Interpretaties Statuut leiden weer tot verhitte discussies IPOK

WILLEMSTAD — Verschillen in vertolking van de verschillende artikelen van het Statuut van het Koninkrijk en het uitblijven van eindbepalingen voor de consensus- Rijkswetten blijven voor verhitte discussies zorgen binnen het Interparlementair Overleg van het Koninkrijk (IPOK), dat deze dagen op St. Maarten plaatsvindt. Het een en ander leidde gisteren tot een flinke aanvaring tussen de Nederlandse en Curaçaose parlementariërs.

Het waren vooral het Tweede Kamerlid Ronald van Raak (SP) en Helmin Wiels (Pueblo Soberano), die op een gegeven moment lijnrecht tegenover elkaar stonden. Van Raak vroeg of de Staten van Curaçao bereid waren om zich aan afspraken te houden, zoals vastgesteld in het Statuut, om – alvorens het Koninkrijksverband te verlaten – een bindend referendum te organiseren om de werkelijke wensen van de bevolking te toetsen.

Deze uitspraak werkte als een rode lap op een stier op Helmin Wiels, die Van Raak meteen scherp pareerde met de opmerking om eerst de internationale afspraken inzake dekolonisatie te onderzoeken, alvorens ‘nonsens uit te kramen’ over referenda en dergelijke voor Curaçao. In hun broek Van Raak diende hem meteen van repliek:

“Of je houdt je aan de afspraken, of niet. En als je niet bereid bent je aan de afspraken te houden, moet je geen afspraken maken. Dan word je onafhankelijk. Die regentenmentaliteit zit niet aan de Nederlandse kant, maar aan de kant van Curaçao. Curaçao stelt de bevolking onafhankelijkheid in het vooruitzicht en belooft de bevolking een referendum, maar heeft vervolgens niet het lef om een referendum te houden. Hier een grote mond, maar thuis doen ze het in hun broek.”

Volgens Wiels behandelt Nederland Curaçao met een ongewone dosis arrogantie, door het eiland te dwingen om te kiezen tussen onafhankelijkheid of ingrijpen.

Volgens de Curaçaose parlementariër zorgen de consensus-Rijkswetten voor een asymmetrische verhouding binnen het Koninkrijk. Aruba, ook een autonoom land binnen het Koninkrijk, heeft deze Rijkswetten niet. Het feit dat deze wetten geen eindbepaling hebben is een doorn in het oog van Wiels. “En dat moeten ze wel krijgen. Daar pleiten we voor”, aldus Wiels.

De interpretatie van het Statuut leidde niet alleen tussen de Curaçaose en Nederlandse delegatie tot onenigheid.

Ook binnen de Arubaanse delegatie heerste een groot meningsverschil over dit punt. De MEP-fractie in de Staten van Aruba betichtte regeringspartij AVP ervan de oppositie onterecht te verwijten naar onafhankelijkheid te streven. Volgens de fractieleider van de MEP, Eveline Wever-Croes, streeft haar partij naar een hechte band met Nederland, maar vindt zij dat het tijd is geworden dat Aruba na 25 jaar Status Aparte als volwassen behandeld wordt.

“We willen niet om ieder wissewasje aankloppen bij Nederland. Wij moeten onze eigen problemen op behoorlijke wijze kunnen oplossen. Dit in tegenstelling tot de huidige regering van ons land, die geen financieel beleid hanteert en als een Titanic afstevent op een financieel debacle. Ze doen hier niets aan, omdat ze weten dat de Nederlandse belastingbetaler de rekening gaat betalen”, aldus Eveline Wever-Croes in een verklaring voor de pers.

Bron: Amigoe

Zie ook: Dossier: Consensus Rijkswetten – en de strijd tegen de Rijkswetten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *