Knack | Waarom het moordcijfer opnieuw piekt in Mexico

Mexicaanse drugsbendes houden er geen erecodes op na

2017 was in Mexico het dodelijkste jaar sinds de overheid de cijfers bijhoudt. De regering zet in op de harde aanpak.

Vorig jaar werden in Mexico 29.168 moorden gepleegd, het hoogste cijfer sinds 1997, toen de overheid begon te monitoren. Het cijfer overstijgt dat van 2011, toen het geweld in de Mexicaanse drugsoorlog een nooit geziene piek bereikte. Bijna 75 procent van de Mexicanen vindt het land vandaag onveilig, blijkt uit cijfers van het Nationale Instituut voor Statistiek (INEGI).

Nu, de 20,5 moorden per 100.000 inwoners in Mexico is nog steeds lager dan het moordcijfer van Colombia of Brazilië, beiden 27, of dat van El Salvador, 60,8 vorig jaar (in België schommelt het doorgaans rond drie à vier). De statistieken zijn echter gebaseerd op het aantal geopende politieonderzoeken, en niet op reële moorden, waardoor het cijfer allicht nog veel hoger ligt. Zo worden in Mexico regelmatig massagraven ontdekt van zogenaamde desaparecidos, vermisten, waarvan er naar schatting 30.000 zijn sinds het begin van de war on drugs in 2006.

Het geweld is een ernstige blamage voor uittredend president Enrique Peña Nieto, wiens Partido Revolucionario Institucional (PRI) het moeilijk zal hebben om aan de macht te blijven na de presidentsverkiezingen in juli van dit jaar (al is het spook van verkiezingsfraude nooit veraf in Mexico). Vorig jaar werden 40 procent meer moordonderzoeken geopend dan in 2013, het eerste volledige regeringsjaar van Peña Nieto, die net campagne had gevoerd met de belofte misdaad aan te pakken.

Narcos

Een belangrijke oorzaak van de onveiligheid is Mexico is de drugstrafiek. Veel criminele bendes die drugs produceren en smokkelen laten zich daarnaast in met ontvoering, afpersing, diefstal, enzovoorts. Wie uit tv-series zoals Narcos of El Chapo – over de aan de VS uitgeleverde drugsbaas Joaquin Guzman van het Sinaloakartel – afleidt dat narcos strikte erecodes navolgen en onschuldige burgers met rust laten, vergist zich schromelijk.

Nu is het ook verkeerd om het drugsgeweld in Mexico voor te stellen als een verbeten doodsstrijd tussen een welmenende overheid en kwade drugskartels. De war on drugs kan evenzeer voorgesteld worden als een war for drugs, waarin alle partijen, inclusief corrupte veiligheidsdiensten, strijden voor een deel van de koek. Politici en bestuurders spelen vaak onder één hoedje met criminelen, is de voorbije jaren gebleken uit verschillende opzienbarende schandalen. Drugsgeld vloeit naar politieke campagnes en partijkassen.

In plaats van het geweld in te dijken, heeft het overheidsbeleid het probleem net verergerd. Sinds toenmalig president Felipe Calderon in 2006 de war on drugs lanceerde, zijn de veiligheidsdiensten vooral de bazen achterna gegaan, met het doel criminele organisaties te onthoofden. Die aanpak stelde de VS tevreden en kon zonder de medewerking van (corrupte) lokale politiediensten. Dat heeft echter geleid tot een aanzienlijke versplintering van de grote drugskartels van weleer. In één staat kan het gebeuren dat een tiental kleinere groepen strijdt om controle van smokkelroutes en productie.

Bovendien is de markt de voorbije jaren verschoven. Cannabis is inmiddels gelegaliseerd in een tiental staten in de VS. Vroeger voerde Mexico die aan. Daar blijft de vraag nu gestaag afnemen. Sterker, de Amerikaanse grenswacht onderschept nu regelmatig ladingen van kwaliteitsvolle Amerikaanse weed die naar Mexico gesmokkeld wordt.

Mexicaanse rancheros die altijd cannabis verbouwd hebben, schakelen over op heroïne omdat er meer geld mee te verdienen is, vernamen we recent in de sierra van de deelstaat Chihuahua, een belangrijk centrum voor drugsproductie. De VS gaat nu al jaren gebukt onder een acute opioïdencrisis: per dag sterven bijna 100 mensen aan een overdosis morfinegebaseerde pijnpillen, heroïne of het veel sterkere synthetische fentanyl. Papaverboeren in de minder bekende deelstaten van Mexico die voordien in relatieve stilte werkten, krijgen steeds meer te maken met grotere organisaties die controle willen. Dat leidt altijd tot bloedvergieten.

Moest er vanuit Amerika niet zoveel vraag zijn naar illegale drugs zou Mexico veel veiliger zijn, wordt vaak geopperd. Zonder Amerikaanse vraag geen 100.000 slachtoffers van de Mexicaanse drugsoorlog, gaat de redenering. Maar wat als het net omgekeerd was: zonder aanbod vanuit Mexico zouden de VS geen drugsprobleem hebben.

‘Ik denk dat aanbod het probleem is’, zei de Amerikaanse journalist Sam Quinones, die een boek schreef over de opioïdencrisis, in een recent interview met Knack.be. ‘Vraag komt uit aanbod. Aanbod is in deze veruit het belangrijkst denk ik. De opioïdencrisis is daarvan het beste voorbeeld: het is allemaal begonnen door een overaanbod van pijnpillen door de farmabedrijven. Mensen raakten verslaafd aan kwistig voorgeschreven pijnpillen en stapten over op goedkopere heroïne.’

Straffeloosheid

Veel moorden worden gepleegd gewoon omdat het kan. De cijfers variëren naargelang het jaar of de bron, maar algemeen wordt aangenomen dat een 80 à 90 procent van de misdaden die in Mexico worden aangegeven, onbestraft blijft.

Uit een onderzoek van de Mexicaanse Universidad de Las Américas de Puebla blijkt dat Mexico op de eerste plaats staat in Latijns-Amerika wat straffeloosheid betreft. Bovendien wordt slechts één op tien misdrijven aangegeven, blijkt uit hetzelfde onderzoek. In 2016 werd slechts 1,5 procent van alle aangegeven misdaden bestraft, volgens de universiteit van Monterrey.

Een belangrijk probleem met de misdaadcijfers is dat er weinig meer informatie voorhanden is. Omdat zo weinig moorden opgelost of zelfs maar onderzocht worden, is ook niet veel bekend over motieven.

Lang niet al het dodelijk geweld heeft met drugs te maken. Drugstrafiek wordt vaak aangegrepen door de autoriteiten als standaardverklaring voor geweld, terwijl onder meer moorden op vrouwen, zogenaamde feminicidios, ook een aanzienlijk probleem zijn in Mexico.

Met het drugsexcuus schuiven veiligheidsdiensten de onderzoeksverantwoordelijkheid van zich af: zolang het onderling strijdende narcos betreft, ligt de publieke opinie uiteindelijk niet wakker van dodelijk geweld, gaat de redenering.

Amnestie voor drugsbazen

Hoe pakt de regering de onveiligheid aan? Met de harde hand. Eind november keurde het parlement een nieuwe wet voor binnenlandse veiligheid goed. Terwijl het leger en de marine al jaren ingezet worden voor ordehandhaving, regelt de wet dat nu ook formeel.

Meteen ontstond wijdverspreid protest tegen de nieuwe veiligheidswet. Binnen- en buitenlandse ngo’s vinden het geen goed plan. Zelfs de Verenigde Naties drukte haar twijfels uit en vroeg de Senaat de wet naar de prullenbak te verwijzen. Er is dan ook reden tot bezorgdheid.

Ten eerste heeft het Mexicaanse leger een verschrikkelijk slechte reputatie: eerst schieten, dan pas vragen stellen. De voorbije elf jaar heeft het leger zich schuldig gemaakt aan talloze vastgestelde misbruiken in zijn zogenaamde strijd tegen drugsbendes. Mensenrechtenverdedigers die de misbruiken aan de kaak stelden, zijn ontvoerd en gefolterd. Regelmatig duiken bewijzen op van buitengerechtelijke executies door het leger.

De veiligheidwet machtigt de president om het leger in te schakelen voor elke ‘bedreiging tegen de interne veiligheid.’ Ook krijgen soldaten de toestemming mensenrechten met de voeten te treden wanneer de omstandigheden dat rechtvaardigen. De erg vage taal van de wettekst effent het pad voor de breedste interpretaties van het mandaat van het leger en ernstige misbruiken.

Het geweld is ook een belangrijk thema in de aankomende presidentsverkiezingen. De linkse kandidaat Andrés Manuel Lopez Obrador, die de peilingen aanvoert, heeft recent controverse veroorzaakt met een voorstel voor amnestie voor narcos. Lopez Obrador wil een dialoog aangaan met drugsbendes en is bereid heel ver te gaan om ze rond de tafel te krijgen.

Ondertussen kiezen talloze burgers ervoor zelf voor hun veiligheid in te staan. Privébewaking neemt een hoge vlucht. Landelijke gemeenschappen in deelstaten zoals Michoacan of Guerrero, centra voor drugskweek, hebben de voorbije jaren zogenaamde ‘autodefensas’ gevormd, zelfsverdedigingsmilities. Dorpen en steden werden ‘gezuiverd’ van criminele elementen maar zodoende ontstaat nog meer geweld, ook wanneer doorsnee burgers het wachten op gerechtigheid moe zijn en daarom het recht in eigen handen nemen?.

Bron: Knack

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *