FD | ‘Ik vind het prima om tweede man te zijn’’

Pieter Couwenbergh en Wouter Keuning | Financieel Dagblad

Rik van Slingelandt | Foto Peter Boer

ABN AMRO president-commisaris Rik van Slingelandt: We zijn niet blind voor wat er gebeurt in de wereld. We hebben niet voor niets ons trustbedrijf in 2009 verkocht. Niet voor niets hebben we Zwitserland verkocht en Curaçao gesloten. | Foto Peter Boer

Nog even en dan is het voorbij. Op 18 mei is Rik baron van Slingelandt (1946) president-commissaris af bij ABN Amro en keert hij terug naar de achtergrond. Hij had nooit voorzitter willen worden, want hij is niet zo van ‘de publiciteit en dat ultieme gedoe’.

Maar er werd intern een zwaar beroep op hem gedaan. En zo kwam hij, de harmoniezoeker, vorig jaar ongewild terecht in de Tweede Kamer om de salarisverhoging van het bankbestuur uit te leggen. Hij botste er met Jesse Klaver (GroenLinks) die hem verweet uit een ander universum te komen. Van Slingelandt bleef beleefd uitleggen en oogde als een man verdwaald in de verkeerde film.

Zijn twee jaar voorzitterschap was een ‘bumpy ride’, met een compliance-incident bij de vermogensbank in Dubai en de rel rond de salarisverhoging van zes bestuurders. Afgelopen weken kwamen daar de Panama Papers bij plus het plotse opstappen van commissaris Bert Meerstadt. Daartegenover stonden de vrijwel rimpelloze integratie van twee banken (Fortis en ABN Amro) en de succesvolle beursgang. Bij wijze van uitzondering stemt hij bij zijn afscheid in met een interview. In zijn werkkamer op de 22ste verdieping van het ABN Amro-gebouw aan de Zuidas zit hij aan tafel in zijn typerende, wat gekromde houding, De hand met zegelring veegt regelmatig de sluike grijze haren opzij en de vingers schuren soms aan de korte nagels.

U bent in 2014 benoemd. Waarom gaat u nu al weg?

‘Ik heb destijds afgesproken dat ik dit jaar zou stoppen. Ik word zeventig en dit is geen jobbie. Ik ben hier drie dagen in de week en de rest van de tijd ben ik ook bezig met de bank. Ik heb ook minder aardigheid in de externe contacten. Dinertjes met klanten en captains of industry. Ze horen erbij, ze voeden je, maar het is mooi geweest.’

Hoe kijkt u terug?

‘Mijn afdronk is heel positief. Dat er onderweg gedoe is, ach dat is er altijd wel. Ik heb geleerd van mijn fouten en die kan ik gebruiken bij de commissariaten die ik nog heb.’

Welke fouten?

‘Dan neem ik de commotie over de beloning voor het bestuur. Er is enerzijds het setje feiten en anderzijds de emotie. Ik zal nu altijd vragen: hoe denkt de omgeving er over, ook bij andere zaken dan beloning.’

Er is nu veel onrust over het feit dat de bank vennootschappen opricht die de identiteit van de eigenaar versluieren. Begrijpt u de samenleving?

Diederik Johannes Maximilianus Govert Baron van Slingelandt

  • 1946: Geboren in Delft
  •  Bedrijfseconomie RU Groningen
  • 1971: Beleidsmedewerker NIB
  • 1978: treasurer Rijn Schelde Verolme
  • 1982: CFO Verolme Estaleiros (Rio de Janeiro)
  • 1985: financieel bestuurder Rodamco
  • 1989: algemeen directeur Rabo International
  • 1996lid raad van bestuur Rabobank
  • 2006: president-commissaris Kas Bank
  • 2010: Commissaris ABN Amro
  • 2014: President-commissaris ABN Amro

‘We zijn niet blind voor wat er gebeurt in de wereld. We hebben niet voor niets ons trustbedrijf in 2009 verkocht. Niet voor niets hebben we Zwitserland verkocht en Curaçao gesloten. Daar zit beleid achter. Onze offshore aanwezigheid is gekrompen. We zijn enkel nog een bewaarbedrijf. Als ik er kwaad in zou zien, deden we het niet. We bewaren ook voor het clearingbedrijf, voor onder meer de flitshandel.’

U stopt wel het trustbedrijf, maar niet de functie van nominee shareholder waarbij u iemands identiteit versluiert?

‘Onze klanten vragen daar om. Ze willen dat in het kader van vermogensscheiding. Zo vermijden ze dat hun effecten bij een faillissement van de bank in de boedel vallen. We zijn hierover transparant naar de fiscus. In de trustsector begint over het algemeen het gedoe. Daar wordt gezocht naar vennootschappen achter vennootschappen. Daarom zijn we eruit gestapt. We bewaren, verder niets. Guernsey is ook geen Brits Maagdeneiland (waar veel van de vennootschappen uit de Panama Papers zijn gevestigd, red.) Het zijn vooral Engelse klanten, die we goed kennen. We vragen onze klanten tegenwoordig al onwaarschijnlijk veel. Ik krijg bijna dagelijks telefoontjes van vriendjes die klagen over wat de bank allemaal wil weten: Waar de erfenis van hun moeder vandaan komt, bijvoorbeeld. We doen ontzettend veel aan het goed binnenhalen van klanten, mensen waar we naar eer en geweten van kunnen zeggen dat ze eerlijk zijn. Er zal best wat tussendoor glippen, maar als we dat werk goed doen, vermijden we de vragen over de gordijntjes.’

U komt uit een tijd van vertrouwen. De huidige wereld kenmerkt zich door wantrouwen, zeker als het gaat om complexe financiële producten? Hoe werkt dat?

‘De wereld verschuift en daar moet je je tegen wapenen. Met striktere acceptatielimieten en – normen. Vroeger konden we bij een lening volstaan met twee kantjes. Nu is het een heel dossier, mede omdat de toezichthouder dat wil. Maar ik blijf vertrouwen houden in mensen.’

U werd bekend door uw optreden in de Tweede Kamer. Hoe kijkt u daarop terug?

‘Ik was door iedereen gewaarschuwd. Ze zeiden: ‘Je zit tegenover tien mensen die je kapot proberen te schieten. Er zijn verkiezingen in aantocht en jij doet heel slechte dingen. Je kan dus nooit winnen.’ Wat ik nog nooit had meegemaakt, is dat ze in de camera keken als ze tegen mij praatten en als ik hen antwoordde. Ongelooflijk. Ik begreep later dat het niet om mij ging, maar dat ze zich wilden profileren. Ik raakte geïntimideerd door de omstandigheden, de felheid en het ongemak dat mij overkwam. Dat mensen mij niet aankeken. Dat is toch een kwestie van normale wellevendheid. Ik heb gelukkig wel kunnen zeggen dat er zoiets is als een markt voor topbestuurders en dat de Kamer dit eerder had goedgekeurd.’

Het bestuur besloot de verhoging terug te storten. Hebben commissarissen dit van ze gevraagd?

‘We hoefden het niet meer te vragen, omdat ze het zelf aanboden. Het is zeer de vraag of we het ze zouden hebben gevraagd. Er was op dit onderwerp geen grote mate van eensgezindheid onder de commissarissen. Je wilt een betrouwbare werkgever zijn. Het bestuur heeft het heel knap gedaan. Ze hebben hun uiterste best gedaan de commotie binnenshuis en daarbuiten te stoppen en tegelijkertijd de commissarissen te vriend te houden. Het had best kunnen breken. Ze hadden ook kunnen zeggen dat zij zich door ons misleid voelden, want wij hadden het beloningsvoorstel gedaan en goedgekeurd. Dat is gelukkig niet gebeurd.’

Commissaris Peter Wakkie stapte op vanwege de contractbreuk door Den Haag. U bleef.

‘Vanwege de bank. Ik heb geen ander belang dan de bank. Peter is een goede vriend, een meesterlijke vent. Vind het jammer dat het zo is gelopen. Ik had de club liever bij elkaar gehouden.’

Wat is uw beeld van Den Haag?

‘Wat naar buiten komt, is de aanvaring. Maar ik heb geweldig respect voor mijn grootaandeelhouder. De minister, noch zijn adjudanten, noch de NLFI die de aandelen namens de staat beheert, hebben zich met de bedrijfsvoering van de bank bemoeid.’

Hij bemoeit zich met de belangrijke dingen: benoemingen en beloning.

‘Het gaat de minister om een goede raad van bestuur die waarde schept. Mijn opvolger heeft hij zonder problemen goedgekeurd. Hij heeft in al die jaren nooit naar mij of Gerrit Zalm gebeld om te vragen meer mkb’ers te helpen. Toen ik werd voorgedragen als president-commissaris, moest ik naar de minister. Hij heeft toen gezegd: ik ga ervan uit dat u er een gezonde, stevige bank van maakt, met een goed bestuur en een goede rentabiliteit want daar ontbreekt het vandaag de dag aan. Hij heeft ook nooit iets gezegd over de beursgang.’

Toekomst

‘Er zijn altijd risico’s voor de bank maar ik zie niet waar het fout kan gaan’

Star

‘Het echte probleem zit bij Frankrijk, dat maar niet hervormt’

ECB

‘Het rentebeleid is idioot, het tast onze verdiencapaciteit aan’

De beursgang, dat was uw opdracht

‘Nee, dat was het maken van een stevige, evenwichtige bank. Mijn dag van glorie was 14 oktober vorig jaar. De dag dat de brief van DNB kwam met de verklaring van geen bezwaar om op eigen benen te staan. Ik heb toen zelfs even overwogen te stoppen. DNB en de ECB hebben heel veel voorwaarden neergelegd voordat het zo ver was. Qua systemen; treasury; compliance; evenwicht in de balans. Voor dat moment was ik in 2010 naar de bank gekomen. Destijds zag ik een van de mooiste instituten van Nederland helemaal kapot gescheurd, in ‘shambles’. Gelukkig had Wouter Bos een paar van die shambles gekocht om er iets van te maken. Fortis Bank Nederland en ABN Amro zouden nooit uit zichzelf fuseren, maar het is wel gebeurd. Dat was wel een uitdaging. Dus toen Hessel Lindenbergh, destijds president-commissaris van ABN Amro, mij belde om commissaris te worden, heb ik direct ja gezegd. Die twee banken waren echt kapot. Er was geen betalingsverkeer, geen compliance. De dealingroom, ooit de mooiste van Europa, was leeg. Daar iets van maken, vond ik een eer.’

‘Ik heb in de afgelopen jaren een enorme bewondering voor deze organisatie gekregen. Ik heb nog nooit zo snel een fusie tot stand zien komen en zo goed in elkaar zien zitten. Er wordt nog altijd gesproken over ABN’ers en Amro’ers maar niemand heeft het meer over Fortis’sers en ABN Amro’ers. De klanten hebben er ook niets van gemerkt. Daar hebben wel duizenden mensen weekenden voor overgewerkt. Dat wordt wel eens vergeten.’

De vice-voorzitter wordt meestal niet de voorzitter. Toch volgde u in 2014 Lindenbergh op.

‘Ik wilde het liever niet. Ik ben eerder bij Rabo benaderd voor het voorzitterschap, toen Hans Smits opstapte. Ik wilde niet. Ik ben geen voorzitterstype. Ik vind het prima om tweede man te zijn en rustig te werken. Hessel gaf in december aan te stoppen om persoonlijke redenen. We wilden voor de aandeelhoudersvergadering van mei een opvolger. Ik was op vakantie in Namibië en dacht: zoek het maar uit met elkaar in Amsterdam. Toen werd ik gebeld. ‘We hebben de search gedaan. Er is op dit moment niemand beschikbaar die jouw kennis en ervaring kan verslaan. Wil je het toch overwegen?’ Het bestuur en collega’s wilden de continuïteit. De aandeelhouder ligt op de loer. Dan zeg je ja.’

U zegt een evenwichtige bank met solide balans achter te laten. Is de bankensector voldoende hervormd? Zijn de buffers hoog genoeg?

‘Er zijn altijd risico’s. Maar we kunnen een stootje hebben. Gekke producten doen we niet meer. We hebben een mooi evenwicht van hypotheken aan de linkerkant van de balans en het kapitaal van onze vermogensbeheerder Mees Pierson rechts. Ik zie niet waar het mis kan gaan. Er is natuurlijk wel het idiote rentebeleid dat de verdiencapaciteit aantast. En als het vertrouwen in de financiële sector plots stopt, is er een probleem. Wij lenen nog altijd geld op de markt. Niet veel, we herfinancieren ergens tussen €10 en €15 mrd op een balans van €400 mrd. Als de markt opdroogt, weet ik nog wel een potje, maar uiteindelijk zal de ECB dan wel moeten inspringen.’

Hoe ernstig is dat rentebeleid van de ECB?

‘Ík heb het idee dat de kapitalistische wereld zich begeeft in een tijdperk waarin geld niets meer waard is. Er ontstaat iets nieuws waarvan ik mij afvraag of het goed is voor deze wereld. Met nog meer stimulering gaat het de foute kant uit. Er wordt ondanks die lage rente niet extra geïnvesteerd. Het échte probleem zit voor mij bij Frankrijk en veel minder in Italië of Spanje. Die proberen wat, maar Frankrijk is zo star, het land hervormt niet. Het is in feite een groot staatsbedrijf.’

Bron: FinancieelDagblad

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *