NTR | Wat gebeurt er met de scheepswrakken in Simpson Bay?

Foto: Harriot Voncken

PHILIPSBURG – Op de werf van SeaCure Marine in Simpson Bay liggen bijna twintig wrakken van glasvezeljachten te wachten om gecrusht te worden. Ze zijn geborgen na orkaan Irma. “Als zo’n boot eenmaal verpletterd is, waar breng ik het materiaal dan naartoe?”, vraagt berger Jens Plage van SeaCure Marine zich af.

Glasvezel mag niet naar de afvaldump worden gebracht, omdat het schadelijk kan zijn voor het milieu. Zeker als er weer brand uit breekt op de afvalberg.

SeaCure Marine is een van de drie bedrijven in Sint-Maarten die in 2018 een vergunning kregen om schepen te bergen die in de Simpson Bay Lagoon waren gestrand of gezonken. Boten die nog te redden waren zijn inmiddels gerepareerd of verkocht door de eigenaar of verzekeringsmaatschappij.

De Sierra Romeo, het grootste schip dat SeaCure samen met een ander bedrijf borg, een megajacht van 20 tot 40 miljoen dollar, is naar Nederland gebracht voor refit werkzaamheden. Een ander schip, de Jab Jab, is bewust niet gerepareerd. In september 2018 heeft de Sint Maarten Nature Foundation het afgezonken als reef habitat.

Nog geen oplossing voor glasvezel schepen
Metalen boten die waren afgeschreven door de verzekering hebben nog schrootwaarde en waren makkelijk te verwerken. Veel glasvezel schepen liggen nog te wachten om vernietigd te worden. SeaCure Marine wist een bedrijf in de Dominicaanse Republiek dat geïnteresseerd was om de boten te vermalen tot glasvezelkorrels die vervolgens opnieuw gebruikt kunnen worden. “Maar dat ging niet door wegens importregelgeving”, zegt Plage.

Foto: Harriot Voncken

De kosten van berging verschillen per geval; het ligt aan de locatie, en of de boot gezonken of gestrand is. Volgens SeaCure Marine liggen de bedragen tussen 6.000 en 60.000 dollar. Dit wordt betaald door de eigenaar of verzekeraar, afhankelijk van de grootte van het schip.

Onderdeel van het wederopbouwprogramma
Dat is het probleem met de vele boten die nu nog gestrand of gezonken liggen in en rond de lagune. “Ze waren niet verzekerd, of de eigenaren hebben geen geld om ze op te laten takelen. Sommigen zijn gewoon vertrokken”, aldus Plage. Voor die wrakken is deze week het Ship Salvage and Removal-plan bekendgemaakt, onderdeel van het Emergency Debris Management Project van het wederopbouwprogramma.

‘Ruim anderhalf jaar na Irma is het niet waarschijnlijk dat booteigenaren zich nog melden’ – Mark Williams van VROMI

De ruim honderd schepen aan de Nederlandse kant moeten volgens de internationale milieurichtlijnen verwerkt worden, vertelt Mark Willliams. Hij is beleidsmedewerker bij het ministerie van VROMI en aanspreekpunt voor het wederopbouwbureau bij dit ministerie. “Elk schip heeft een geo-tag gekregen – zodat er niet ineens schepen opduiken van de Franse kant van de lagune. De lijst met locaties hebben we gepubliceerd in de hoop dat de eigenaren zich nog melden. Ruim anderhalf jaar na Irma is dat niet waarschijnlijk.”

Na zes weken verliezen de eigenaren de rechten op hun schip en start de aanbestedingsprocedure voor het opruimen, te beginnen in juli.

Eerder geborgen wrakken en het puin langs de oevers gaan ook mee in het verwerkingsproces. Het materiaal wordt waarschijnlijk verscheept naar een verwerkingsfaciliteit. Hoe lang dat gaat duren? “De schatting is 150 dagen, maar het kan korter of langer zijn. Het werk moet nog aanbesteed worden”, aldus Williams.

Bron: NTR/CaribischNetwerk

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *