FD | Hoe diep kan de Venezolaanse economie nog vallen?

‘We zijn tot alles bereid om de revolutie te verdedigen’
Arthur Debruyne | Financieel Dagblad

Oppositie leider Juan Guaidó Foto: Carlos Garcia Rawlins/Reuters

De Venezolaanse oppositie trok afgelopen week de straat op om de regering van president Maduro tot aftreden te dwingen. In de chaos van het land gaat de economische implosie sneller dan ooit. Arme Venezolanen verstikken door scherpe prijsstijgingen, bedrijven hopen op een economisch mirakel als de opstand van oppositieleider Guaidó slaagt.

 

‘Dit is het moment’, zo riep de Venezolaanse oppositieleider Juan Guaidó afgelopen dinsdag zijn aanhangers op: een definitieve opstand zou president Nicolás Maduro tot aftreden moeten dwingen. Guaidó, en de Amerikaanse regering, hadden gehoopt dat het leger de revolte zou steunen. Maar de generaals bleven Maduro trouw. De president verklaarde de ‘couppoging’ mislukt. Hoe het verder moet weet niemand. Chaos en gebrek zijn inmiddels routine in het noodlijdende Venezuela.

In januari begon Maduro aan een tweede zesjarig ambtstermijn. Op de staatstelevisie en via Twitter roemt de president vrijwel dagelijks de successen van de voortschrijdende socialistische ‘Bolivariaanse revolutie’ die zijn illustere voorganger Hugo Chávez uitriep in 1999. De Verenigde Naties wijzen er echter op dat nu één op vier van zijn 29 miljoen landgenoten humanitaire hulp nodig heeft.

Een vijftigtal landen steunde tot dusver de verschillende pogingen van Guaidó om Maduro te vervangen. Vooral de VS gaan voluit voor een regimewisseling. Maduro geeft zich echter niet gewonnen en haalde de banden aan met Rusland, China en Turkije. Ook Cuba blijft zijn regering steunen.

Totale ineenstorting

De terugkerende stroomuitval in het land en de Amerikaanse sancties hadden de economische implosie al eerder in gang gezet, zo werd duidelijk bij een recent bezoek aan Caracas. Bijkomend probleem is het criminele geweld dat wijdverbreid is. Talloze Venezolanen leiden honger en vluchten in drommen het land uit.

Het Rode Kruis heeft grootschalige hulpoperaties ingezet. Het bnp zou dit jaar 25 procent krimpen. ‘Zelfs Griekenland na 2008 verdwijnt in het niet bij Venezuela vandaag: totale ineenstorting’, zegt Sergi Lanau, die voor het International Monetair Fonds (IMF) Venezuela volgde en eerder onderhandelde in Griekenland.

In januari stegen prijzen in Venezuela met 260 procent, een nieuw record in de hyperinflatie die het land in zijn greep houdt. Van de nationale munt zijn inmiddels heel wat nullen geschrapt. Bij aankomst in Caracas begin april noteerde een dollar 3.200 bolivars. Aan het einde van de maand was één dollar goed voor 6.000 bolivar, bijna het dubbele.

Grote stroomstoringen in Venezuela verstoren de watertoevoer van talloze huishoudens, want de pompen werken dan niet. In Caracas halen bewoners water waar het beschikbaar is, of het nu vervuild is of niet.

Grote stroomstoringen in Venezuela verstoren de watertoevoer van talloze huishoudens, want de pompen werken dan niet. In Caracas halen bewoners water waar het beschikbaar is, of het nu vervuild is of niet. Foto: Arthur Debruyne

Tijd is geld

Venezuela leeft in belangrijke mate van invoer en betaalt daarvoor in dollars. En dus stijgen prijzen vrijwel dagelijks. Vooral het armste deel van de bevolking wordt zwaar getroffen: ze werken naar eigen zeggen een hele week om hun gezin één dag goed te eten te kunnen geven. En vaak is het kiezen tussen eten of medicijnen.

‘Venezolanen hebben het vertrouwen in hun munt volledig verloren, waardoor de bolivar nog verder afbrokkelt’, verzucht de Venezolaanse econoom Henkel García. ‘De dollar verdringt de bolivar als de nationale valuta.’ De vraag naar meer dollars versnelt de val van de bolivar. Tijd is daarmee meer dan ooit geld in Venezuela: de enige manier om iets te besparen is vandaag te kopen wat morgen duurder is.

De klassieke prijscontroles die Chávez invoerde om inflatie te beteugelen werden geschrapt, nadat goedkoop gehouden consumptiegoederen massaal het land werden uitgesmokkeld richting Colombia en de tekorten alleen maar verder opliepen. ‘De wereld op zijn kop’, zegt Socorro Ihprada (39). De moeder van drie kinderen bestiert een groothandeltje in snoepgoed in centrum Caracas. Twee keer per week trekt ze naar de Colombiaanse grensstad Cúcuta om haar snoepwaar in te kopen.

Zelfs na het betalen van de smokkelaar die haar snoep de grens over sjouwt en de steekpenningen voor de politie, loont de lange reis de moeite. ‘Prijzen in Venezuela zijn immers niet bij te houden’, zegt ze. Ihprada verhandelt vooral lolly’s, die alomtegenwoordig zijn op straat. Waarom? ‘Simpel: dat stilt de honger wanneer je geen maaltijd kan betalen.’ Een zak rijst mag ze niet invoeren: een van stal gehaalde oude wet tegen het doorverkopen van gesubsidieerde goederen verbiedt dat. ‘En dat terwijl er zoveel honger is.’

Gratis benzine

De broodnodige dollarreserves van het land draaien op de uitvoer van olie, die negentig procent van de Venezolaanse export beslaat. Hoewel Venezuela kan bogen op de grootste oliereserves ter wereld, bevindt de productie van staatsoliebedrijf Petróleos de Venezuela (PDVSA) zich in een vrije val.

Wanbeleid heeft geleid tot veroudering van de installaties, de regelmatige stroomuitval draagt verder bij aan de malaise. Dat betekent minder beschikbare dollars, minder invoer, meer schaarste, hogere prijzen. In eigen land blijft benzine nagenoeg gratis. Een subsidiëring die de schatkist naar schatting 12,5 miljard dollar per jaar kost.

‘Venezolanen beschouwen gratis benzine als een geboorterecht en laten zich dat niet zonder slag of stoot afpakken’, zegt Eugenio Negrín (44). Hij bezit vijf benzinestations in en rond Caracas en betaalt nog geen eurocent voor een levering van tachtigduizend liter benzine. Zijn marges behaalt hij noodgedwongen op de verkoop van motorolie en snacks. Prijsverhoging van benzine zit er volgens hem niet in. Daarvoor dient de herinnering aan 1989 als afdoende schrikbeeld. Nadat de toenmalige president op aanraden van het IMF de benzineprijs verhoogde, brak een grootschalige opstand uit. Honderden mensen, mogelijk duizenden, werden doodgeschoten door de veiligheidsdiensten. ‘De regering is als de dood voor een herhaling, zeker nu’, zegt hij. ‘Zo komt er maar geen einde aan dit wanbeleid.’

Zwarte markt

Smokkel en zwarte markt bloeien bij de Venezolaanse crisis. Daniel, die zijn achternaam liever niet gepubliceerd ziet, is een van de vele fixers die bedrijven aan dollars helpt die ze nodig hebben voor hun invoer. De regering controleert de handel in dollars om kapitaalvlucht tegen te gaan. En dus floreert een zwart circuit: Daniel zet zo’n 100.000 dollar per week om.

De cash komt van uitgeweken Venezolanen die via Daniel geld naar achtergebleven familieleden sturen. Zelf beschouwt hij zijn handel eerder als een noodzaak dan als illegaal. ‘Agenten in de economische oorlog en de dollarisering heten we. Regelmatig worden mensen zoals ik opgepakt. Maar je kan ook betogen: als wij er niet zijn, dan verdwijnen de bedrijven die een beroep op ons doen.’

De charismatische populist Manuel Chávez, die in 2013 aan kanker overleed, was er tijdens zijn elf-jarig presidentschap aanvankelijk in geslaagd een aanzienlijk deel van zijn landgenoten uit de armoede te helpen. Maar vandaag leeft opnieuw negentig procent van de Venezolanen onder de armoedegrens. Opvolger Maduro en zijn aanhang schrijven dat volledig toe aan de ‘imperialistische agressors’, onder leiding van de VS, die op de grondstoffen van het land uit zouden zijn.

‘Opeens moeten we alles in dollars betalen, en dat tegen woekerprijzen’, klaagt William Echenigue, een 59-jarige turnleraar die op een zondag naar een pro-regeringsbetoging in Caracas is afgezakt. ‘De dollar is het wapen van de imperialisten in de economische oorlog. We zijn de gevangenen. Maar wel gevangenen die tot alles bereid zijn om de revolutie te verdedigen.’

Steun

Hoe lang kan Maduro nog aanblijven? Miljoenen arme Venezolanen zijn afhankelijk van de regering voor voedselhulp en andere bijstand. Wie de oppositie steunt, kan de hulp wel vergeten, zo blijkt in de volkswijken van Caracas. ‘Het is een niet te onderschatten controlemechanisme’, vertelt Andrew Quintero, een jonge activist.

Met zijn organisatie Mi Convive runt hij honderdvijftig soepkeukens in Caracas. Hij kent de wijken als zijn broekzak. Maduro bedient zich hier van een uitgebreid veiligheidsapparaat dat zo nodig hard kan ingrijpen.

De overgebleven buitenlandse bedrijven in Venezuela hopen onderwijl op een snelle verandering en de kansen die dat in de uitgeputte economie kan bieden. ‘Sinds Guaidó ten tonele is verschenen zitten mijn cliënten op het puntje van hun stoel’, zegt Gonzalo Capriles, een advocaat die multinationals door het doolhof van het Venezolaanse bedrijfsrecht gidst. ‘Als Maduro afgezet wordt, dan wordt Venezuela de grootste groeimarkt op het continent. Dan valt hier veel geld te verdienen.’

Werken Sancties?

Voor de regering Trump is het duidelijk: ‘Maduro en zijn trawanten zullen financieel gewurgd worden als ze de macht niet uit handen geven’. Maar van een daadwerkelijke val is nog geen sprake. Worden niet vooral arme Venezolanen getroffen door de strenge sancties tegen de naasten van president Maduro en de Venezolaanse instellingen?

De zwaarste sanctie treft het staatsoliebedrijf PDVSA dat zijn olie niet langer kan verkopen aan de VS, tot voor kort de belangrijkste afnemer. Dochterbedrijf Citgo in Texas is van PDVSA afgesneden. Daarmee droogt de belangrijkste bron op van harde valuta om handel mee te drijven. Minder invoer betekent grotere schaarste, hogere prijzen en dus meer ellende voor de bevolking.

‘Vooral het gebrek aan medicijnen veroorzaakt aanzienlijk leed in Venezuela’, getuigen twee neurochirurgen in een verwaarloosd publiek ziekenhuis van Caracas. Miljoenen Venezolanen zijn afhankelijk van bijstand. ‘De sancties zullen de regering binnenkort dwingen tot snoeien in bijstandsuitgaven’, denkt de Venezolaanse econoom Henkel García. Daarmee verdwijnt een controlemechanisme en dreigt de regering steun bij de bevolking te verliezen.

Anderzijds: ‘Sancties werken niet wanneer het doel regimewisseling is’, meent voormalig Amerikaans onderminister van Financiën David Cohen deze week in Foreign Policy. Maduro verscheept nu meer olie naar China en India. Het lijkt onwaarschijnlijk dat hij zonder slag of stoot inbindt tegenover ‘de imperialistische Amerikaanse agressor.’

Bron: Financieel Dagblad

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *