plus ’s nachts een gigantische hoeveelheid licht,” zegt advocate Sandra in ’t Veld. Dat is niet het enige probleem dat op Curaçao veroorzaakt wordt door de Isla raffinaderij en de bijbehorende elektriciteitscentrale | Persbureau Curacao

De Isla raffinaderij op Curaçao maakt mensen ziek, maar de overheid op het eiland grijpt niet in. En Nederland houdt zich afzijdig.

“Hier wordt vierentwintig uur per dag afgefakkeld. Dat betekent: oranje vlammen, zwarte rookwolken, enorme herrie. Plus ’s nachts een gigantische hoeveelheid licht,” zegt advocate Sandra in ’t Veld. Dat is niet het enige probleem dat op Curaçao veroorzaakt wordt door de Isla raffinaderij en de bijbehorende elektriciteitscentrale. De haven is vervuild met olie. Benedenwinds van de raffinaderij, waar 25 duizend mensen wonen, stinkt het naar teer en rotte eieren. Met de noordoostpassaat slaat een groene aanslag met kankerverwekkend nikkel en vanadium overal neer. Op slechte dagen worden de scholen gesloten. En er ligt een asfaltmeer.

Juridische weg

Berekeningen van onderzoeksbureau Ecorys laten zien dat de zwaveldioxide en het fijnstof van de Isla jaarlijks tot 18 sterfgevallen op het eiland leiden. Omdat in deze berekeningen veel gevaarlijke stoffen ontbreken, ligt het werkelijke aantal vermoedelijk hoger. Jaarlijks stoot de raffinaderij en de bijbehorende elektriciteitscentrale ruim 40 miljoen kilo zwaveldioxide uit: drie keer zoveel als de vijf Nederlandse raffinaderijen samen.

Al 34 jaar geleden concludeerde de Dienst Milieu Rijnmond (DCMR) dat er op Curaçao circa viermaal meer zwaveldioxide werd gemeten dan destijds elders in de wereld als maximum gold. Toch is daar bedroevend weinig aan gedaan: niet door de Curaçaose autoriteiten, niet vanuit Den Haag en niet door de exploitant. Tot 1985 was dat Shell, daarna het Venezolaanse staatsoliebedrijf PDVSA. Hoe heeft het zo ver kunnen komen? “Het is onverklaarbaar dat de overheid van Curaçao nooit heeft ingegrepen in het belang van de gezondheid,” vindt apotheker Peter van Leeuwen, oprichter van Schoon Milieu op Curaçao (SMOC).

Advocate Sandra in ’t Veld (67) koos de juridische weg, samen met Schoon Milieu op Curaçao (SMOC) en bewonersorganisatie Clean Air Everywhere. Zij ontvingen voor hun inzet een lintje en in ’t Veld haalde afgelopen jaar de Duurzame 100-lijst van Trouw. Maar een oplossing is niet in zicht. In een kort geding tegen het land Curaçao dat haar burgers niet beschermt tegen de vervuiling, werden alle eisen afgewezen. De overheid had net op tijd beterschap beloofd. Nu de beloftes niet zijn nagekomen, is In ’t Veld een bodemprocedure gestart. Het wachten is nu op het verweer van de overheid. “Desnoods gaan we door tot het Europese Hof”, zegt In ’t Veld vastberaden.

Toplocatie

Curaçao dankt de Isla aan haar ligging: vlak voor de kust van Venezuela, het land met de grootste oliereserves ter wereld. Ook grote olietankers kunnen bij Curaçao in de diepe natuurlijke haven van het Schottegat terecht en hoeven hun vracht daardoor niet op zee over te slaan. Noord-Amerika en Europa zijn prima bereikbaar, en via het Panamakanaal ook Azië en de Pacific. Toen de olievoorraden in 1914 in het politiek instabiele Venezuela werden ontdekt, bouwde Shell binnen het jaar een raffinaderij op de veilige Nederlandse kolonie.

Het inwoneraantal van het eiland verdrievoudigde dankzij de werkgelegenheid die de Isla bood. Tijdens WOII was de raffinaderij een belangrijke schakel in de brandstofvoorziening van de geallieerden. Ruim driekwart van hun vliegtuigbenzine kwam uit de Nederlandse Antillen: van de Isla, en van een raffinaderij op Aruba. Dat leverde zoveel asfalt-achtig olieresidu op dat het niet in de opslagtanks paste. Zo ontstond het beruchte ‘asfaltmeer’ van vijftig hectare groot.

Oude barrelbak

In 1985 verkocht Shell de raffinaderij aan Curaçao voor het symbolische bedrag van 1 gulden. Shell werd daarbij gevrijwaard van aansprakelijkheid voor alle verontreiniging. Minder bekend is dat wat Shell betreft ontmanteling van de raffinaderij ook een optie was; dan had het bedrijf de vervuiling opgeruimd. Toenmalig minister-president Maria Liberia Peters vertelde later in een interview dat zij de Isla liever in bedrijf hield. Ze vreesde grootschalig banenverlies.

Sindsdien is de vervuiling het probleem van de eilandregering. Oude rotzooi zoals het asfaltmeer wordt mondjesmaat opgeruimd. Ondertussen blijft de sterk verouderde raffinaderij gewoon in bedrijf. Curaçao verhuurt deze nu aan de Venezolaanse PDVSA. In ’t Veld over de opvolger van Shell:

“PDVSA heeft destijds alle toezeggingen gekregen die ze wilden. Ze zijn vrijgesteld van belasting. Uit de milieuvergunning die met hulp van de Dienst Rijnmond was gemaakt, schrapten ze alle bepalingen van belang. ‘Anders nemen we die oude barrelbak niet over’, zo werd gezegd.”

PDVSA heeft de raffinaderij de afgelopen decennia amper gemoderniseerd. De bijbehorende elektriciteitscentrale wordt nog altijd gestookt op olieresiduen. Ter vergelijking: in Nederland draaien alle raffinaderijen sinds de jaren ’80 op gas, waardoor ze veel schoner zijn geworden. Het contract met PDVSA loopt in 2019 af, een Chinees bedrijf is de nieuwe verwachte kandidaat voor overname. Dit is de kans om schoon schip te maken. Maar of dat ook gebeurt?

Studeren dankzij de Isla

Eén van de problemen is het gebrek aan degelijke milieunormen op Curaçao. Het eiland gebruikt een verouderde norm die alleen kijkt hoeveel zwaveldioxide de buitenlucht totaal bevat, in plaats van een maximum uitstoot per bedrijf te bepalen. Dat leidt tot eindeloos gebakkelei. Gezondheidsnormen worden vrijwel dagelijks fors overschreden, maar de Isla zegt: wij waren het niet. Bij gebrek aan metingen aan de schoorsteen is dat moeilijk te weerleggen. Van handhaving is geen sprake: de Milieudienst op Curaçao heeft te weinig kennis, apparatuur en mensen. Maar ingrijpen kan wel degelijk, stelt Van Leeuwen van SMOC. “De overheid kan schone brandstof verplichten voor de raffinaderij en elektriciteitscentrale. Ondanks alle informatie die wij daarover hebben verstrekt, gebeurt er niets.”

Nog lastiger is dat men graag een oogje toeknijpt. De Isla wordt – onterecht – nog altijd gezien als de kurk waarop de economie van Curaçao drijft. Van de twaalfduizend banen die de Isla in de jaren vijftig verschafte, zijn er door automatisering nog slechts duizend over. Maar iedereen op Curaçao heeft wel familie die op de Isla werkt of heeft gewerkt. Ben Whiteman, tot eind vorig jaar premier van Curaçao, kon naar eigen zeggen ‘studeren dankzij de Isla’ en zou daarom nooit iets ‘tegen’ de raffinaderij ondernemen.

Ook Nederland speelt geen fraaie rol. Van Leeuwen en In ’t Veld kregen een koninklijk lintje voor hun werk, maar op echte steun vanuit het Koninkrijk hoeven zij niet te rekenen. De Nederlandse overheid is zich terdege bewust van de problemen, maar grijpt niet in. Wel werden Nederlandse medewerkers van Defensie die onder de rook van de Isla woonden, in 2014 door minister Hennis aan de andere kant van het eiland geherhuisvest toen zij klaagden over de stank en mogelijke gevolgen voor hun gezondheid. Een oplossing die voor de Curaçaoënaars onbereikbaar is.

Autonomie

Officieel is Curaçao sinds 2010 een autonoom ‘land’ binnen het Koninkrijk der Nederlanden. Dat betekent dat het eiland zelf verantwoordelijk is voor zaken als milieu, gezondheidszorg, toerisme, en goed bestuur.

Volgens het verdrag dat de relaties regelt tussen de landen binnen het Koninkrijk, zijn alleen defensie en buitenlandse betrekkingen een Koninkrijkszaak. Maar hoe reëel is het dat de eilandregering de Isla, met machtige exploitanten als Venezuela en mogelijk straks China, effectief kan aanpakken?

Tegelijkertijd ligt bemoeienis vanuit Nederland, de voormalige koloniale macht, gevoelig. De Isla komt al jaren ter sprake in de Tweede Kamer. Alle partijen, met uitzondering van de VVD, PVV en 50plus, vinden het hoog tijd dat Nederland actie onderneemt. Premier Rutte en minister Plasterk van Koninkrijksrelaties verwijzen echter steevast terug naar Curaçao.

In ’t Veld vindt dat onbegrijpelijk. “Curaçao staat dankzij de Isla in de top drie van landen die per hoofd van de bevolking het meeste CO2 uitstoten. En dat binnen het Koninkrijk, dat het Klimaatakkoord van Parijs heeft geratificeerd. Dan kun je toch niet zeggen: dat moeten ze zelf maar oplossen?” Ze vervolgt: “Als het om financiën of corruptie gaat, grijpt Nederland in. Waarom niet wanneer de gezondheid van tienduizenden Nederlandse staatsburgers in het geding is?”

Chinese overname

Het contract met Venezuela loopt in 2019 af. Het Chinese staatsbedrijf Guangdong Zhenrong Energy wordt waarschijnlijk de volgende exploitant. Of de Chinezen de raffinaderij schoner zullen maken, wordt alom betwijfeld. “Dit bedrijf doet precies hetzelfde als PDVSA destijds”, constateert In ’t Veld. Demissionair premier Whiteman van Curaçao tekende eind vorig jaar een contract met de Chinezen, net voordat hij het stokje doorgaf aan de – inmiddels alweer demissionaire – premier Hensley Koeiman. “De overeenkomst zou voor veertig jaar gelden, maar wat erin staat is geheim”, zegt In ’t Veld.

Peter van Leeuwen van SMOC trok tevergeefs aan de bel in Den Haag. “Ik heb in december nogmaals onderstreept dat Nederland ooit de rekening krijgt gepresenteerd, als ze het grofste milieuschandaal binnen het Koninkrijk overlaat aan de autoriteiten van Curaçao.

Die rekken met de deal met China de randen van hun bevoegdheden op. Bij uitstek het terrein van Buitenlandse Zaken.” Volgens hem is het tekenend voor de desinteresse in Curaçao, dat Nederland op deze wijze afziet van haar verantwoordelijkheid. “Misschien begrijpelijk gezien de gevoelige relatie tussen beide landen en het slavernijverleden. Maar onbegrijpelijk als je kijkt naar het statuut van het Koninkrijk.”

Green Town

Het initiatief Green Town Curaçao presenteerde in 2011 een alternatief voor het raffinaderijgebied. Welvaart kan ook anders bereikt worden, vindt de stichting. Met een fossielvrije economie en banen voor tienduizend eilanders in duurzame energie-opwekking, recycling, toerisme en een nieuwe jachthaven. Maar het bestuur van Curaçao lijkt weinig te voelen voor een revolutie aan het Schottegat.

De nieuwe minister van Financiën is Kenneth Gijsbertha: hij werkte 43 jaar bij de Isla, waarvan de laatste acht als woordvoerder. Van Leeuwen koestert weinig verwachtingen. “Behalve als er uit economische overwegingen gemoderniseerd moet worden, omdat de raffinaderij anders haar producten niet meer kan afzetten. Dan zullen als neveneffect milieumaatregelen worden meegenomen.”

Op het eiland groeit de weerstand tegen de vervuiling. De Facebookgroep “Stop Isla Now!” telt ruim zesduizend leden vanuit de hele wereld. De grote Nederlandse milieuorganisaties zijn er echter niet vertegenwoordigd. “Ook voor de Nederlandse milieubeweging ligt Curaçao heel ver weg”, weet Van Leeuwen.

Zowel Milieudefensie als Greenpeace geven aan dat ze de activiteiten best willen ondersteunen, maar niet de trekker kunnen zijn van een campagne op Curaçao.
In ’t Veld hoopt toch op een nieuwe koers van een volgend kabinet, na de nieuwe verkiezingen in april. In dat geval zou ze de rechtszaak niet tot aan het Europese Hof hoeven doorzetten. “Dat zou wat zijn. Dan kan ik heerlijk tijd met mijn kleinkinderen doorbrengen.”

Bron: Down to Earth Magazine

Een Reactie op “DTE | Isla raffinaderij maakt mensen ziek: “Dit is te groot voor het eiland”

  1. Zijn wij de enigsten die last van PDVSA hebben deze dagen vooral
    s’nachts en overdag is het niet om uit te houden v/d stank.
    De overlast is enorm loopt in huis met een mondkapje helse hoofdpijn moet ik mijn huis uit? waar naar toe?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *