Elsevier | ChristenUnie wil ‘war on drugs’: drugsbeleid blijft coalitie splijten

Matthijs van Schie en Leanne Sneep

ChristenUnie wil ‘war on drugs’: drugsbeleid blijft coalitie splijten

De ChristenUnie keerde zich maandagochtend 27 januari tegen het drugsmanifest van coalitiecollega D66. Met de groot opgezette campagne #ikmaakmedrug, pleit D66 voor een gedoogbeleid voor drugs. ChristenUnie vindt juist dat Nederland drugsvrij moet worden.

De twee coalitiepartijen staan opnieuw lijnrecht tegenover elkaar als het op drugs aankomt. Drugsbeleid is al tijden een splijtzwam in de coalitie.

ChristenUnie wil nieuwe war on drugs

De ChristenUnie wil een drugsvrije samenleving. Daarvoor pleit de partij maandagochtend nadat D66 vorige week de discussie rondom drugs opnieuw aanzwengelde. De ChristenUnie had al langer een plan in de maak tegen het huidige drugsbeleid, maar vindt het belangrijk juist nu een duidelijk punt te maken.

In tegenstelling tot D66 wil de kleinste regeringspartij dat Nederland wel een ‘oorlog’ tegen drugs voert. ChristenUnie-Kamerlid Stieneke van der Graaf wil dat er harder op drugscriminelen wordt gejaagd en vindt dat de straffen omhoog moeten. ‘De war on drugs is geen heilloze weg gebleken maar nooit serieus geprobeerd,’ zegt Van der Graaf in dagblad Trouw

Het ChristenUnie-Kamerlid hoopt dat Nederlanders niet langer hun schouders ophalen over drugsgebruik. ‘Het slikken van een pilletje op een festival moet niet langer gelden als normaal,’ zegt Van der Graaf. Ze hoopt dat Nederland ‘na rookvrij en alcoholvrij, uiteindelijk ook drugsvrij wordt’.

De ChristenUnie begrijpt dat een drugsvrije samenleving niet geregeld is met een paar simpele maatregelen, maar vindt het wel belangrijk dat er een duidelijk stip op de horizon komt. ‘Iedereen beseft dat we de gevolgen van het slepende en slopende drugsbeleid van die tientallen jaren niet zomaar ineens ongedaan kunnen maken. Daarom werken we aan een stappenplan om stapje voor stapje toe te werken naar een drugsvrije samenleving,’ zegt Van der Graaf.

Dat ‘realistische’ stappenplan moet er nog voor de zomer komen. De partij wil dat er eerst goede hulpverlening voor verslaafden komt en aandacht voor ontmoediging van drugsgebruik. Uiteindelijk wil de ChristenUnie dat drugs steeds moeilijker verkrijgbaar worden. Om tot een goed plan te komen, praat de coalitiepartij met verslavingsexperts, maatschappelijke organisaties, burgemeesters en politie.

D66-manifest: #ikmaakmedrug

In tegenstelling tot de ChristenUnie die de oorlog tegen drugs wil opvoeren, pleit D66 juist voor het beter reguleren. Op maandag 20 januari kwam de partij met het manifest #ikmaakmedrug op de proppen. D66 wil zo een open discussie voeren voor een gereguleerde drugsmarkt. Een staatscommissie zou met voorstellen moeten komen om het drugsbeleid te hervormen. Het manifest is opgesteld in samenwerking met het verslavingsinstituut Jellinek en drugsonderzoeker Ton Nabben.

‘De ondertekenaars van het manifest verschillen van mening over drugs. Maar samen vinden we het belangrijk om zowel de schadelijke effecten van drugsgebruik als van drugsbestrijding te beperken op basis van beleid dat werkt,’ staat in het manifest.

D66 wil met een nieuw drugsbeleid een gereguleerde drugsmarkt, waarbij de overheid de regie neemt op ‘een controversiële markt’. Ook zouden mensen die drugs gebruiken geen crimineel stempel moeten krijgen. De coalitiepartij pleit ook voor een internationale samenwerking: ‘Voor een realistisch drugsbeleid moeten we ook over de grenzen heen kijken.’

Veel bekende Nederlanders sloten zich aan bij de D66-campagne. Onder anderen voormalig VVD-fractievoorzitter Frits Bolkestein, misdaadverslaggever Peter R. de Vries, strafrechtadvocaat Peter Plasman en voormalig JOVD-voorzitter Splinter Chabot.

Het drugsbeleid van D66 zou pas in een nieuwe regeerperiode kunnen worden ingevoerd. Het legaliseren van drugs staat haaks op het huidige kabinetsbeleid. Minister Ferdinand Grapperhaus (CDA) van Justitie wil de drugscriminaliteit juist aanpakken door zwaarder en harder te straffen.

 

Coalitie stond al vaker tegenover elkaar in drugsprobleem

Het is bepaald niet voor het eerst dat de meningsverschillen over drugsbeleid in de huidige coalitie aan de oppervlakte komen. Illustratief is het experiment met de verkoop van door de overheid geteelde wiet in tien gemeenten. In 2017 diende D66 daarvoor een initiatiefwet in, maar de overige drie partijen die nu in de regering zitten, stemden toen allemaal tegen. Omdat een kleine meerderheid (77 stemmen) van de Tweede Kamer vóór was, werd het voorstel toch aangenomen.

VVD, CDA en ChristenUnie zijn in de formatie van het kabinet-Rutte III alsnog akkoord gegaan met de proef met staatswiet. In het Regeerakkoord staat het als volgt opgeschreven:

‘Er komt wet- en regelgeving ten behoeve van uniforme experimenten met het gedoogd telen van wiet voor recreatief gebruik. Het kabinet komt daartoe zo mogelijk binnen zes maanden met wetgeving. Deze experimenten wordt uitgevoerd in een aantal (middel)grote gemeenten (zes á tien).

Doel van de experimenten is om te bezien of en hoe op kwaliteit gecontroleerde wiet gedecriminaliseerd aan de coffeeshops toegeleverd kan worden en wat de effecten hiervan zijn. De experimenten worden onafhankelijk geëvalueerd, waarna het kabinet beziet wat het te doen staat.’

Toch blijft D66 de enige partij die hartgrondig voorstander is van het plan, zo meldde NRC in augustus. De andere partijen blijven kritisch en steunen de proef met tegenzin. Volgens Madeleine van Toorenburg (CDA) is het plan een ‘heilloze weg’, Antoinette Laan (VVD) noemde het ‘naïef’ om te denken dat het legaliseren van softdrugs zal leiden tot minder drugscriminaliteit. Wel zei VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff dat hij openstond voor ‘een deugdelijk experiment dat kans van slagen heeft’ om te kijken of ‘je er ook iets mee kunt straks’.

Ondanks grote bezwaren in de Tweede Kamerfracties stemden de christelijke kabinetspartijen in de Eerste Kamer in november uiteindelijk wel vóór de proef met staatswiet. ‘We staan niet te trappelen hiermee in te stemmen,’ zei ChristenUnie-senator Mirjam Bikker, die ook namens het CDA sprak. Toch stemden beide partijen ermee in, op voorwaarde dat het kabinet ook zou inzetten op ondermijnende criminaliteit en ontmoediging van drugsgebruik. Alleen SGP en PVV stemden tegen de proef met staatswiet.

Dankzij de steun in de senaat begint het experiment met staatswiet in 2021 in tien gemeenten, het maximale aantal dat in het Regeerakkoord genoemd stond. Naast de steden Groningen, Tilburg, Breda, Maastricht, Nijmegen en Arnhem doen ook Zaanstad, Heerlen, Almere en Hellevoetsluis mee. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht haakten af om praktische overwegingen, zoals de verplichting dat alle coffeeshops in de gemeente moeten meedoen. Dat vonden de vier grote steden onhaalbaar.

Peiling Maurice de Hond: tweedeling onder burgers

Opiniepeiler Maurice de Hond peilde via een aselecte steekproef onder minimaal 1.200 Nederlanders meningen over drugsgebruik en de regulering van de drugsmarkt. Op zijn website is te lezen dat het drugsgebruik het hoogst is onder D66-stemmers: van de respondenten die op die partij stemt, gebruikt 18 procent nu (weleens). Ook SP (16 procent) en GroenLinks (15 procent) scoren relatief hoog. Aanhangers van 50PLUS gebruiken het minst drugs: 96 procent van hen gebruikte nog nooit drugs. Dat geldt voor 92 procent van de CDA’ers en 86 procent van de PVV’ers. ChristenUnie-stemmers zijn niet vertegenwoordigd in de peiling.

De verschillen tussen diverse leeftijdsgroepen zijn logischerwijs groot. Onder 18- tot 30-jarigen is het aandeel drugsgebruikers volgens de peiling van De Hond het grootst: een kwart van hen gebruikt nu (weleens) drugs. Van de 30- tot 50-jarigen die reageerden, is dat 9 procent, van de 50-plussers slechts 2 procent. Het wekt evenmin weinig verbazing dat de steun voor legalisering van drugshandel het grootst is onder gebruikers. 88 procent van de gebruikers wil handel in softdrugs ‘volledig vrij laten’, tegenover 33 procent van de personen die niet gebruiken. Bij het vrij laten van de handel in harddrugs zijn de verschillen kleiner: 27 procent van de personen die nu gebruikers zijn, willen dat, tegenover 10 procent van de niet-gebruikers.

Tot slot vroeg De Hond de respondenten ook wat volgens hen de gewenste richting van het Nederlandse drugsbeleid is. 47 procent van hen wil dat ‘delen van het drugsbeleid worden geliberaliseerd’, 45 procent wil juist dat het strenger wordt. Ook hier is een duidelijk verschil tussen linkse en rechtse kiezers zichtbaar.

Bron: Onderzoek Maurice de Hond, Regulering, drugsmarkt. https://www.maurice.nl/2020/01/25/regulering-drugsmarkt/ (25-1-2020).

Bron: Elsevier

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *