NTR | Voorsprong in Zika-strijd op Aruba door jarenlange preventie

Door Sharina Henriquez

GKMB controleert twee keer per jaar op broedplaatsen | foto: Sharina Henriquez

GKMB controleert twee keer per jaar op broedplaatsen | foto: Sharina Henriquez

ORANJESTAD – Na het uitroeien van de gele koorts ruim 40 jaar geleden is Aruba blijven investeren in preventie en muggenbestrijding, in tegenstelling tot de andere Caribisch-Nederlandse eilanden.

Dat lijkt opnieuw te lonen, dit keer in de strijd tegen Zika.

Een belangrijk instrument zijn de ‘ouderwetse’ huis-aan-huis controles, vertelt directeur Roque Dirksz van Gele Koorts Muskiet Bestrijding (GKMB). Zes teams controleren heel Aruba tweemaal per jaar op broedplaatsen. Dat zijn 45.000 adressen. Daarnaast krijgen ook risicovolle plekken jaarlijks twe keer een beurt: scholen, hotels, kerken en zelfs begraafplaatsen.

 

“Sinds het uitroeien van de gele koorts zijn de eilanden hiermee gestopt. Wij niet. Toen in 2014 Chikungunya uitbrak, had Curaçao zo’n 18.000 gevallen, wij duizend.”

De inspecteurs rapporteren elk bezoek en dat leidt tot de volgende sleutel van preventie: data. “We hebben hele schema’s van het aantal broedplaatsen en waar. Zoals in huis, tuin, en ook in autobanden, potten en beerputten.” Met die gegevens kan Aruba snel een inschatting maken van overbrenging van Dengue, Chikungunya en nu dus ook Zika. “In januari was de index 2,2 procent per 100 huizen en dat is fors lager dan de Paho-index van 5 procent, de risicogrens.”

GKMB is één schakel in een hele infrastructuur binnen volksgezondheid, waar ongeveer honderd man bij betrokken is. Daarnaast is er ondersteuning vanuit huisartsen die verdachte gevallen melden, tot ophaal van vuilnis dat potentiële broedplaatsen zijn.

Toen Dengue uitbrak in Bonaire, deed dat eiland een beroep op Arubaanse mankracht en materieel. Dirksz zegt dat ook andere eilanden in de regio met bewondering naar hun aanpak kijken. “Zonder de hulp van de bevolking kunnen ook wij de situatie niet onder controle houden.”

Boete
Hij zegt dat de bevolking goed helpt en dat komt vooral omdat Aruba altijd actief aan voorlichting is blijven doen. Zo is er een lespakket voor scholen, dat binnenkort wordt aangepast vanwege Zika.

Niet iedereen werkt mee. Dirksz: “We geven ze eerst een waarschuwing. Doen ze niets en vinden we nog steeds broedplaatsen, dan krijgen zij een boete, 50 gulden per broedplaats. Dus als je tien autobanden hebt, is dat tien keer 50 gulden.”

Wie broedplaatsen heeft, kan de dienst bellen voor gratis bestrijding. Ooit was het idee om het werk in rekening te brengen. Dat is losgelaten omdat de meeste mensen niet bereid bleken daarvoor te betalen. Het maakt het preventiewerk van de controleurs ook moeilijker: “Ze laten ons dan niet zo makkelijk binnen als nu”, zegt inspecteur Edgar Flanegin.

Bron: Caribisch Netwerk/NTR

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *