Nederland benadrukt strijd tegen discriminatie

logo-nederlandDEN HAAG — De Nederlandse regering benadrukt, mede namens Curaçao, Aruba en St. Maarten, dat er sinds 2010 veel maatregelen zijn genomen in de strijd tegen discriminatie en racisme in alle vier de landen van het Koninkrijk. De aanbevelingen van het VN-comité tegen rassendiscriminatie zijn deels uitgevoerd, aldus de regering in een rapportage aan de VN.

Door correspondent Otti Thomas

De VN maakte zich in 2010 onder meer zorgen over de inburgering van niet-westerse immigranten, discriminatie op de arbeidsmarkt en segregatie binnen het onderwijs.
Een van de aanbevelingen van de VN was om eindelijk met het lang beloofde nationale actieplan tegen racisme te komen, om de toenemende polarisatie tegen te gaan.

“De Nederlandse regering vindt het erg belangrijk dat alle burgers gelijke mogelijkheden hebben om zich te ontwikkelen en succesvol te zijn. (…)
Nederland vindt discriminatie en racisme onacceptabel”

, aldus de Nederlandse regering in een reactie.

Caribisch gebied
Het rapport over discriminatie binnen het Koninkrijk bevat ook uitgebreide informatie over de situatie op Curaçao, Aruba en St. Maarten.
Met betrekking tot Curaçao wordt onder meer de omstreden 80/20-regeling genoemd, die bedrijven verplicht om 80 procent van het personeelsbestand uit lokale werknemers te laten bestaan.
In het rapport wordt een vergelijking getrokken met de terugkeerregeling voor Curaçaoënaars, Arubanen en Sintmaartenaren die in Nederland wonen.

“Over beide wordt de discussie gevoerd of er sprake is van discriminatie.”

Een definitief voorstel voor de 80/20-regeling is nog niet klaar.
Verder wordt gemeld dat Curaçao geen specifieke anti-discriminatiewetgeving heeft, maar er wel de mogelijkheid is om rechtszaken aan te spannen of klachten in te dienen bij de Ombudsman.
St. Maarten en Aruba hebben wel antidiscriminatiewetgeving.
Expliciet wordt vermeld dat Nederland de meeste internationale verdragen tegen discriminatie heeft geratificeerd, met uitzondering van een verdrag voor buitenlandse werknemers en hun gezinnen.

“Nederland heeft een bezwaar tegen dat deel van het verdrag dat voorzieningen in gelijke mate beschikbaar moeten zijn voor migranten die geen legale verblijfsstatus hebben en/ of dus ook geen legaal werk hebben.
Ze betalen geen belasting of bijdragen waarmee sociale voorzieningen worden betaald en zijn bovendien daar ook niet voor verzekerd”

, aldus de regering.
Een te grote aanspraak op de sociale voorzieningen is een van de redenen voor de initiatiefwet voor vestigingseisen voor inwoners van Curaçao, Aruba en St. Maarten in Nederland.
Met betrekking tot integratie schrijft de regering dat er meer nadruk gelegd wordt op de eigen verantwoordelijkheid van migranten.
Integratiecursussen moeten zelf betaald worden en indien mogelijk ook in het land van herkomst gevolgd worden.
Migranten zijn hierdoor beter voorbereid, aldus de regering, verwijzend naar een evaluatie van het beleid.
Over discriminatie op de arbeidsmarkt, een voortdurende bron van zorgen binnen de Caribische gemeenschap in Nederland, wordt gemeld dat de verantwoordelijkheid grotendeels bij werkgevers en uitzendbureaus ligt, maar dat het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wel met de verschillende betrokkenen heeft overlegd en de bereidheid om discriminatie tegen te gaan er wel is. Daarnaast worden ontwikkelingen op dit vlak nauwlettend in kaart gebracht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *