Geen gevaar instorten van Curaçaohuis

Bouwkundig rapport: geen enkele aanwijzing dat het Curaçaohuis op instorten staat

In tegenstelling tot de beweringen van Gevolmachtigde Minister Marvelyne Wiels (links) en Premier Ivar Asjes (rechts) in april dit jaar zijn er geen enkele aanwijzing dat het Curaçaohuis op instorten staat.

Er is geen enkele aanwijzing dat het Curaçaohuis op instorten staat. Dat blijkt uit het bouwkundig inspectierapport dat het bureau Marrel Advies in opdracht van Gevolmachtigde minister Marvelyne Wiels (Pueblo Soberano) heeft uitgebracht.  Op 24 april stelde Wiels, in reactie op het bericht in deze krant over een op handen zijnde verbouwing, dat het achterstallig onderhoud aan het Kas di Kòrsou in Den Haag zo groot was dat er sprake zou zijn van ‘instortingsgevaar’. Deze typering door Wiels kwam ook afgelopen week uitvoerig aan bod tijdens een Statendebat in Willemstad over het Curaçaohuis.

Die bewering staat haaks op het inspectierapport dat Wiels op dat moment reeds in haar bezit had. Marrel Advies – overigens een eenmanszaak die onder nog vijf andere handelsnamen opereert, waaronder Marrel Events – bevestigde op 22 april dat de twee monumentale kantoorpanden aan de Badhuisweg tekenen van zware verwaarlozing vertonen, maar bouwkundig in redelijke staat verkeren.

Het inspectierapport is vlak voor het debat dat dinsdag in de Staten werd gevoerd over de omstreden handel en wandel van Wiels openbaar gemaakt. Vooral de tijdlijn van de diverse documenten is opmerkelijk. De Gevolmachtigde minister voerde eind april voor de aanvankelijk door haar ontkende tijdelijke verhuizing naar Villa Bon Air aan dat er een direct gevaar op instorten zou bestaan.

Dat wordt niet ondubbelzinnig tegengesproken door de inspectie van Marrel Advies. Bovendien blijkt het besluit om naar een tijdelijke behuizing uit te wijken al genomen is voordat de uitkomsten van het technisch onderzoek bekend waren.

Bij de aan de Staten overlegde documenten bevindt zich ook een notitie van voormalig interim- directeur van het Kabinet, Melvin Statia, waarin deze uitvoerig ingaat op de vele gebreken. De notitie lijkt bedoeld te zijn als een woordelijke toelichting op het inspectierapport, maar kan dat niet zijn: Marrel rapporteerde op 22 april, terwijl het memo van Statia op 4 april is gedateerd.

Overigens voor zover het stuk daadwerkelijk afkomstig is van de interim-directie, want daarover bestaan gerede twijfels. De als ‘strikt vertrouwelijke’ aangemerkte notitie is ‘Van Melvin Statia aan de Gevolmachtigde minister van Curaçao’ en wordt ook afgesloten met de initialen van de interim-directeur: M.I.S. In de tekst zijn echter formuleringen te traceren die er op duiden dat niet Statia, maar Wiels zelf de werkelijke auteur is.

Zo valt er onder meer te lezen:

,,Bij mijn aantreden als Gevolmachtigde minister van Curaçao op 10 juni 2013”

en

,,Bij mijn aantreden bij dit Kabinet en de start van de voormalige Directeur a.i.”

In de notitie – door wie dan ook geschreven – wordt er melding van gemaakt dat een niet met name genoemd ‘onafhankelijk’ bedrijf op 24 oktober 2013 een schouw heeft gedaan in het kader van de (strenge Nederlandse) wetgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden.

Het onderzoek leverde een groot aantal verbeterpunten op. In de notitie wijst Statia dan wel Wiels op de wettelijke zorgtaak van werkgevers:

,,De overheid van Curaçao kan en mag niet toestaan dat de veiligheid van haar onderdanen in gevaar wordt gebracht. Mensenlevens lopen reëel gevaar.”

Hoewel een deel van de aanbevelingen relatief simpel en op korte termijn uit te voeren was, deed Wiels er niets mee. Zij negeerde ook het advies om een Risico Inventarisatie en Evaluatie te laten opstellen.

Die passiviteit plaatst een andere passage in de bewuste notitie in een bijzonder daglicht:

,,De ontkenning van de onveilige situatie of berustende houding van mijn voorgangers wekte in principe verbazing bij mij op en schept reden tot ernstige zorg”.

Wiels liet intussen wel haar ambtswoning voor 250.000 gulden verfraaien. En zij gaf opdracht de vloerbedekking van de Cola Debrotzaal te vervangen. Door onkunde van de uitvoerder (de echtgenoot van een nicht van Wiels) lieten de tegels binnen enkele dagen al weer los.

Pagina 6: Geen onderzoek Algemene Rekenkamer Curaçaohuis

Bron: Antilliaans Dagblad

Zie ook: Dossier: Marvelyne Wiels – Gevolmachtigde Minister van Curaçao


Bouwkundig rapport Curaçaohuis – Marrel Advies 20140422 en notitie Melvin Statia 20140401 Marvelyne Wiels

bouwkundig rapport Curaçaohuis – Marrel Advies 20140422 en notitie Melvin Statia 20140401 Marvelyne Wiels

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *