FTM | Waarom het ‘groene’ Aruba kiest voor heropening van een stokoude olieraffinaderij

Lorenzo Fränkel | Follow The Money

Waarom het ‘groene’ Aruba kiest voor heropening van een stokoude olieraffinaderij

Aruba zou op energiegebied het groenste land ter wereld worden. Toch tekende de Arubaanse premier Mike Eman afgelopen zomer een 15-jarig contract met een nieuwe exploitant voor de olieraffinaderij op het eiland.

De heropening van dit verroeste complex wordt bovendien omgeven door een dichte mist van geheime contracten en lege cijfers. Desondanks stemde zelfs de oppositie voor de plannen. Wat is hier aan de hand?

Aruba de feiten

We rijden een spookstad binnen, langs een oude muur die helemaal tot aan de zee reikt. Seroe Colorado — oftewel The Colony — ligt in het zuidelijkste deel van Aruba, een eiland even groot als Texel, met slechts 107.800 inwoners. Aruba is sinds 1986 een autonoom onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden. In de verte steken grijs-zwarte schoorstenen boven de cactussen uit. Een splinternieuw bord heet ons welkom bij de vervallen raffinaderij, Citgo Aruba Refinery. Het villapark naast het complex ligt er verpauperd bij, een belichaming van de vergane glorie van de Arubaanse olie-industrie.

In deze ruime huizen woonden de Amerikaanse olie-expats met hun gezinnen toen de raffinaderij nog ‘de Lago’ heette. Het complex werd sinds begin jaren ‘30 geëxploiteerd door Exxon. De olie-industrie vierde in die tijd hoogtij op Aruba. Families konden binnen de muren van The Colony in het weekend naar de bioscoop of naar het strand, en ze konden tennissen, bowlen of honkballen. Een ziekenhuis en een international school maakten het plaatje compleet, waardoor de gelukkige bewoners hun oliegedreven walhalla eigenlijk nooit hoefden te verlaten. Er was zelfs een typisch Amerikaanse soda bar, waar menig verliefd stelletje een milkshake met twee rietjes kon delen. Het was een echte Pleasantville.

Maar de raffinaderij heeft ook een roemrucht oorlogsverleden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog speelde de Lago namelijk een cruciale rol in de overwinning van de geallieerden. De raffinaderij nam ruim 4 procent van het kleine eiland in beslag en was destijds de op één na grootste raffinaderij ter wereld. De grootste raffinaderij? Dat was de Isla van Shell, op zustereiland Curaçao. Olie uit alle hoeken van de wereld vloeide naar deze kleine eilanden in het zuiden van het Caribisch gebied. Samen verwerkten de twee raffinaderijen zo’n 40 procent van de Britse en Franse oliebehoefte en zo’n 80 procent van de kerosinevraag van de Britse Royal Air Force. De Amerikaanse strijd op de vele eilanden in de Stille Oceaan werd voor 75 procent gevoed door olie geraffineerd op de Antilliaanse eilanden. De invasie in Noord-Afrika draaide er zelfs volledig op. Een Duitse U-boot pleegde de eerste aanval in het westelijk halfrond op de Arubaanse raffinaderij. Dit zijn de vergeten raffinaderijen van het Koninkrijk.

De raffinaderij op Aruba ligt er nu nog verroest en verlaten bij, maar niet voor lang meer. Alle pompstations op het eiland krijgen al een metamorfose: de kleuren veranderen van turquoise naar rood en de naam op de borden verandert van Valero in Citgo. De olieraffinaderij is overgenomen, en het complex wordt helemaal vernieuwd. Een politieke overwinning voor het AVP kabinet Eman II, net op tijd voor de verkiezingen van september dit jaar.

Dubbele schok

‘Het IMF noemde dit toentertijd “the perfect storm” voor Aruba,’ zegt premier Eman tijdens een gesprek in het zeeschelpvormige bestuurskantoor van de regering — de Cocolishi — in Oranjestad. Eman schetst de gevolgen van de tijdelijke stillegging in 2010 van de olieraffinaderij die sinds 1927 een belangrijke pijler van de Arubaanse economie is geweest. De sluiting werd definitief in 2012 toen de vorige exploitant, het Amerikaanse oliebedrijf Valero, er geen heil meer in zag. ‘Toen de crisis uitbrak, had dat directe gevolgen voor toerisme en investeringen op Aruba,’ aldus de premier. ‘Het jaar daarop sloot de raffinaderij. We hadden niet alleen een wereldcrisis, maar ook een interne crisis.’

‘We hadden niet alleen een wereldcrisis, maar ook een interne crisis’

De raffinaderij verloor dagelijks zo’n half miljoen dollar, aldus de Rabobank in een analyse van het eiland. Honderden werknemers van de raffinaderij kwamen na sluiting van het complex op straat te staan. Het was voor Aruba een tweede grote klap, na het uitbreken van de economische crisis in 2008. Deze dubbele schok leidde volgens Rabobank tot een forse krimp van 15 procent van het bruto binnenlands product (bbp).

Ook de begroting kwam zwaar onder druk te staan omdat de overheid belastinginkomsten uit de oliesector misliep. In de periode 2008 -2012 nam het begrotingstekort(gele lijn in onderstaande grafiek) dan ook behoorlijk toe: van 0,1 procent (een begrotingsoverschot) naar –9,8 procent. Tussen 2003 en 2004, toen oppositiepartij MEP het land nog regeerde, gebeurde er ook iets opmerkelijks. In één klap ging de overheid van een overschot van 4,8 procent naar een tekort van 8,9 procent, een verschil van 13,7 procentpunt. De oorzaak van deze forse daling van de overheidsinkomsten is niet direct vast te stellen, maar de periode hangt wel samen met de overname van de raffinaderij door Valero van voormalige exploitant El Paso, ook een Amerikaans oliebedrijf. Vermoed wordt dat deze overname voor een tijdelijke gat in de begroting zorgde.

Macro-economische ontwikkeling Aruba

Macro-economische ontwikkeling Aruba

Toch herstelde de Arubaanse economie zich na de dubbele schok in 2008 en 2012, dankzij de forse groei van toerisme. Bovenstaande grafiek laat zien hoe de groei in omzet van toerisme (blauwe lijn) en de economische groei (rode lijn) bijna identieke trends volgen. Na de sluiting van de raffinaderij schoot Aruba echter ook naar plek nummer één op de wereldranglijst van landen die het meest afhankelijk zijn van toerisme: de Arubaanse gastvrijheid zorgt inmiddels voor 90 procent van het bbp en voor 9 van de 10 banen op het eiland.

Het effect van de crisis en de sluiting van de raffinaderij op het werkloosheidspercentage is ook te zien in de grafiek. Over de gehele periode schommelt dat rond een vrij hoge 8 procent. Na het uitbreken van de crisis en het sluiten van de raffinaderij is er een stijging naar ruim 10 procent. Daarna is er een licht neerwaartse trend tot 2015 te zien. Het werkloosheidspercentage volgt de tegenovergestelde trend van het begrotingstekort. Dit is niet vreemd: als er meer mensen zonder baan zitten, betekent dat ook minder belastinginkomsten voor de overheid.

De Arubaanse gastvrijheid zorgt voor 90 procent van het bbp

De forse groei van het toerisme compenseerde het banenverlies in de fossiele sector op Aruba. Desalniettemin bevindt het kleine eiland zich nog steeds in een zeer precaire situatie. Het is een kleine, open economie met een grote kwetsbaarheid voor onverwachte gebeurtenissen elders in de wereld — met name in de VS — en een sterk volatiele economische groei van gemiddeld 0,5 procent over de periode 2000 tot en met 2015. Het kortetermijneffect van de crisis en de sluiting van de raffinaderij op de Arubaanse economie, de werkgelegenheid en de overheidsfinanciën, stonden dan ook aan de basis van de inspanningen van kabinet Eman II om de olieraffinaderij weer draaiende te krijgen — een voorstel dat met brede steun van het parlement werd aangenomen.

Zoektocht

Richard Arends, hoofd van de Arubaanse onderhandelingsdelegatie voor de heropening van de raffinaderij en inmiddels minister van Economische Zaken (EZ), ging in 2012 op zoek naar een nieuwe exploitant. Hij werd in 2014 verder aangespoord door het Arubaanse parlement, dat het kabinet in een motie opriep om alles op alles te zetten om de raffinaderij te heropenen. ‘We hebben echt de hele wereld rondgereisd op zoek naar een kandidaat,’ aldus Arends, met 37 jaar de jongste minister van kabinet Eman II. Ik spreek Arends in zijn kantoor — eveneens in de Cocolishi — over de unieke economische uitdagingen van het kleine eiland. Hij is openhartig en zelfverzekerd.

Na in twee jaar een hele rits oliemaatschappijen — waaronder het Braziliaanse Petrobras, het Colombiaanse Ecopetrol en het Chinese Petrochina — tevergeefs te hebben benaderd, werd de situatie wanhopig: Valero moest volgens het contract binnenkort overgaan tot sloop. ‘Toen toonde Citgo [een Amerikaans dochterbedrijf van het Venezolaanse staatsoliebedrijf PDVSA, red.] in december 2014 interesse,’ vertelt Arends. ‘Maar een raffinaderij was met de zeer lage olieprijzen niet rendabel, dus Citgo wilde een upgrader. Die zou dan zware olie — die eigenlijk net asfalt is — uit Venezuela halen en die op Aruba opwaarderen tot een soort synthetische ruwe olie.’ De minister legt uit dat daar later elders eindproducten, zoals benzine, van geraffineerd kunnen worden. Citgo zou honderden miljoenen dollars steken in het opknappen van de verouderde raffinaderij. Door dit plan was Citgo voor Aruba een serieuze partner geworden.

Groen licht

Toen energieminister Mike de Meza — van wie Richard Arends toen nog de stafchef was — eindelijk bij premier Mike Eman kwam met het plan om de raffinaderij weer te openen, stond Eman voor een dilemma. Zijn regering was namelijk vol gas de groene weg ingeslagen: Eman ambieert een 100 procent duurzame energievoorziening op Aruba in 2020. Na sluiting van de raffinaderij was hij in 2010 al verder gaan werken aan zijn duurzame visie voor Aruba. ‘We wilden in de wereld gezien worden als voorbeeld van een groen eiland,’ aldus de Arubaanse premier.

Sinds zijn aantreden streeft het kabinet daarom ook naar een nieuwe economische pijler, gericht op kennisontwikkeling in duurzame energievoorziening. Kennisinstituut TNO heeft zich in 2014 op het eiland gevestigd en speelt een cruciale rol in het ontwikkelen van duurzame energievoorzieningen op het eiland. Inmiddels wekt Aruba voor 15 procent elektriciteit op uit duurzame bronnen.

“Stiekem had ik gehoopt dat de adviseurs me zouden steunen in mijn groene visie” Mike Eman, premier Aruba

Eman stond dus voor een dilemma: zijn groene ambities onverkort voortzetten of de raffinaderij heropenen om broodnodige kortetermijninkomsten uit de olie-industrie te kunnen binnenhalen. Hij vroeg om raad bij Carbon War Room en het Rocky Mountain Institute, Amerikaanse duurzaamheidsadviseurs van zijn kabinet. Hun advies was onverwacht. ‘Tot mijn verbazing vertelden ze mij dat ze mijn enthousiasme waardeerden,’ zegt Eman, ‘maar dat geen enkel ander land na de klimaatakkoorden in Parijs naar huis is gegaan en een raffinaderij heeft gesloten.’ Hij zucht en zegt: ‘Stiekem had ik gehoopt dat ze me zouden steunen in mijn groene visie.’

Maar voordat Eman in zee zou gaan met Citgo, wilde hij toch nog een laatste stap nemen. Hij stapte het vliegtuig op en reisde met Aruba’s energieminister De Meza af naar Nederland voor een second opinion, met name over de geopolitieke gevoeligheden van het tekenen van een contract met het dochterbedrijf van het Venezolaanse staatsoliebedrijf PDVSA.

‘Koenders zei: “We moeten Venezuela op de lange termijn bekijken”‘

‘Ik heb toen gesproken met de ministers Koenders en Plasterk, en met premier Rutte,’ vertelt Eman. Het gesprek met minister Koenders over de heropening van de raffinaderij schetst Eman zo: ‘Koenders zei tegen mij: “We moeten Venezuela op de lange termijn bekijken. Nederland ziet dat ondanks alle problemen, wat er ook gebeurt, daar ooit opgebouwd moet worden en daarom wil men aanwezig blijven. Natuurlijk hopen we dat deze moeilijke tijd voorbij gaat, maar zo’n investering in een raffinaderij doet u niet voor één jaar maar voor 25 jaar. En misschien weigert u het vandaag, maar is Maduro [de omstreden president van Venezuela, red.] morgen weg. Dan heeft u puur voor dit moment een beslissing genomen”.’ Eman kreeg dus ook van Nederland groen licht. De woordvoerder van minister Koenders stelt voorts dat het hier ging om een ‘vertrouwelijk gesprek’ en dat ‘het ministerie daar geen uitspraken over doet’.

Ondertekening in Caracas

In juni 2015 tekende Aruba een overeenkomst met Citgo in de Venezolaanse hoofdstad Caracas, onder het toeziend oog van de Venezolaanse president Nicolas Maduro. Ook de Nederlandse ambassadeur in Venezuela was erbij. FTM schreef eerder dat dit moment tot veel ophef leidde in de Arubaanse gemeenschap. De regering had namelijk gedurende de hele onderhandelingsperiode gecommuniceerd dat zij in onderhandeling was met Citgo, een Amerikaans bedrijf met een hoofdkantoor in Houston, en niet met het moederbedrijf, de Venezolaanse staatsoliemaatschappij PDVSA. ‘Wij hadden natuurlijk het liefst dat het contract hier op Aruba ondertekend werd,’ aldus minister Arends, ‘maar het verzoek om het in Caracas te ondertekenen kwam van het Citgo-onderhandelingsteam.’

Valero droeg de raffinaderij — met al het oud ijzer en de zwaar verontreinigde bodem — en een over verschillende jaren opgebouwd opruimfonds van 27 miljoen Arubaanse guldens, over aan een door de regering in het leven geroepen staatsbedrijf, Refineria di Aruba (RDA). RDA gaat komende 15 jaar de raffinaderij leasen aan Citgo. Voor Aruba’s energieminister De Meza, zelf al jaren woonachtig in San Nicolas waar de raffinaderij gevestigd is, was dit een grandioze overwinning. Volgens Eman was de energieminister al vanaf zijn aantreden fanatiek bezig geweest met de heropening. Voor de groene visie van Eman was dit echter een harde klap. Zijn kabinet verloor het vertrouwen van het deel van de Arubaanse gemeenschap dat zich al richtte op een duurzame toekomst na de raffinaderij.

De raffinaderij in de buurt van de kust

De toegangsweg naar de raffinaderij

De raffinaderij in de verte

Wel stelde Eman harde eisen met betrekking tot de ‘vergroening’ van de raffinaderij. ‘De raffinaderij moet op aardgas draaien, anders gaat ze niet aan,’ aldus de premier. ‘Dat is in het contract vastgelegd. Als de raffinaderij op gas draait, zijn er minder emissies.’ Ook minister Arends (EZ) benadrukt dit punt: de honderden miljoenen dollars aan investeringen die Citgo gaat maken in de raffinaderij, zijn volgens hem bedoeld om het complex op gas te laten draaien. ‘Volgende week zijn we met Citgo in Venezuela om de pijpleiding te bespreken die het gas zal aanleveren,’ aldus minister Arends. Ook zijn er plannen om CO2 af te vangen en daarmee algen te kweken.

Uiteindelijk is dit dan ook hoe premier Eman de beslissing van zijn ‘groene’ kabinet verantwoordt aan de buitenwereld. Het zal een wereldprimeur zijn om deze technologie op industriële schaal toe te passen, en de hele wereld kijkt toe, stelt Eman tijdens een persconferentie op Aruba. ‘Deze combinatie van een industrie die al jaren een grote bijdrage levert aan de Arubaanse economie, maar die ook binnen het groene beleid past van de huidige regering, is the best of both worlds.’

Geen transparantie

De goedkeuring van dit plan door het parlement ging echter gepaard met een groot gebrek aan transparantie: parlementariërs kregen slechts tien dagen de tijd om onder toezicht het 2000 pagina’s tellende contract te bestuderen, dat bovendien niet werd gedeeld met pers en publiek. Volgens minister Arends wilden de huidige exploitant Citgo en de voormalige exploitant — en concurrent — Valero niet dat het document publiek gemaakt werd. ‘Ik vertelde hen dat we dat eigenlijk niet kunnen doen, omdat we het aan de Staten ter goedkeuring moeten voorleggen,’ zegt de minister. Maar volgens Arends kan Land Aruba niet eenzijdig bepalen wat de bedrijfsgeheimen zijn. ‘Dat bepalen onze tegenpartijen,’ aldus de minister.

‘Er zullen speciale voorwaarden in het document staan die het imago van de bedrijven aantasten’

Een expert uit de olie-industrie heeft daar het volgende over te zeggen: ‘Ik kan begrijpen dat Citgo en Valero dit document willen achterhouden. Er zullen speciale voorwaarden in staan die door de maatschappij als oneerlijk gezien kunnen worden, wat het imago van de bedrijven aantast. Multinationals hebben immers veel opties om zich ergens te vestigen en het bieden van fiscale voordelen is een van de manieren om deze bedrijven aan te trekken.’

‘Het proces was beschamend,’ aldus parlementariër Evelyn Wever-Croes, leider van oppositiepartij MEP. Ik spreek haar in de fractiekamer van de MEP, waar de beeltenis van haar oom, de Status Aparte-strijder Betico Croes, met gezag op ons neerkijkt. Wever-Croes heeft het contract thuis liggen. ‘Als je alleen naar de deal, cijfers en risico’s kijkt, dan zou geen weldenkend mens hier zomaar voor tekenen,’ concludeert zij. ‘Bovendien moeten alle documenten die door de Staten behandeld worden, gewoon openbaar zijn. En ik kan je verzekeren dat er geen gevoelige informatie of bedrijfsgeheimen in dit contract zitten.’

Evelyn Wever-Croes, oppositiepartijleider “Het proces was beschamend”

Het contract is inmiddels een publiek geheim op het eiland, en ook minister Arends zegt dat de documenten openbaar moeten zijn. ‘In Nederland is dit niet zo, maar op Aruba is alles openbaar,’ vertelt de minister. ‘Maar omdat iemand foto’s heeft gemaakt van het contract, wordt er nu politiek mee bedreven en leidt het een heel eigen leven.’ FTM kreeg het contract ook in handen. Daarin is expliciet gesteld dat de overeenkomst eerst goedgekeurd moet worden door het parlement. Los van de wensen van Citgo of Valero, dit document moest openbaar zijn door het openbare karakter van het Arubaanse parlement.

Blind parlement

Ondanks deze ondoorzichtigheid, werd het plan uiteindelijk vrijwel unaniem gesteund in de Arubaanse ‘Tweede Kamer’: 19 van de 21 leden stemden voor, zowel de fracties van oppositiepartij MEP als regeringspartij AVP. Dus ook Wever-Croes, die eerder in ons gesprek het proces ‘beschamend’ noemde. Ze vertelt bovendien dat niet haar hele fractie ‘behoefte’ had aan het bestuderen van het contract. ‘Ik wel, dat ligt aan mijn aard als jurist,’ zegt ze.

Marisol Lopez-Tromp, voormalig minister van infrastructuur en onderwijs, ex-lid van zowel MEP als AVP en tegenwoordig onafhankelijk parlementslid, stemde als enige tegen de heropening (één parlementslid van de AVP stemde niet omdat ze met zwangerschapsverlof was). ‘De gezondheids- en milieurisico’s van de raffinaderij zijn onaanvaardbaar,’ aldus Lopez-Tromp. ‘In mijn tijd als minister heb ik meegemaakt dat de giftige gassen van de raffinaderij kinderen in de regio ziek maakten. Als de wind draaide, gingen alle gassen de scholen in, die dan ontruimd moesten worden. Dit is niet nieuw. Iedereen die in San Nicolas woont weet dat. De minister van Volksgezondheid, longarts Alex Schwengle, gaf zelfs in een openbaar debat toe dat het gevaarlijk is.’

MEP-fractieleider Wever-Croes noemt de gezondheidsrisico’s ook ‘vreselijk’. Ze heeft energieminister De Meza gecommitteerd een onderzoek hierover af te leveren, maar dat laat nog steeds op zich wachten. ‘Hij heeft beloofd dat nog voordat de raffinaderij gaat draaien, er een onderzoek is gedaan over de gezondheids- en milieurisico’s,’ zegt Wever-Croes. Na een interviewafspraak in november op het laatste moment te hebben afgezegd, negeert minister De Meza nu stelselmatig elk interviewverzoek van FTM.

“De gezondheids- en milieurisico’s van de raffinaderij zijn onaanvaardbaar” Marisol Lopez-Tromp, onafhankelijk parlementslid

In januari stelde Wever-Croes namens haar fractie ook vragen in de Staten aan premier Eman, minister Arends (EZ) en energieminister De Meza. Daarin staat dat haar fractie de heropening steunde op voorwaarde van het op korte termijn ontvangen van een risico-analyse, en dat zij daar toezegging voor kregen van de regering. ‘Inmiddels zijn ruim drie maanden verstreken en wij hebben die analyse nog niet ontvangen,’ aldus de MEP-fractie in de Statenvragen.
Banen

Wat was dan het argument van regering en parlement om zonder vooronderzoek over de impact en risico’s, de raffinaderij toch te heropenen? Alle voorstanders zijn het erover eens: het gaat hier om banen en het historisch belang van de raffinaderij voor Aruba.

Volgens premier Eman gaat het om ‘drie- tot vierduizend banen’. Tijdens een persconferentie heeft energieminister Mike de Meza het over 2500 banen. Minister van Economische Zaken Richard Arends heeft het tijdens ons gesprek over zo’n 1000 mensen die tijdens de operationele fase direct constant werkzaam zullen zijn bij de raffinaderij. ‘De eerste drie jaar zitten we in de herstelperiode en daarna in de operationele periode,’ legt hij uit. ‘In de herstelfase zijn er zoveel projecten gaande dat er in de piek tot ongeveer 3000 mensen tegelijkertijd aan het werk zijn om de raffinaderij operationeel te krijgen. In de operationele periode daarna heb je standaard op elk gegeven moment 1000 werknemers bij de raffinaderij, waarvan 600 vaste werknemers en 400 op contractbasis. Daarbij houd ik geen rekening met aannemers op contractbasis voor specifieke projecten. Dat komt er nog bij. Dus uiteindelijk 1000 banen, met een uitstralingseffect dat groter is.’

‘Er is een enorme werkloosheid op Aruba, met name onder jongeren’

Wever-Croes kaart ook aan dat het hier gaat om nieuwe banen voor jongeren die een technische opleiding doen. ‘Er is een enorme werkloosheid op Aruba, met name onder jongeren,’ stelt zij. ‘Maar lang niet iedereen gaat de diensten- of de toerismesector in en alleen een heel klein percentage gaat verder studeren in het buitenland. De meesten blijven hier op Aruba. De raffinaderij biedt deze jongeren een andere optie.’ Ook zegt ze dat haar partij een enquête onder de bewoners van San Nicolas heeft gedaan, waaruit bleek dat 80 procent van de bewoners positief was over de heropening van de raffinaderij. Minister Arends benadrukt dat de raffinaderij inderdaad een ‘psychische component’ heeft op Aruba. ‘Voor sommige mensen is een Aruba zonder raffinaderij geen Aruba.’

Onderzoek ‘geen prioriteit’

Uit alle gesprekken wordt echter duidelijk dat de schattingen van potentiële banencreatie als gevolg van de nieuwe raffinaderij niet zijn gebaseerd op actueel onderzoek. De cijfers die Eman en Arends noemen, gaan uit van wat de raffinaderij in 2006 aan de Arubaanse economie bijdroeg volgens berekeningen van de Aruba Investment Bank (AIB). Volgens recente cijfers van de Centrale Bank Aruba in onderstaande grafiek waren er voor de sluiting in 2010 zo’n 600 werknemers in dienst bij de raffinaderij, maar de hoeveelheid gecontracteerde werknemers is onduidelijk. De schatting van Arends voor het aantal werknemers tijdens de operationele fase komt het dichtst in de buurt.

Naast de ontbrekende milieu- en gezondheidsonderzoeken is er dus van tevoren ook geen concrete economische impactanalyse gedaan van de heropening van de raffinaderij. De schattingen die voorafgaand aan de heropening regelmatig gecommuniceerd werden aan het publiek blijken nattevingerwerk te zijn op basis van een geëxtrapoleerde geschiedenis. Desondanks werd er in juni 2016 getekend, en werd het plan bijna unaniem gesteund door het parlement.

Aantal directe werknemers raffinaderij


Aantal directe werknemers raffinaderij

‘We verwachten net als met Valero jaarlijks zo’n 90 miljoen gulden aan belastinginkomsten via werk- en aannemers, 10 miljoen gulden aan huur, en 10 miljoen belasting van Citgo zelf te innen,’ legt Arends uit. ‘We hebben de AIB gevraagd om dezelfde economische impactanalyse als die van 2006 te doen, nu voor de heropening van de raffinaderij.’

Inmiddels is de analyse door de AIB gedaan. De lokale krant Amigoe berichtte afgelopen week over een persbericht van de regering waarin staat dat het onderzoek van AIB aantoont dat de heropening van de raffinaderij een positief effect gaat hebben op de lokale economie. Amigoe meldt dat volgens Arends de heropening tot zo’n 200 miljoen gulden voor de staatskas oplevert en tot 3,1 procent meer arbeidsgelegenheid, wat neerkomt op zo’n 1500 banen. Ook dit rapport blijkt echter nog niet publiek inzichtelijk, terwijl minister Arends eerder verzekerde dat de toegang tot deze informatie openbaar zou worden gemaakt, aldus de krant.

Waarom is de economische impactanalyse niet eerder door de regering aangevraagd?

Waarom is deze analyse niet eerder door de regering aangevraagd, bijvoorbeeld voordat het contract met Citgo is ondertekend? ‘We moesten nog informatie van Citgo krijgen, en je geeft de AIB niet zomaar een opdracht die meteen wordt uitgevoerd,’ legt de minister uit. ‘De AIB heeft eerst informatie nodig en moet die informatie vervolgens valideren. We hadden natuurlijk wel een idee dat heropening een positieve economische impact zou opleveren, maar we konden niet nóg langer met Citgo en Valero aan tafel blijven zitten. Een onderzoek had op dat moment geen prioriteit. We hadden natuurlijk liever gewild dat die onderzoeken bekend zouden zijn bij de aanbieding van het contract aan de Staten.’

Financieel toezicht sceptisch

Ruim voordat het door de regering aangevraagde onderzoek van de AIB af was, ontving het College Aruba financieel toezicht (CAft) op 15 december 2016 een ‘impact- en risicoanalyserapport van de regering’ betreffende de heropening van de raffinaderij. Het toezichtsorgaan werd door Aruba in samenwerking met Nederland opgericht na een budgetconflict in 2014, toen de Arubaanse premier Eman zelfs in hongerstaking ging. FTM sprak premier Eman in november vorig jaar over de oorsprong van dit conflict en de gespannen relatie met moederland Nederland.

Het toezichtsorgaan oefent controle uit op de Arubaanse begroting en heeft volgens Eman ‘veel invloed’ gehad op het financieel beleid van zijn kabinet. Als Aruba zich niet aan de wettelijk vastgestelde begrotingsnormen houdt, zegt de premier, dan wordt de begroting door Nederland tegengehouden. Premier Eman liet in het interview met FTM weten dat na het kabinet van christendemocraat en geestverwant Balkenende, de druk om het tekort terug te draaien onder de bezuinigingsmentaliteit van kabinet Rutte sterk toenam. De prioriteiten van Emans regering zijn zodoende door het CAft nadrukkelijk verschoven naar het op korte termijn voldoen aan de begrotingsnormen.

“Als Aruba zich niet aan de begrotingsnormen houdt, wordt de begroting door Nederland tegengehouden” Mike Eman, premier Aruba

‘Hoe de regering die begrotingsnormen wil halen is echter een hele andere vraag,’ aldus CAft-voorzitter Age Bakker in een toespraak vorig jaar over de rol van financieel toezicht op Aruba. ‘Aruba kan bijvoorbeeld het aantal ambtenaren verminderen of de belastingen verhogen. Dit is iets wat de Arubaanse overheid zelf beslist. Het CAft bemoeit zich niet met beleid omdat dit politieke vraagstukken zijn die door politici moeten worden opgelost, niet door het toezichtsorgaan.’ Maar het CAft kan wel een stok achter de deur zetten. Bakker: ‘Als de Arubaanse regering zich niet houdt aan de afgesproken regels, is escalatie naar een hoger niveau mogelijk. Niet dat dat gewenst is, maar soms is het noodzakelijk. Interne toezichtsorganen, zoals de Raad van Advies, hebben deze mogelijkheid niet.’ Age Bakker is tevens in buitengewone dienst bij de Raad van State in Nederland.

Aruba-raffinaderij stokoud

Aruba-raffinaderij verwaardeloost

Aruba-raffinaderij verroest

Het CAft uit twijfels over de impactanalyse van de heropening van de raffinaderij in een brief aan de minister van Financiën Angel Bermudez, en het verzoek voor opheldering van de regering werd opgepikt door de lokale nieuwssite Noticiacla. Het CAft is sceptisch over de door de regering geschatte arbeidsbezetting van de raffinaderij dit jaar. In de analyse gaat het om 1250 banen, die volgens de regering per januari 2017 ‘volledig bezet’ zouden moeten zijn.

Deze beoogde arbeidsbezetting in 2017 strookt echter niet met de 3000 banen die minister Arends schat voor de herstelfase en waar premier Eman aan refereerde in ons gesprek, of de 2500 banen die energieminister Mike de Meza noemde in een persconferentie. De 1250 banen bestaan volgens het door het CAft ontvangen regeringsrapport uit 600 directe en 650 indirecte arbeidsplaatsen. Deze banen zouden dus belastingopbrengsten leveren, wat meer ruimte op de begroting zou bieden. Maar het is een wirwar van cijfers.

Volgens Noticiacla ziet het CAft dat de overheid in haar berekeningen heeft aangenomen dat deze 1250 arbeidsplaatsen vanaf januari 2017 al ‘volledig bezet zullen zijn,’ maar acht het CAft het onwaarschijnlijk dat ‘deze medewerkers allemaal vanaf januari werkzaam zullen zijn.’ Het CAft vindt de fors hogere begrote opbrengsten van de loonbelasting voor 2017 hierdoor niet realistisch, aldus de nieuwswebsite.

‘Het CAft is een genadeloze waarheidsverteller en een betrouwbare adviseur,’ aldus Age Bakker, voorzitter van het CAft

Bronnen: Colleges financieel toezicht, toespraak CAft-voorzitter Age Bakker

De regering heeft een forse vermindering van het tekort de afgelopen jaren gerealiseerd; van -9,8 procent in 2012 tot -4,2 procent in 2015. ‘We hebben flinke hervormingen doorgevoerd voor dingen die enorm wogen op de begroting, zoals het ambtenarenpensioen,’ vertelt premier Eman. ‘We hebben ook de pensioengerechtigde leeftijd verhoogd naar 65.’

Het CAft oordeelt echter dat de regering dit jaar de norm van -0,5 procent behaalt door incidentele baten, mede door de afkoopsom van 27 miljoen gulden van Valero aan Land Aruba voor het overnemen van de raffinaderij. Het CAft heeft ook meermalen aangegeven zich zorgen te maken over het gebrek aan structurele verbeteringen van de begroting. Ondanks de voorgenomen sanering blijven de personeelskosten stijgen, aldus het toezichtsorgaan.

Van de pakweg 52.000 Arubanen die nu werkzaam zijn op het eiland, verdienen maar liefst circa 5000 mensen hun brood bij de overheid. Deze kostenpost is dus nog steeds een grote aderlating voor de Arubaanse begroting en het structureel aanpakken van dit probleem staat aan de basis van duurzame overheidsfinanciën. Desalniettemin hebben opeenvolgende regeringen van alle politieke kleuren dit probleem de afgelopen decennia niet serieus aan de kaak gesteld, aldus Stichting Deugdelijk Bestuur Aruba in haar uitgebreide rapport over het personeelsbeleid. In het interview met FTM afgelopen november vertelde premier Eman dat dit onderwerp ‘heel gevoelig ligt bij de vakbonden’ omdat er onderhandeld moet worden over ‘verworven rechten’.

Van de 52.000 werkzame Arubanen, verdienen maar liefst 5000 mensen hun brood bij de overheid

Het CAft is nu nog in afwachting van een reactie van de minister van Financiën. FTM nam contact op met de toezichthouder om verder over de Citgo-kwestie in detail te treden, maar die ‘acht het niet passend om interviews over dit onderwerp te geven in dit stadium van het adviseringstraject.’ Het CAft heeft namelijk recentelijk een voorlopig advies verleend aan de Arubaanse regering. Waarschijnlijk gaat dit om de brief die de toezichthouder aan de minister van Financiën stuurde. Het CAft: ‘Dit advies betreft onder meer de deal met de Citgo. Het zou aldus niet correct zijn om nu, lopende dit communicatietraject met de regering, extern te communiceren.’

Premier Eman hield afgelopen donderdag daarentegen een persconferentie over het meest recente rapport van het CAft over de houdbaarheid van de overheidsfinanciën. De premier vertelt dat het CAft een oordeel heeft gegeven over de begroting voor 2017: Aruba voldoet aan de wettelijke norm van een 0,5 procent begrotingstekort. Maar ook dit rapport is nog niet publiekelijk beschikbaar, meldt lokale nieuwssite Noticiacla. Een kijkje op de site van het CAft bevestigt dit. Het CAft geeft verder toe aan de nieuwswebsite dat er verkeerd is gehandeld, en dat de brief van het CAft met het verzoek aan Financiën minister Bermudez voor opheldering over de begroting van 2017 eigenlijk niet gepubliceerd moest worden.

Buitenlandse aannemers

Terug naar de beoogde werkgelegenheid als gevolg van heropening van de raffinaderij. ‘Arubanen hebben voorrang tijdens de sollicitaties,’ stelt minister Arends van Economische Zaken. ‘En het is vastgelegd in het contract dat Citgo maximaal 20 procent buitenlandse werknemers mag aannemen.’ Dit betreft artikel 9.3 over het maximale aantal buitenlandse werknemers, maar FTM bestudeerde het contract en stuitte op een opmerkelijke clausule met mogelijke implicaties voor het aantal buitenlandse aannemers dat Citgo in dienst zou mogen nemen.

Het gaat om artikel 9.4, waarin staat dat Citgo de ‘absolute discretionaire autoriteit’ heeft om ‘buitenlandse aannemers’ in te zetten voor activiteiten waarvoor ‘geen lokale Arubaanse aannemers zijn met gelijke vaardigheden tegen vergelijkbare tarieven.’ Citgo heeft hierbij ook nog het absolute recht om te beslissen welke vaardigheden en tarieven als gekwalificeerd gelden. Bovendien is de regering verplicht om verblijfsvergunningen voor deze buitenlandse aannemers en hun ‘naaste familie’ te regelen. Kritische parlementariër Marisol Lopez-Tromp, die tegen de heropening stemde: ‘Deze deal heeft vergaande demografische gevolgen.’

‘Deze deal heeft vergaande demografische gevolgen’

Minister Arends zegt daarop dat de regering een ‘zeer actieve rol’ heeft bij de aanstelling van werknemers, en de keuzes van Citgo altijd te kunnen betwisten. ‘Er zijn afspraken hierover vastgelegd in een protocol,’ vertelt de minister. Maar de keuze voor het in dienst nemen van of aangaan van contracten met aannemers is uiteindelijk contractueel gezien geheel aan Citgo. Zodoende zou het oliebedrijf toch het maximum van 20 procent buitenlandse werknemers kunnen omzeilen door op contractbasis buitenlandse aannemers in te zetten. De concurrentiepositie van de Arubaanse aannemer zou hier dan in het geding komen.

Bovendien berichtte het Caribisch Netwerk dat er een ferrydienst op komst is die 600 passagiers tussen Aruba, Curaçao, Bonaire en Paraguana — het Venezolaanse schiereiland op een kleine 30 kilometer afstand van Aruba — zal schipperen. De ferry werd al tijdens de feestelijke opening van de raffinaderij aangekondigd door een afgevaardigde van de Venezolaanse regering. Venezolaanse ferrydienst Naviera Paraguana zou hier nu over in gesprek zijn met de lokale regeringen, aldus het Caribisch Netwerk.

Het bedrijf zou de investering baseren op een met het Koninkrijk gesloten samenwerkingsovereenkomst in 2013, waar toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Frans Timmermans een Memorandum of Understanding ondertekende met zijn Venezolaanse ambtgenoot Elias Jaua Milano. Hierin staat dat het Koninkrijk en de Venezolaanse overheid met elkaar gaan samenwerken op het gebied van onder meer economie, defensie, milieu, telecommunicatie, transport en wetenschap, meldt het Caribisch Netwerk. Op een mooie dag is het Venezolaanse schiereiland zeer goed te zien vanaf Arubaanse kust.

Leven na de raffinaderij

Veel Arubaanse olie- en raffinage-experts verhuisden na de sluiting van de raffinaderij in 2010 naar het buitenland, op zoek naar werk in olierijke landen. ‘Of zij terugkomen?’ vraagt Arends. ‘Ik zie ze wel terugkomen als de raffinaderij eenmaal volledig operationeel is. Citgo gaat immers niet opnieuw het wiel uitvinden.’

Minister Arends vertelt verder dat de regering ex-werknemers en aannemers van de Valero na sluiting van de raffinaderij zelfs aan nieuw werk heeft geholpen. ‘Aannemers zijn andere dingen gaan doen op Aruba, zoals infrastructuur,’ zegt de minister. ‘Daarom was het zo belangrijk om al die infrastructurele projecten op gang te krijgen, zodat deze bedrijven werk hadden. Wat betreft de werknemers van de raffinaderij, van hen zijn er veel de duurzame energiesector ingegaan.’

“Veel van de werknemers van de raffinaderij zijn de duurzame energiesector ingegaan” Richard Arends, Arubaanse minister Economische Zaken

De regering van Eman jaagt namelijk sinds haar aantreden in 2009 hartstochtelijk vele duurzame infrastructurele projecten aan op het eiland. Ondanks de dubbele schok en de lokale beperkingen werd Aruba binnen een korte tijd het internationale voorbeeld voor kleine eilanden die een breed welvaartsbegrip najagen. In 2014 mocht Eman zijn verhaal in Nederland houden tijdens een TEDx evenement in de Ridderzaal in Den Haag.

Achterstandswijken en de binnenstad van Oranjestad werden opgeknapt. Er kwam zelfs een tram. Een scala aan zonnepaneelprojecten op verschillende locaties op het eiland decentraliseerde de energieopwekking. Er is een loop- en fietspad langs de kust aangelegd van de binnenstad tot aan het vliegveld. En vorig jaar is het megaproject ‘Green Corridor’ van start gegaan: er komt een vierbaansweg naar het relatief onderontwikkelde San Nicolas, inclusief een ambitieuze boogbrug en groene parken. ‘Dat is allemaal niet per se hetzelfde werk, maar min of meer in die richting,’ gaat minister Arends (EZ) verder. ‘Dit is een klassiek voorbeeld van om-, her-, en bijscholing.’

Groen volkskapitalisme

‘Als we nieuwe banen wilden creëren, hadden we dat ook met een ander project kunnen bereiken,’ merkt onafhankelijk parlementslid Marisol Lopez-Tromp op tijdens ons gesprek over de opleving van achterstandsgebied San Nicolas, waar de raffinaderij staat. ‘Met een raffinaderij in de buurt is dat nu zo moeilijk. Toen ik minister van Infrastructuur was, hebben we geprobeerd mooie en vriendelijke projecten in San Nicolas van de grond te krijgen. Ik maakte mee dat veel binnen- en buitenlandse investeerders geïnteresseerd waren en naar mij toe kwamen. Maar zodra ze de raffinaderij zagen, haakten ze af.’

‘Als we nieuwe banen wilden creëren, hadden we dat ook met een ander project kunnen bereiken’

Ook de Kamer van Koophandel (Kvk) Aruba is van mening dat ‘de aanwezigheid van een raffinaderij andere duurzame economische activiteiten in die regio in de weg kan staan’. Lokale ondernemer en ingenieur Jamal Mahawat Khan vertelt mij tijdens een typisch zware Arubaanse lunch enthousiast over het plan dat de KvK in mei 2013 presenteerde voor een herbestemming van het immense en verouderde oliecomplex. Ten tijde van de sluiting van de raffinaderij in 2012 was hij namelijk de voorzitter van de KvK.

‘De regering kon niemand vinden voor de heropening, dus de Kamer zag zich genoodzaakt om met een alternatief plan te komen,’ zegt de ex-voorzitter. ‘De bedoeling was dat we een ander technisch-industriële pijler voor Aruba zouden creëren die meer verschilt van de andere en toekomstbestendiger is dan wat we nu hebben. We wilden een integrale aanpak, het ging erom dat het volk en de ondernemers van Aruba hun toekomst zelf zouden kunnen opbouwen. Het motto van het programma was dan ook: Destiny in our own hands.’ Dit project moest, zegt de ondernemer, het toonbeeld zijn van een transparante bedrijfsvoering op Aruba.

Aruba-raffinaderij toegangspoort

Aruba-raffinaderij verboden toegang

Dit hele project om Aruba een duurzame toekomst op de lange termijn te geven zou volgens Mahawat Khan door het volk zelf betaald worden: ‘Het zou volkskapitalisme op Aruba zijn. Het plan was om het hele complex over te nemen van Valero en over te hevelen naar een private entiteit: de San Nicolas Development Authority (SNDA). Iedereen zou aandelen in SNDA kunnen kopen om het project te financieren. Het zou gaan om 50 miljoen gulden aandelenkapitaal en de aandelen zouden dan zo’n 100 gulden per stuk kosten. Aandelen die gekocht kunnen worden door burgers, ondernemers, pensioenfondsen, verzekeraars, enzovoorts. Daarmee creëer je een breed draagvlak voor het project.’

De presentatie van het concrete plan van de SNDA werd groots aangepakt. Iedereen was uitgenodigd — het volk, de regering, het parlement en de pers — en alles werd rechtstreeks uitgezonden op het lokale televisiekanaal Telearuba. Het plan werd gepresenteerd als drieluik: opknappen, slopen, en ontwikkelen.

‘Ten eerste zouden we de olieterminal met diepzeehaven en opslag opknappen en moderniseren,’ vertelt Mahawat Khan. ‘We liggen buiten het orkaangebied en de diepzeehaven in San Nicolas heeft een strategische ligging. Daar kunnen supertankers aanmeren, die van en naar het Panamakanaal komen en gaan. We zouden daar relatief schone producten kunnen opslaan, zoals geraffineerde olie, diesel en kerosine.’ Op deze manier zou Aruba haar fossiel verleden niet helemaal vergeten en alleen de relatief schone aspecten ervan behouden. ‘Er zou ook een bunkerstation komen en een containerhaven,’ zegt de ex-voorzitter. ‘Het plan was ook om daar een specialistische scheepsreparatiewerf op te zetten.’

Stap twee was de totale sloop van de raffinaderij. ‘Ik zag geld in schroot,’ begint Mahawat Khan. ‘Toen wij de presentatie deden was de staalprijs hoog, dus de opbrengst van de verkoop van het materiaal zou de sloopkosten makkelijk dekken. Dat weet ik omdat ik zelf wel eens binnen dat terrein heb gesloopt. Er ligt daar zo’n 500.000 ton staal. Een ton schroot staal kon je toen voor 250 dollar verkopen. Een opbrengst van 125 miljoen dollar, tegenover de door Valero [toenmalige exploitant, red.] zelf geschatte sloopkosten van zo’n 60 miljoen.’

“Het zou volkskapitalisme op Aruba zijn” Jamal Mahawat Khan, voormalig voorzitter KvK

Het terrein is zwaar vervuild, maar Mahawat Khan vertelt dat met een speciaal soort afdekstof, geotextile, en zand de bodem met schadelijke stoffen afgedekt kan worden. ‘Het terrein echt schoonmaken is jammer genoeg een gepasseerd station. Daar is al zo lang olie de bodem in gelekt, het zou honderden miljoenen kosten willen we dat serieus aanpakken. Wubbo Ockels [de in 2014 overleden Nederlandse austronaut, red.] had ons naar aanleiding van ons plan wel geadviseerd om olie-etende bacteriën in de bodem te gooien.’ Volgens Khan zouden de schoonmaakkosten ook gedekt worden uit de opbrengsten van de schrootverkoop.

Dan het derde deel van het plan: het ontwikkelen van een groot lab voor duurzame energieontwikkeling van internationale allure. ‘Dit lab zou een unicum zijn in de regio,’ aldus Mahawat Khan. ‘Je zou er lokale en internationale bedrijven een plek kunnen geven om hernieuwbare energiebronnen te ontwikkelen uit zon, wind en zee, en te experimenteren met alternatieve bronnen, zoals waterstof. De ligging naast de zee en de interactie met de diepzeehaven, terminal en reparatiewerf zou ook synergetische voordelen opleveren. Het opknappen van de terminal en het slopen van de raffinaderij zou zo’n twee jaar duren. De ontwikkeling van het duurzame energielab is natuurlijk een project voor de lange termijn.’

En dan de hamvraag: zou dit plan meer werkgelegenheid opleveren dan de heropening van de raffinaderij? ‘Het opknappen en moderniseren van de terminal en het slopen van de raffinaderij zouden op de korte termijn werkgelegenheid opleveren op vergelijkbaar niveau als de opstart van de raffinaderij nu,’ zegt Mahawat Khan, ‘maar het lab zou in ieder geval voor de lange termijn veel meer lokale en meer diverse werkgelegenheid creëren. Dat komt omdat het project fundamenteel vanuit de omgekeerde vraag begint vergeleken met de heropening van de raffinaderij. De raffinaderij begint vanuit de vraag: wiens talenten sluiten aan bij olieraffinage? Maar olie is inmiddels een erg achterhaalde industrie en de toekomst ligt in duurzaamheid. Met het duurzame energielab is de vraag daarentegen: welke talenten hebben we beschikbaar en welke bedrijven kunnen we dan opzetten om die talenten het beste te benutten, nu en in de toekomst?’

De zuidelijkste punt van Aruba waar de raffinaderij staat. De witte cirkels zijn opslagtanks | Google

‘Die internationale bedrijven komen dan weliswaar ook met hun eigen ingenieurs, maar ze zullen wel genoeg lokale mensen nodig hebben. Het gaat erom dat allerlei bedrijven zich bij het nieuwe lab en de terminal zouden aandienen en zich daar verder zouden ontwikkelen. Buitenlandse bedrijven en supertankers zouden speciaal daarvoor naar Aruba komen. We creëren daarmee een vruchtbare synergie van wederzijds belang tussen groot en klein, lokaal en internationaal, in plaats van de afhankelijkheid die we nu hebben van één groot overkoepelend oliebedrijf. En het rendement is dan ook voornamelijk voor Aruba.’

Met de overheid als een van de aandeelhouders zou dit plan volgens Mahawat Khan dus ook de begroting spekken met inkomsten uit een duurzaam initiatief. ‘De overheid zou als co-piloot delen in het rendement en in het San Nicolas Development Authority een bondgenoot hebben in het creëren van een duurzame economische pijler.’ Hij gelooft heilig in dit plan: ‘Ik steek mijn hand in het vuur voor mijn verhaal.’

Het enthousiasme van Mahawat Khan over dit plan is aanstekelijk. Maar net als de regering ontbreekt er toch een ‘officiële’ economische impactanalyse van dit plan. Wel lijkt dit plan op het eerste gezicht beter te passen binnen het groene beleid van kabinet Eman II. In ieder geval beter dan het weer opstarten van een bijna honderd jaar oude verroeste raffinaderij, met behulp van een dochterbedrijf van het staatsoliebedrijf van kwakkelende Venezuela. Waarom steunde zijn kabinet een serieuze verkenning van de mogelijkheden van dit plan dan niet?

Reacties

‘De Kvk had een uitstekend plan,’ zegt oppositieleider en parlementariër Wever-Croes als ik haar dit voorleg. ‘We waren bij de eerste presentatie en hadden er daarna vergaderingen over met de KvK.’ Ze wijst echter naar de regering: ‘Jammer genoeg werd dit plan niet gesteund, mede door het feit dat er elders op het eiland al een nieuwe containerhaven gepland was.’ Mahawat Khan bevestigt dat de eerste reactie van de regering ‘negatief was,’ voornamelijk omdat ze ‘geen vertrouwen hadden dat het geld tevoorschijn zou komen’. Dit terwijl de eerste reacties uit de zaal meteen na de presentatie heel positief waren, ‘zowel van de parlementariërs van de oppositie als sleutelfiguren uit het bedrijfsleven’. Er waren zelfs twee grote pensioenfondsen die bereid waren om er geld in te steken, aldus de ex-voorzitter.

Het oordeel van minister Arends (EZ) over het KvK-plan is genadeloos

Mahawat Khan is toen op eigen houtje met dit plan naar de vorige exploitanten — Valero — gegaan, die er naar eigen zeggen erg positief over waren. Maar zij lieten de keuze uiteindelijk aan de Arubaanse regering over, zegt Mahawat Khan. Voor Valero zou het in feite op hetzelfde neerkomen, stelt hij, maar het terugtrekken zou voor hen onder veel positievere omstandigheden geschieden. ‘Het enige wat de overheid moest doen is wat ze nu al gedaan heeft: Valero een “verlaat de gevangenis zonder betalen” vrijkaart geven. Over het plan van de Kvk hadden de Valero-topmannen dit te zeggen: “Get approval from your government, and we will play ball”.’

Minister Arends van Economische Zaken — ten tijde van de presentatie nog stafchef van energieminister Mike de Meza — zegt hoofdschuddend dat dit plan nooit langs officiele wegen aan de regering gepresenteerd is. Mahawat Khan bevestigt dit en vertelt dat Eman, De Meza en Arends inderdaad niet bij de presentatie aanwezig waren. Ze waren weliswaar uitgenodigd voor de grote presentatie, aldus de ex-voorzitter van de KvK, maar de bewindspersonen waren toen in Nederland. ‘In maart 2015,’ gaat Mahawat Khan verder, ‘heb ik wel met de premier gezeten om dit plan te bespreken.’

Het oordeel van Arends over dit plan is genadeloos. ‘De KvK wordt sinds 2010 systematisch op de hoogte gehouden van de ontwikkeling van de raffinaderij,’ zegt hij, ‘dus door pas een paar maanden voor het verstrijken van de termijn dit plan te presenteren creëer je geen draagvlak.’ Ook is hij kritisch over de schaal van het project: ‘We hebben immers grote tegenslagen en frustraties gehad met veel kleinere projecten dan dit.’ Volgens Arends stranden vergelijkbare initiatieven vaak in de planningsfase. ‘Wij hadden het heel graag willen doen, zeker premier Eman, maar het blijft met dit soort ideeën heel vaak bij plannen maken. Dit is zeer conceptueel, zonder financiering of garanties.’

“De overweging was dat heropening van de raffinaderij economische impact zou hebben op de korte termijn” Richard Arends, Arubaanse minister Economische Zaken

De minister legt uit waarom er toch gekozen is voor heropening van de raffinaderij. ‘De overweging was dat dit economische impact zou hebben op de korte termijn. En: de enorme impact van de heropening op de openbare financiën. Met de hete adem van het CAft in onze nek was dat een belangrijke overweging.’

Maar ondanks de druk vanuit het CAft, is het kortetermijneffect op de openbare financiën volgens minister Arends niet de enige factor. ‘Het gaat om de werkgelegenheid, de mogelijkheid om dit te combineren met onze groene agenda omdat de raffinaderij op gas zal draaien, en het monetaire aspect door de instroom van dollars. Zorgen voor brood op de plank is ook duurzaam.’ De minister stelt verder dat het plan van de KvK niet helemaal van de baan is. ‘Dit plan kan nog steeds, het één sluit het ander niet uit. Zo’n 30 procent van het terrein van de voormalige raffinaderij vormt namelijk geen onderdeel van de lease.’

Achter de rug om

Tot slot is er nog de kwestie van de garantstellingen. ‘De garantstellingen van Aruba aan Citgo vormen een ander risico,’ gaat het CAft verder in hun brief over de impactanalyse van de regering. ‘Het Land staat garant voor RDA [Refineria di Aruba, een door de regering in het leven geroepen staatsbedrijf, red.] als deze zijn verplichtingen niet nakomt. Volgens de analyse [van de regering, red.] zou het risico hierop nagenoeg te verwaarlozen zijn. Echter, als dit risico zich materialiseert zijn de financiële consequenties voor Aruba aanzienlijk.’

Het contract stelt namelijk dat de garantieverplichting van Aruba minimaal 300 miljoen dollar bedraagt en maximaal het bedrag van de investeringen van Citgo in de olieraffinaderij — minus de afschrijvingen op deze investeringen. De investeringskosten van Citgo worden vanaf 2017 jaarlijks bekend gemaakt. ‘Hoewel dergelijke garantstellingen niet ongebruikelijk zijn en inderdaad ook een begrenzing kennen,’ gaat het CAft verder, ‘zijn de gevolgen van het daadwerkelijk inroepen van de garantie verstrekkend voor de begroting van Aruba.’

Minister Arends is het niet eens met de redenering van het CAft. Arends: ‘Dan zou het Land grotere onbegrensde risico’s lopen bij eventuele wanprestatie door het Land tegenover de voormalige exploitanten van de raffinaderij, internationale hotelketens en andere internationale investeerders op het eiland. Het Land is namelijk — theoretisch — in staat om terrein afgegeven in erfpacht in te trekken of te onteigenen, of door middel van fiscale kanalen de bedrijfsvoering onmogelijk te maken.’

‘De gevolgen van het daadwerkelijk inroepen van de garantie zijn verstrekkend voor de begroting van Aruba’

‘Wij hebben als Land Aruba één verplichting,’ gaat de minister verder, ‘en dat is zorgen dat die raffinaderij er is en dat Citgo het kan exploiteren. Dus dit is simpelweg het naleven van de huurovereenkomst. Mocht er een contractbreuk zijn, dan mogen ze bij ons een begrensde — in plaats van volledige — schadevergoeding verhalen.’ De minister legt verder uit dat Citgo de huurovereenkomst met Land Aruba als onderpand kan gebruiken bij het zoeken van leningen. ‘Dat is hun recht, maar we hebben Citgo uiteindelijk helemaal niets in eigendom gegeven,’ benadrukt de minister. ‘In feite investeert Citgo honderden miljoenen dollars in iets dat zij niet bezitten, dus het risico voor hen is zeker in het begin zeer hoog.’ Deze garantie zou dat risico voor Citgo moeten dekken.

Als kers op de olietaart berichtte de Latin American Herald Tribune kortgeleden dat het Venezolaanse staatsoliebedrijf PDVSA achter de rug van Citgo om het dochterbedrijf aan Russische staatsoliebedrijf Rosneft tegen 1,5 miljard dollar heeft verpand. PDVSA zou dit geld nodig hebben om aan zijn schulden te kunnen voldoen. Zou Citgo of PDVSA deze uitstaande lening aan de Russen niet kunnen voldoen, dan kunnen strategische raffinaderijen in de VS in handen vallen van de Russen, aldus de Latin America Herald Tribune.

‘Toen ik dit zag nam ik contact op met de advocaat van Citgo, die er nog niet van op de hoogte was,’ legt Arends uit. ‘Ik weet niet of de entiteit Citgo is verpand, want veel bedrijven richten wegens fiscale ovewegingen lege hulzen op. En dan gaan ze dat verpanden als zekerheidstelling.’ Minister Arends verzekert echter dat de verpanding van Citgo aan Rosneft in principe geen gevolgen heeft voor de raffinaderij op Aruba: ‘Citgo heeft ons de zekerheid gegeven dat dit niet van invloed is. Citgo Aruba Holding LLC en Citgo Aruba Refinery N.V. vallen buiten enige financieringsarrangement van PDVSA.’

‘Olie-diplomatie loopt via een ander traject dan de politieke diplomatie,’ voegt Arends toe, ‘en de belangen van multinationals en andere landen in Venezuela zijn groot.’ Het failliet gaan van PDVSA acht hij daarom onwaarschijnlijk. ‘Venezuela is en blijft een grote exporteur van olie aan Amerika en iedereen blijft nog steeds olie kopen van ze.’ Kredietbeoordelaar Fitch is minder optimistisch dan Arends, en acht het aannemelijk dat het Venezolaanse staatsoliebedrijf niet aan zijn verplichtingen zal kunnen voldoen komend jaar, aldus persbureau Reuters.

Zelfverzekerdheid en onzekerheid

De regering verwacht binnen enkele jaren een volledig gemoderniseerde op gas draaiende raffinaderij die zeer ruwe olie uit Venezuela zal upgraden, minder schadelijke stoffen en CO2 uitstoot, en op termijn zelfs CO2 zal afvangen om daarmee algen te kweken. De Arubaanse economie en werkgelegenheid zal hierdoor de komende 15 jaar een impuls krijgen en de overheidsfinanciën de broodnodige ademruimte geven, aldus minister Arends.

De regering nam haar besluit tot heropening op basis van achterhaalde cijfers en verouderd onderzoek

Maar de zelfverzekerdheid van de minister van Economische Zaken staat in schril contrast met de vele gevoelens van onzekerheid onder Arubaanse burgers over de heropening van de raffinaderij. Onzekerheden die allereerst zijn ontstaan door de grove intransparantie bij de parlementaire behandeling van de deal en een schrijnend gebrek aan actuele impactanalyses en vooronderzoeken. Er is onduidelijkheid over hoeveel Arubanen er precies bij de raffinaderij aan de slag zullen gaan en hoeveel buitenlandse aannemers ingeschakeld kunnen worden door exploitant Citgo. Een garantieverplichting van Aruba aan Citgo vormt volgens het CAft nog een risico, hoewel minister Arends deze risico vrijwel nihil schat.

Premier Eman en zijn regering hebben de afgelopen jaren weliswaar hard gewerkt aan de reputatie van Aruba als groen voorbeeld voor kleine eilanden over de hele wereld, maar onder financiële druk hebben zij moeten kiezen voor fossiele inkomsten op de korte termijn. Bovendien heeft de regering haar besluit tot heropening genomen op basis van achterhaalde cijfers en verouderd onderzoek. Inmiddels is er een actuele analyse gedaan, maar deze is nog niet openbaar gesteld. Het feit blijft echter dat deze analyse ná de ondertekening door de regering is besteld. En hoewel de oppositie nu kritische vragen stelt en onderzoeken eist, heeft zij, toen het erop aankwam, het plan toch blind gesteund. Een beslissing met verregaande gevolgen voor de komende 15 jaar, minimaal.

Carbon lock-in

Risico’s en onzekerheden spelen een centrale rol als er gekozen moet worden tussen een fossiele of duurzame toekomst. Het gaat dan vaak om de afweging tussen de baten op korte termijn van olie- en gasexploitatie versus de op lange termijn onzekere — niet altijd onzichtbare — baten van de duurzame energietransitie. Aruba staat niet alleen in deze uitdaging. Overal ter wereld is de carbon lock-in voelbaar. Eilanden zoals Aruba zullen echter het zwaarst getroffen worden door de gevolgen van klimaatverandering, terwijl ze zelf weinig hebben bijgedragen aan de opwarming van de aarde. Voor deze eilanden is de energietransitie geen intellectuele uitdaging in de verre toekomst, maar een existentiële in het hier en nu. Ze verdienen dus alle steun van ontwikkelde landen, maar zitten vaak met de gebakken peren van de wereldwijde fossiele verslaving.

“Ook landen met een sterkere en meer diverse economie dan Aruba struikelen bij het maken van de duurzame transitie”

Kijk bijvoorbeeld ook naar zusteiland Curaçao. De raffinaderij Isla — tot voor kort geëxploiteerd door het Venezolaanse staatsoliebedrijf PDVSA — is er de oorzaak van dat Curacao in de top-3 staat van de (per hoofd van de bevolking) meest vervuilende landen ter wereld. De Isla-olieraffinaderij stoot jaarlijks miljoenen kilo’s zwaveldioxide in de lucht, meer dan alle Nederlandse raffinaderijen bij elkaar. Bewoners in de omgeving hebben tal van gezondheidsklachten en nabijgelegen scholen moeten vaak dicht. Oliemaatschappij Shell, die de Curaçaose raffinaderij in 1915 bouwde en daarna exploiteerde, is medeplichtig aan de vervuiling. Het verkocht de raffinaderij in verwaarloosde staat met een vervuilde bodem – en een ‘asfaltmeer’ – in 1984 voor één gulden aan Curaçao. Documentaireprogramma Zembla besteedde in 2013 uitgebreid aandacht aan het schandalige fossiele nalatenschap van Shell op Curaçao.

Toch struikelen ook ontwikkelde landen met een sterkere en meer diverse economie dan Aruba bij het maken van de duurzame transitie. De teller voor duurzame electriciteitsopwekking voor moederland Nederland stond in 2015 vooralsnog op slechts 5,8 procent, waardoor Nederland zelfs achterloopt op Aruba op dit gebied. Nederland opende recent zelfs drie nieuwe kolencentrales, wordt de bijstook van biomassa in kolencentrales gesubsidieerd, en moet Nederland als een van de weinige Europese landen het Parijsakkoord in eigen land nog formeel ratificeren. Bovendien staan er nog tientallen olieplatforms op de Noordzee weg te roesten die volgens de wet moeten worden opgeruimd. Nederland is met de geplande offshore windparken wel forse vooruitgang aan het boeken en hoogspanningsnetbeheerder Tennet schetst een ambitieuze visie op de toekomst van windenergie op de Noordzee.

Aruba-raffinaderij benzinelevering

Aruba-raffinaderij toegangspoort vlaggen Venezuela Aruba USA

Aruba-raffinaderij uitzicht

De verantwoordelijkheid van het Koninkrijk voor het bijstaan van Caribisch Nederland in de energietransitie werd benadrukt in een Kamerdebat naar aanleiding van het klimaatakkoord in Parijs. Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu Sharon Dijksma: ‘In het kader van de ratificatie van het akkoord zal sowieso met de BES-eilanden overleg worden gevoerd over de toepassing van het akkoord op de eilanden. Daarbij moeten overigens eerst afspraken worden gemaakt over de toepassing van het klimaatverdrag. We zullen ook onderling met anderen, zoals Aruba, het contact warm houden om te bekijken hoe we kunnen samenwerken, dat is heel belangrijk.’ Daarop reageerde Liesbeth van Tongeren (GroenLinks): ‘Ik ben blij met deze intentie van de staatssecretaris. Er is daar behoorlijk wat behoefte aan technische ondersteuning, van het RIVM of TNO bijvoorbeeld. Als dit soort dingen kunnen, betekent het dat de uitvoering daar een stuk makkelijker wordt. ’

Het ambitieuze plan van de KvK voor groen volkskapitalisme is niet onmogelijk

Op een moment van crisis grijpt het jonge land — Aruba is slechts 30 jaar oud — zoals vele anderen in de wereld nog instinctief naar het verleden. Duurzame ambities zwichten onder druk van de economische en politieke realiteit op de korte termijn. Het ambitieuze plan van de Kamer van Koophandel voor groen volkskapitalisme brengt ongetwijfeld ook financiële risico’s en onzekerheden met zich mee. Voor een regering die onder druk van financieel toezicht naarstig op zoek is naar gegarandeerde kortetermijninkomsten is het plan te conceptueel en ongrijpbaar.

Maar onmogelijk is het plan van de KvK niet, en minister Arends laat de deur op een kier. De regering heeft immers honderden ex-werknemers van de raffinaderij aan nieuw werk geholpen na de sluiting van het fossiele oliecomplex in 2010 en 2012. Wil Aruba een voorloper zijn in de regio of zelfs de wereld, dan moet het eiland zich niet meten aan landen die lak hebben aan de klimaatafspraken, maar zijn voorbeeldfunctie weer genadeloos uitvoeren. Plannen zoals het groene volkskapitalisme van de KvK, waar de energietransitie niet alleen van bovenaf wordt aangestuurd, maar waar ook burgers en bedrijven van onderop worden meegenomen, zijn bij uitstek het type projecten waar een duurzame toekomst op de lange termijn mee gebouwd wordt.

Beste tijd

Gesprekken met ingewijden en burgers, analyses van toezichtsorganen en instituties en een eigen analyse van het contract laten zien dat de huidige deal met Citgo zich nog nadrukkelijk moet bewijzen. Aruba is weliswaar op weg naar duurzame overheidsfinanciën, maar doet dit volgens het CAft volledig met behulp van incidentele baten uit de heropening van de raffinaderij. De voormalige KvK-voorzitter Jamal Mahawat Khan is door deze keuze in ieder geval niet optimistisch over de toekomst van het eiland. ‘Dit vernieuwt niks op Aruba. Nu niet, over 20 jaar niet, en over 30 jaar nog steeds niet. Want elke keer is het kicking the can down the road. En je hoort het argument nu vanuit de politiek: “het gaat om banen, banen voor onze jeugd.” Maar wat zullen we zien over 15 of 20 jaar, wanneer we dan weer voor de keuze staan om het ding open te houden of eindelijk te sluiten? Dan horen we hetzelfde verhaal. We gaan zien dat de jeugd die daar nu aan de slag gaat, over 20 jaar uit eigenbelang wil dat de raffinaderij open blijft. En we zullen dan zien dat de politiek daar wéér op zal inspelen.’

In een messcherpe column die mij vorig jaar inspireerde dit vraagstuk verder te onderzoeken en op de voet te volgen, vat de lokale journalist Ariën Rasmijn de heersende gevoelens onder jonge Arubanen treffend samen: ‘Hier wordt de volgende generatie opgescheept met de schoonmaak van een regelrechte reliek van de vorige generatie, die voor gewin op korte termijn voor een kwart eeuw wordt gereanimeerd. Hier wordt niet naar de toekomst gedroomd, maar met weemoed en revisionisme terugherinnerd naar de jaren van Lago. Sterker nog, de toekomst van de young professionals van vandaag en morgen wordt met de heropening van de raffinaderij feitelijk gekaapt door een oude generatie die maar geen plaats wil maken voor de nieuwe.’

“De volgende generatie Arubanen wordt opgescheept met de schoonmaak van een regelrechte reliek van de vorige generatie” Ariën Rasmijn, Arubaanse journalist

Als we buiten staan in de buitengewoon frisse Arubaanse lucht, verzucht Mahawat Khan: ‘We waren na de sluiting van de raffinaderij verdorie goed op weg. Veel van die raffinaderijwerknemers zijn toch goed terechtgekomen, dus waarom nu weer deze kant op?’ Hij schudt zijn hoofd: ‘Nee, olie heeft hier zijn beste tijd gehad. Voor Aruba is het tijd voor de volgende stap.’

Parel

Aruba is een van de meest welvarende eilanden in de regio en onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden, en Nederland is een van de meest welvarende landen in Europa. Deze welvaart is voor een groot deel te danken aan de fossiele industrie en haar centrale rol in de 20e eeuw. De uitdagingen van de toekomst eisen een lange adem met de overtuiging dat fossiel definitief tot het verleden behoort. Hoe ziet de komende 100 jaar voor Aruba en moederland Nederland eruit, wanneer de wereldwijde effecten van klimaatverandering tot een ongekende piek zullen stijgen?

Met de heropening van de olieraffinaderij is de kleine kwetsbare parel in de Caribische Zee echter minimaal de komende 15 jaar geketend aan haar fossiele verleden. Een verleden dat zijn grip op het heden en de toekomst van Arubanen versterkt: het Caribisch Netwerk berichtte eind november dat Aruba nu ook in haar eigen kristalblauwe wateren op zoek is naar aardgas.

Bron: FollowTheMoney

 

 

4 Reacties op “FTM | Waarom het ‘groene’ Aruba kiest voor heropening van een stokoude olieraffinaderij

  1. redactie curacao

    Dit artikel wordt op verzoek van de auteur off line gehaald,

    Met vriendelijke groeten,
    KKC redactie

  2. Kunnen jullie svp per direcr artikel verwijderen. Jullie schenden de autersrechten van Follow the Money.

  3. Renée van Aller

    Het is opmerkelijk dat de premier zegt dat hij zo voor groen is. Dat is ook de partijkleur, dus daar kan verwarring over ontstaan. Het eiland is ernstig vervuild, al decennia. De meest basale milieuwetgeving ontbreekt en de Hinderverordening (als enige) wordt niet gehandhaafd. De vuilverwerking is een aanfluiting (Parkietenbos). Noch de MEP, noch de AVP hebben daar behalve woorden, ooit daden aan vuil gemaakt. Wij waren betrokken bij het contract met Valero vele jaren geleden. Daar bleef veel onduidelijk. Transparantie was er nooit. Schoonmaak van alle vervuiling heeft nooit plaatsgevonden door de opeenvolgende eigenaren (ook niet door het Land zelf) en veel gevaarlijke stoffen zijn op het raffinaderijterrein opgeslagen.
    Laagje zand erover, een cactus erop en er kraait geen haan naar. In San Nicolaas zou een vijf sterren hotel komen. Dat kwam er uiteindelijk niet, want heel toepasselijk moest er ook een casino om te gokken komen. Zeer slecht voor de gezondheid.
    Om met Venezuela in zee te gaan is zelfmoord, dat kon iedereen zien aankomen. Wij kunnen ons niet voorstellen dat Plasterk, Rutte en Koenders het halleluja aanhieven toen premier Eman dat besprak. Er zijn geen stukken gepubliceerd die dat bevestigen. Wij kunnen met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid stellen dat de raffinaderij nooit meer opengaat, of de Chinezen, moet behalve de raffinaderij van Curaçao ook die van Aruba overnemen. Ook dat lijkt onwaarschijnlijk omdat de oliewinning in Venezuela zo goed als stil ligt. Waar wil Aruba als eigenaar de 300 miljoen vandaan halen om de raffinaderij te upgraden en de ergste vervuiling op te ruimen? Citgo is ook zo goed als failliet. Dat verandert niet door hard te roepen, dat de raffinaderij echt open gaat. En zoals altijd bij deze regering verdwijnen de goede voornemens voorgoed naar een steeds verder wijkende toekomst. Evenals een ‘balanced budget’. De CBA mag al maanden geen informatie meer geven over de stand van zaken van de overheidsfinanciën. Dan gaat het heel slecht. Nu het Caft heeft gesteld dat het prima met Aruba gaat volgens de Arubaanse pers, is klopt er iets niet. Vaak geeft de Arubaanse pers de feiten aangepast weer, zeker als het politiek meegaande media zijn.

    Wel hopen Nederland en Aruba een graantje mee te pikken als olie of gas kan worden gewonnen in de territoriale wateren van Curaçao en Aruba (Repsol). Wij schrijven al jaren over deze problematiek. In de jaren 90 gaf de Universiteit van Aruba al aan, welke maatregelen ter bescherming van het milieu zouden moeten worden genomen. Dat gebeurde nooit. Inmiddels is het leven bijzonder duur geworden in Aruba. Het minimumloon bedraagt 1.800 florin, terwijl een gezin met 2 kinderen 4.200 florin minimaal nodig heeft. Economisch gaat het slecht, er zijn veel illegalen die bijna voor niets werken. Veel landskinderen hebben meerdere banen, anders komen ze niet rond. De werkloosheid neemt toe dus ook de misdaad. Er is geen reële onderstandsregeling. De bevolking is over het algemeen niet voor omscholing en passend werk vinden, laat staan een leven lang leren.

    Alt-facts
    De kunst is om politiek de indruk te wekken iets moois te realiseren en daar zelf in te geloven. De zittende regering kan dat uitmuntend. Dat gold dus ook voor het achteloze avontuur met de raffinaderij. Vanaf het begin was duidelijk dat de noodzakelijke daden nauwelijks zouden kunnen worden uitgevoerd. Alternatieve feiten avant la lettre. Wij zijn benieuwd naar een feitelijk voorbeeld van duurzame verbetering. Wij kunnen er geen bedenken. U wel? Bovendien als eenmaal alternatieve feiten als waarheid worden aangeprezen kan men niet meer terug. Vaak is de feitelijke werkelijkheid onbelangrijk. Zie het boek van Bas Haan: De rekening voor Rutte. De Teevendeal, het bonnetje en de politieke prijs van leugens. Prometheus, 197 blz. € 18,99
    Politieke loyaliteit is een religieus (vooral liberaal) principe. Daardoor is het ook moeilijk om vast te stellen wat waar is, tenzij men de feiten rigoureus bewijsbaar en degelijk vastlegt. De bevolking kan de raffinaderij of vergroening niet via volkskapitalisme realiseren. De meesten hebben geen stuiver, ze overleven. De vermogenden daargelaten, maar die betalen nauwelijks. De belastingdruk is al zo hoog dat verdere verhoging nauwelijks verantwoord is. Bovendien is San Nicolaas al decennia verwaarloosd. Het wordt altijd genoemd bij de verkiezingen en vervolgens wordt er niets gedaan. Behalve grote gaten in de weg dichtmaken en een verfje hier en daar. Dit geschetste voortreffelijke vergezicht, is een groen en schimmige fantasie. Een fata morgana met fossiele energie, dat slechts uit fantomen bestaat. Dat vermelden wij maar even op grond van de feiten. Alt-facts is onze stijl niet. Renée van Aller & John de Vries

  4. Doorwrochte analyse.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *