OM | Toespraak Hoofdofficier van Justitie van Sint Maarten Ton Maan

Hoofdofficier van Justitie Sint Maarten Ton Maan

Hoofdofficier van Justitie Ton Maan

Toespraak Hoofdofficier van Justitie van Sint Maarten, Ton Maan ter gelegenheid van de installatie van een nieuwe rechter op Sint Maarten.

Philipsburg, 8 april 2016

Mijnheer de President,
Edelachtbaar college,
Mijnheer de Gouverneur,
Mijnheer de Minister-president,
Mevrouw de Staten-voorzitster
Mijnheer de Minister van Justitie,
Geachte heer Deken,
Collega’s van Hof en Parket en
Alle overige geïnteresseerde aanwezigen,
Maar uiteraard vooral: geachte Mevrouw Giesen,

Het is vandaag een bijzonder heuglijke dag.
Een nieuw geïnstalleerde rechter is namelijk een hartelijke felicitatie waard.
Die felicitatie geldt de nieuw geïnstalleerde, de familie en vrienden, maar natuurlijk ook uw Hof.

Woody Allen – wie kent hem niet – heeft ooit gezegd: “Showing up is 80% of the succes in your life” Mevrouw Giessen, you showed up, dus met het succes in uw leven zit het wel goed.

Op een installatiezitting als deze heeft het Openbaar Ministerie altijd drie taken:
• De formele taak om te requireren. Dat heb ik zojuist gedaan.
• De prettige taak om te feliciteren. Dat heb ik ook zojuist gedaan.
• Dan tot slot de verantwoordelijke taak om – vaak over het hoofd van een nieuw geïnstalleerde rechter heen – een evenwichtig beeld te schetsen van een belangwekkend actueel thema, liefst juridisch van aard.

Echter, mijnheer de president, de ervaring leert dat bij deze ceremoniële zittingen verreweg de meeste aanwezigen in de zaal niet zitten te wachten op lange verhalen, maar wel op de borrel. Ik zal dan ook trachten mijn verhaal kort te houden.

Een rechter, dames en heren, heeft een buitengewoon belangrijke taak en die taak is er in de loop der jaren bepaald niet eenvoudiger op geworden.

In de 19e eeuw moest de rechter zo weinig mogelijk afwijken van de wet. Die wet zorgde namelijk voor rechtszekerheid en rechtsgelijkheid. Rechters – zo was de mening – hoefden dan ook niet veel anders te doen dan het geschreven recht toe te passen op het concrete geval.

Maar er waren (en er zijn) echter weinig regels die zo eenduidig zijn. De rechter moet veel méér doen dan het eenvoudig vaststellen van de feiten en het eenvoudig vaststellen van de relevante rechtsregels.

Om met Corstens te spreken (voor de niet-juristen onder ons: Corstens is oud-hoogleraar strafrecht en oud-president van de HR):

“De vorm van het recht wordt in een oneindig en nauwgezet proces langzaamaan geboetseerd”.

Dat maakt het werken in de rechtspraak natuurlijk wel veel leuker, dan alleen het vaststellen van de feiten en relevante regels.

Maar we leven ook in een tijd en in een land waarin zowel de pers als heel veel burgers zich uitgebreid een oordeel aanmeten over vonnissen en zelfs over nog lopende rechtszaken. Juristen gaan de diepte in, op zoek naar het detail. De pers, de media en veel burgers willen het ‘quick and dirty’.

We leven in een complexe, verdeelde, gespannen, veeleisende samenleving; iedereen verwacht een reactie op elk incident.

We leven in een bestuurlijke context die zich kenmerkt door steekwoorden als bezuinigingen en instabiliteit.

We leven in een land met evenveel vakkundige stuurlui aan de wal als er inwoners zijn.

De onafhankelijkheid, integriteit, objectiviteit en deskundigheid van ‘de eigen’ rechters wordt openlijk – soms zelfs door juristen – ter discussie gesteld.

De rechtspraak is van lieverlee in het brandpunt van de aandacht komen te staan. Je kunt zeggen dat de zwarte toga (in overdrachtelijke zin) is ingeruild voor een glazen exemplaar. Maakt dit het werken in de rechtspraak leuker?

Dat is afhankelijk van de individuele rechter. Sommige rechters gedijen beter in glas dan in zwart, zal ik maar zeggen. Dat is voor officieren van justitie overigens niet anders.

Feit is denk ik wel dat deze ontwikkelingen het ambt van rechter en dat van officier een stuk zwaarder heeft gemaakt dan men vroeger heeft bedacht.

Als ik naar mijn eigen organisatie het OM kijk, dan brengt dat alles met zich dat terecht wordt verwacht dat het OM continu in beweging en in ontwikkeling blijft. Will Rogers, een Amerikaanse entertainer uit het begin van de vorige eeuw, formuleerde het treffend:

“Even if you are on the right track, you’ll still get run over if you just sit there”

Het OM zal zich altijd blijven ontwikkelen en wil met interventies die zichtbaar, merkbaar en herkenbaar zijn, de juiste bijdrage leveren aan een veilige samenleving.

De toepassing van het strafrecht is echter repressief van aard; per definitie achteraf en dus slechts beperkt effectief in het voorkómen van criminaliteit.

De verwachtingen ten aanzien van de effecten van strafrechtelijk ingrijpen alléén zijn vaak te hoog. Het strafrecht is niet in staat alle veiligheidsproblemen op te lossen.

Daarom zal het OM de komende jaren het initiatief nemen om actief het overleg en de samenwerking te zoeken met partners om tot een gezamenlijke interventie- en preventie-strategie te komen.

De ambitie van het OM is het leveren van een effectieve bijdrage aan een veilige en rechtvaardige samenleving en het bieden van stevige waarborgen voor een integere democratische rechtsstaat.

De ongemakkelijke werkelijkheid is dat die gewenste resultaten er ondanks alle inspanningen tot nog toe niet zijn. De strategie van het OM om die resultaten wel te gaan bereiken is gebouwd op drie pijlers:
• (door)ontwikkeling van een integrale aanpak,
• verbetering van de verbinding en communicatie met de samenleving, en
• (door)ontwikkeling van een professionele OM-organisatie.

Het is een gegeven dat de beschikbare middelen voor opsporing en vervolging schaars zijn. De economische realiteit van Sint Maarten zal daar de komende jaren geen verandering in brengen. Uitgangspunt moet daarom zijn dat met dezelfde (personele en geldelijke) middelen méér gedaan wordt.

Interventies hebben een groter maatschappelijk effect als deze niet geïsoleerd plaatsvinden maar onderdeel zijn van een brede gezamenlijke integrale aanpak van het veiligheidsnetwerk.

Concreet: een gecombineerde inzet van de capaciteit, kwaliteit, diversiteit en selectiviteit van alle partners, met andere strategieën dan alleen het klassiek strafrechtelijk opsporen en vervolgen.

Over welke partners hebben we het? U moet daarbij denken aan het openbaar bestuur, de diverse handhavingsdiensten, de (semi)publieke en private partijen in de samenleving. Juist die publiek-private samenwerking met commitment van alle partners maakt de integrale aanpak krachtig.

De verbinding en de communicatie met de samenleving is daarbij essentieel voor het welslagen van een dergelijke aanpak. Desinteresse, gelatenheid en cynisme moet worden vervangen door betrokkenheid van burgers, bedrijven, sociaal-maatschappelijke organisaties en media, gericht op een ‘culture of legality and justice’.

Strafrechtelijk ingrijpen heeft slechts een tijdelijk effect, tenzij de samenleving zelf collectief wetteloosheid afkeurt en uitgaat van gedeelde normen en waarden.

Feit is dat het draagvlak van het OM veel te smal is om dit alleen voor elkaar te krijgen. Wij gaan op zoek naar de verbinding met partners met gezag en moreel leiderschap uit de wereld van de kerken, de scholen, buurthuizen, vrijwilligersorganisaties, sportclubs etc.

Door het betrekken van deze maatschappelijk organisaties als partner bij de aanpak van veiligheidsvraagstukken, zal een duurzamer effect worden bereikt.
Dit vergt voor de komende jaren een ander OM.
Een OM dat netwerkend gaat opsporen en vervolgen.
Een OM dat investeert in communicatie, in het uitleggen van zijn handelen, in het uitdragen van de boodschap.

Maar ook een OM dat zich nog verder moet professionaliseren:
• In deskundigheid (trainingen & cursussen, kenniscentrum, specialismen verdeeld over de landen, eigen officiersopleiding)
• In zorgvuldigheid (belangenafweging, omgang slachtoffers, adequate administratie)
• In efficiëntie (voortvarende afdoening, daadwerkelijke executie, alternatieve afdoeningen)
• In transparantie (uitleggen wat we doen en waarom we dat doen)

Natuurlijk zal dit niet zonder slag of stoot gaan. Natuurlijk zullen burgers, partners, advocaten ons wijzen op concrete zaken waarvan zij vinden dat die ten onrechte niet of juist wel zijn opgepakt. En niet of juist wel in een bepaalde aanpak thuishoren. Natuurlijk zullen fouten gemaakt worden. Niets menselijks is ook ons vreemd.

Ook rechters zijn niet vrijgesteld van het maken van fouten. Ik wil u graag wijzen op de rechter (uiteraard niet uit uw Hof) die enige jaren gelden proces-verbaal van meineed wilde opmaken tegen een mannelijke getuige die ter zitting onder ede verklaarde dat hij één broer had, terwijl de zuster van de getuige diezelfde ochtend onder ede had verklaard dat zij er twee had.

Mw. Giesen, welkom in de kleine juridische gemeenschap van Sint Maarten, welkom terug in het strafrecht na zoveel jaren in het bestuurs- en vreemdelingenrecht, ik ben er van overtuigd dat dergelijke vergissingen zich bij u niet zullen voordoen!

Dank u voor uw aandacht.

Bron: Openbaar Ministerie Sint Maarten

Een Reactie op “OM | Toespraak Hoofdofficier van Justitie van Sint Maarten Ton Maan

  1. Renee van Aller

    Integriteit, objectiviteit en afweging van belangen in de rechtspraak is de hoeksteen van de rechtsstaat. Er is inderdaad veel kritiek, maar niemand op de eilanden heeft de kritiek omgezet in een kwaliteitsmeting van de rechtspraak waarvoor wij zo attent en voortvarend de instrumenten hadden aangedragen. Mopperen mag, maar wat doet men zelf aan verbetering van de samenleving? Pastechi had een mooie afbeelding vandaag. Denken we alleen aan brood en spelen voor onszelf? Of kijken we verder dan onze neus lang is. Het is te hopen. Renee van Aller&John de Vries

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *