Ombudsman trekt aan bel over voorafgaand toezicht

WILLEMSTAD — Volgens Ombudsman Alba Martijn komt haar instituut in de financiële problemen omdat de minister van Financiën nog steeds voorafgaand toezicht toepast op de verplichtingen die de Ombudsman wil aangaan. Dat meldt zij in een brief d.d. 27 februari naar de minister. Zij wil dan ook dat dit toezicht wordt afgeschaft.

Het voorafgaand toezicht op verplichtingen die organisaties willen aangaan was een van de onderdelen van de aanwijzing die de Rijksministerraad op 13 juli 2012 aan Curaçao gaf.
In het beroep dat de Raad van Ministers van Curaçao aanging bij de Raad van State werd dit onderdeel echter geschrapt.
Maar volgens de Ombudsman is dit enkel op papier geschrapt en niet in de praktijk.
Door dit voorafgaand toezicht treden er onnodige vertragingen op in betalingen waardoor het instituut in de financiële problemen komt, aldus Martijn.

Ze refereert aan een in oktober geschreven brief waarbij ze dit probleem al aankaartte:

“In het kader van het Koninklijk Besluit van 13 juli 2012 heeft het Bureau Ombudsman Curaçao verschillende verplichtingen, die betrekking hebben op kosten die noodzakelijk zijn in het kader van de bedrijfsvoering, ingediend bij uw ministerie.
Het gaat in casu voornamelijk om kosten die voortvloeien uit de lopende overeenkomsten met de eigenaar van ons gebouw en met Aqualectra en UTS.
De voormelde verplichtingen worden maandelijks ingediend. Besluitvorming is echter totnogtoe uitgebleven.”

Martijn meldt dat zelf de rekeningen betalen niet mogelijk is omdat er telkens een machtiging nodig is van het ministerie.

“Het niet afhandelen van de lopende verplichtingen die te maken hebben met onze bedrijfsvoering, kan vergaande consequenties hebben voor het bestaan van onze organisatie.
Telefonisch hebben wij geen duidelijkheid kunnen verkrijgen omtrent de knelpunten die het kennelijk onmogelijk maken om deze verplichtingen af te handelen conform de beslissing van de Raad van Ministers.
Navraag naar andere procedures die wellicht kunnen leiden tot een sneller resultaat, hebben ook niet geleid tot concrete informatie dan wel acties.”

Volgens de Ombudsman is het voorafgaand toezicht ook in strijd met de strekking van de Landsverordening comptabiliteit 2010 en de bedoeling van de wetgever om financiële zelfstandigheid te garanderen aan de staatsorganen.
De conclusie is dan ook dat dit toezicht niet zonder meer kan worden gehandhaafd.
De Ombudsman verzoekt de minister dan ook om het af te schaffen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *