Enquêtevoorstel af

PAR twijfelt aan deelname onderzoekscommissie

Willemstad – De Commissie Justitie van de Staten heeft een voorstel omtrent de parlementaire enquête aan de Centrale Commissie van de Staten gestuurd. Oppositiepartij PAR laat deelname aan de onderzoekscommissie afhangen van de Centrale Commissievergadering morgen en de openbare vergadering vrijdag.

Onze input moet worden gerespecteerd. Zoals het voorstel er nu ligt, is het niet compleet”, aldus PAR-Statenlid Malvina Cecilia. De partij vindt dat het geschorste hoofd van de Veiligheidsdienst (VDC) Edsel Gumbs ook moet worden gehoord, net als de netwerkbeheerder Winklaar en crisismanager Franklin Calmero. Tevens moet er volgens PAR gekeken worden naar de rol van de Colombiaanse Veiligheidsdienst Dipol.

Cecilia: ,,Wij gaan voor transparantie, feitelijk en objectief onderzoek. We hopen dat er begrip zal zijn voor ons standpunt.”

In de vergaderingen van donderdag en vrijdag hoopt PAR alsnog input aan het parlementair onderzoek toe te kunnen voegen. Zo niet, dan weet de partij niet of zij deel zal nemen aan de enquêtecommissie, aldus Cecilia. In het voorstel van de Commissie Justitie is bij de samenstelling van de onderzoekscommissie dan ook geen afgevaardigde van de PAR genoemd. Wie wel aan de commissie zullen deelnemen, zijn voorzitter Jaime Cordoba (PS), Dean Rozier (MFK), Eunice Eisden (MAN), Helmin Wiels (PS), Humphrey Davelaar (PNP) en Anthony Godett (FOL). De commissie zal aangevuld worden met drie externe deskundigen voor het notuleren en het opstellen van het eindrapport: de heren Boersema, William en Pang. Voor het horen van getuigen en deskundigen worden de commissieleden gecoacht door twee ex-rechercheurs: de heren Pardo en Ras. De commissie zal opereren, zal onderzoek gaan doen naar de ontwikkelingen binnen de voormalige Veiligheidsdienst Nederlandse Antillen (VNA), de Veiligheidsdienst Curaçao (VDC) en naar de onderzoeksmethoden van het OM. Uiterlijk 30 november 2012 zal de commissie het rapport aanbieden aan de Staten.

Kritiek op OM uit gemeenschap

Hoewel de parlementaire enquête zich in eerste instantie alleen zou richten op de VNA/VDC, is toch besloten ook het Openbaar Ministerie onder de loep te nemen, zo staat in het voorstel van de Commissie Justitie van de Staten dat aan de Centrale Commissie is gestuurd.

,,Behalve de wettelijke verantwoordelijkheid van het Openbaar Ministerie (OM) ten aanzien van het functioneren van het RST is er gedurende de laatste jaren vanuit de gemeenschap ook steeds meer kritiek op het functioneren van het OM”, zo staat in de memorie van toelichting van het voorstel.

,,Dit laatste als gevolg van de voor de gemeenschap onduidelijke criteria waarmee het OM kiest om in bepaalde zaken wel of niet op te treden en het feit dat het OM verscheidene strafzaken heeft verloren als gevolg van formele en/of technische gebreken (bijvoorbeeld digitale gegevens die op mysterieuze wijze verloren zijn gegaan). Mede hierom en gezien de belangrijke rol/taak/functie die het OM in onze rechtsstaat dient te vervullen, zal het onderhavige parlementair onderzoek tevens de onderzoeksmethoden van het OM inhouden.”

In totaal heeft de commissie tien onderzoeksvragen geformuleerd, waar het parlementair onderzoek antwoord op moet geven:

1. Zijn er (gevoelige) documenten van de VNA/VDC verduisterd dan wel vernietigd; zo ja, welke functionarissen hebben zich schuldig gemaakt aan dit strafbare feit?

2. Was de leiding van de VNA/VDC op de hoogte van dan wel betrokken bij de onregelmatigheden binnen de VNA/VDC?

3. Door wie en met welk doel is geheime en gevoelige informatie doorgegeven aan derden?

4. Aan wie zijn gegevens van VNA/VDC verstrekt?

5. Zijn er ook anderen betrokken bij de onregelmatigheden binnen de VNA/VDC; zo ja op welke wijze?

6. Was het OM op de hoogte van de onderzoeksmethoden, waaronder het op grote schaal en mogelijk op illegale wijze aftappen van telefoongesprekken van politici en burgers, van de VNA/VDC en/of het RST en wat was de rol en het doel van het OM daarbij?

7. Wat was de rol van het RST bij of binnen de VNA/VDC?

8. Hoe waren de verhoudingen tussen het RST en lokale telecombedrijven bij de uitvoering van het mogelijk op illegale wijze aftappen van telefoongesprekken?

9. Werd bij het stelselmatig afluisteren en volgen van burgers en politici gehandeld vanuit de wettelijke taakstelling van de VNA/VDC of werden daarbij ook andere, bijvoorbeeld bijzondere politieke belangen gediend?

10. Andere vragen waarvan beantwoording in samenhang met de enquête noodzakelijk blijkt.

Bron: Antiliaans Dagblad

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *