Opinie | De martelgang van Rafaely (17)

Door George Lichtveld

Opinie over geo-politiek | Persbureau Curacao

Rafaely is een Venezolaanse vluchtelinge die samen met een groep van ongeveer 30 andere mede- vluchtelingen op 11 april jl op zee werd opgepakt door onze kustwacht en meteen werd overgedragen aan de vreemdelingenpolitie. Haar verwijderingsbeschikking dateert net als die van haar andere lotgenoten van dezelfde datum (dus ook 11 april) en bestempelde haar meteen als ongewenste vreemdeling die uiterlijk 11 mei uit Curacao moest worden verwijderd en werd zij tot die tijd verbannen naar de vreemdelingenbarakken.

Reeds in voornoemde fase hebben de justitiele autoriteiten van ons land zich schuldig gemaakt aan ernstige schendingen van de mensenrechten van Rafaely, hetgeen waarop ik in dit stuk nader op terug kom. Rafaely heeft in Venezuela een heel moeilijke jeugd gehad. Op vijfjarige leeftijd scheidden haar ouders, werd haar vader wegens huiselijk geweld veroordeeld tot een gevangenisstraf en verliet haar moeder het gezin om elders naar werk te gaan zoeken. Zijzelf werd deels opgevangen door haar grootmoeder in een overbezet huis waarin elke privacy ontbrak en waarin van haar verwacht werd bij te dragen aan het huishoudelijk beheer en de kosten daarvan. Naar haar zeggen is zij nauwelijks kind geweest omdat zij reeds zeer vroegtijdig werd opgezadeld met de beslommeringen die normaliter door volwassenen worden behartigd.

De 17-jarige Venezuelaanse minderjarige vluchtelinge Rafaely Trejo Molina

De toestand van deze toen al noodlijdende extended family werd onder het alles verwoestende regime van Chavez en naderhand Maduro alleen maar erger zonder enige uitzicht op verbetering en ontaarde zich in een niet aflatende dagelijkse inspanning om in elkaars levensonderhoud te kunnen voorzien. Rafaely nam op zestienjarige leeftijd het moedige besluit om samen met anderen de noodsprong naar Curacao te ondernemen, dit na de betreffende mensensmokkelaar haar laatste bij elkaar gesprokkelde centen te hebben betaald.

Nooit had zij echter kunnen bevroeden dat de ontsnapping uit de Venezolaanse hel haar terecht zou brengen op een lijdensweg waarin zij een kwelling zou ondergaan die gelijk, zoniet erger zou zijn als de martelgang die zij gedurende haar jonge leven reeds had doorstaan.

De mensenrechten die onze authoriteiten van haar geschonden hebben zijn zo mensonterend, vernederend en kwellend dat de lijst daarvan elke rechtgeaarde burger in ons land zou doen huiveren en doen afvragen hoe dit Kafkaans aandoend bestuurlijk afhandelingsproces kan plaatsvinden in de eenentwintigste eeuw hier op Curacao. Wat een blamage voor ons eiland! Nadat het rapport dat vorig jaar door Amnesty International is opgesteld met als titel “Opgesloten en uitgezet, Venezolanen krijgen geen bescherming in Curacao”, heeft er geen enkele verbetering plaatsgevonden op gebied van bescherming van mensenrechten en toont het geval Rafaely aan dat wij eerder afglijden in de richting van Gestapo praktijken.

Zoals hierboven reeds is gesteld werd vanaf het moment waarop Rafaely (en de andere vluchtelingen) aan wal waren gebracht hun meteen een verwijderingsbeschikking in de maag gesplitst, hiermee beging ons land de eerste mensenrechtenschending omdat het principe van ‘refoulment’ (dit is het terugsturen van personen naar de plaats waar zij een reëel risico lopen op ernstige mensenrechtenschendingen) verbonden is aan internationaalrechtelijk vastgelegde procedures.

Volgens het Handvest van de Europese Unie (art. 19 lid 2) geldt het principe van non-refoulment voor alle verwijderings-, uitzettings- en uitleveringsprocedures ongeacht of de persoon officieel erkent is als vluchteling of officieel een verzoek heeft ingediend voor internationale bescherming. De stapels premature-, waarschijnlijk in concept reeds klaarliggende verwijderingsbeschikkingen houden dus op zichzelve reeds een ernstige mensenrechtenschending in en toon een duidelijke minachting voor het Verdrag en haar regels.

Nadat Rafaely in de barakken werd geplaatst is er op initiatief van de Human Rights Foundation en met kosteloze bijstand van een bewonderingswaardig advokatenkollectief bewerkstelligd geworden dat Rafaely’s bewaking door de rechter geschorst werd met ingang van 7 mei 2019 (uitspraak op 30 april 20129 door Gerecht in eerste aanleg, Lar CUR201901436). Rafaely is dus gerechtigd om haar verblijf hier op Curacao tot het moment waarop zij is uitgeprocedeerd , in vrijheid door te brengen.

Omdat de rechter ook vond dat de overheid gedurende die periode moest zordragen voor haar huisvesting en de kosten moest dragen van haar levensonderhoud werd door hem/haar gesuggereerd Rafaely te plaatsen in de Justitiele Jeugd Inrichting Curacao (JJIC voorheen bekend als het GOG). Die suggestie werd door het Ministerie van Justitie overgenomen zonder dat het alternatief van plaatsing in een opvanggezin werd overwogen dit terwijl hiervoor een voorstel werd gedaan aan de minister (brief van 5 mei 2019 van Human Rights Foundation) terwijl ook het Bisdom en de Vereniging Caritas zich garant wilden stellen voor haar plaatsing in een normale gezinssituatie.

Dat voorstel werd volkomen genegeerd dit terwijl het beleid voor de opvang van kinderen die onder toezicht worden gesteld (OTS-kinderen) normaliter erop gericht is om plaatsing in het JJIC als allerlaatste maatregel te overwegen. Plaatsing in een opvanggezin verdient altijd de voorkeur. Er heeft geen onderzoek voor voorlopige onder toezichtstelling plaatsgevonden, althans niet door de Gezinsvoodgij-instelling (GVI) die normaliter met die taak belast is.

Dat werd blijkbaar onnodig geacht en werd zij snel onder toezicht gesteld van een gezinsvoogd die bovendien werkzaam is bij het JJIC. Het besluit om een employee van het JJIC tot Rafaely’s gezinsvoogd te benoemen betuigt van ondoordachtheid, de rechter had rekening moeten houden met een verstrengeling van de hoedanigheden, duidelijk is dat de medewerker die als gezinsvoogd is benoemd, haar persoonlijke verantwoordelijkheid heeft afgewenteld op de funktionaris die zij is voor het JJIC. Rafaely verblijft niet thuis bij haar en gaat ook niet tijdens weekeinden mee naar haar huis, wordt niet door haar persoonlijk verzorgd maar blijft ten alle tijden opgesloten in het JJIC-gebouw. De tijdelijke voogdij van Rafaely is hierdoor in handen gekomen van een JJIC-medewerker, een persoon die in dienst is van het instituut dat haar juist van haar vrijheid beroofd en ook immigratie-ambtenaren tot haar toelaat om haar te bewegen te tekenen voor vrijwillige terugreis naar Venezuela.

De Human Rights Foundation en andere hulpverleners krijgen daarintegen uiterst moeizaam toegang tot Rafaely. Het gekwelde meisje is dus overgeleverd aan een gezinsvoogd, een instituut en andere vertegenwoordigers uit de justitiele keten die er alles aan doen om in samenspanning met het Venezolaanse consulaat haar verwijdering te bewerkstelligen en haar voor die tijd gevangen te houden onder minimaal kontakt met de buitenwereld, vermeden moet immers worden dat zij uit de school klapt.

Het strenge, volstrekt onbevoegd ingestelde bewakingsregime dat op haar wordt toegepast dient daarvoor en wordt gemotiveerd met het argument dat Rafaely ‘vluchtgevaarlijk’ zou zijn. Nu vraag ik mij af hoe iemand die volgens de rechter reeds over haar vrijheid beschikt ‘vluchtgevaarlijk’ zou kunnen zijn, hoe moet ik mij dat voorstellen? Afgezien van dat onzinnig argument mag het JJIC zoiezo op haar geen enkel bewakingsregime toepassen, dat is immers door de rechter besloten, zij is vrij, ik kan dat maar niet genoeg benadrukken, het enige waar zij zich wel aan heeft te houden is het huisregime van het instituut (bezoektijden, etenstijden, enz.) zoals zij zich ook zal dienen te houden aan de huisregels van een gezin waarin zij zou kunnen worden ondergebracht.

Het instituut/haar voogd heeft echter niet het recht om voor haar te bepalen wie zij mag ontvangen en spreken en heeft ook niet het recht om elk contact met de buitenwereld aan haar te onthouden, nogmaals, haar bewaking is immers opgeschort. Desondanks mag Rafaely niet eens het terrein buiten het gebouw op gaan en wordt zij ‘s nachts als een vervaarlijk dier in haar kamer opgesloten. Dit is pure vrijheidsbeneming hetgeen zij ook als zeer vernederd ervaart. Zij mag nergens naar toe, ook niet naar school en niet eens de straat op ook niet onder begeleiding, kan geen opleiding volgen, mag ook geen telefonisch contact maken dan na voorafgaande goedkeuring van het instituut.

Ook haar advocaten wordt de toegang tot haar zo moeilijk mogelijk gemaakt. Zo vindt de voogd dat zij perse bij de gesprekken van de advocaten met Rafaely moet zijn, dit volledig in strijd met het client-advocaat privilege. Dit meisje dat niets strafrechtelijks heeft begaan en dat zich alleen vanuit bestuurlijk oogpunt ongedocumenteerd op het eiland bevindt, wordt als een crimineel behandeld en in detentie gehouden ook al beweert het JJIC dat zulks niet het geval is.

Laat het JJIC mij maar uitleggen wat het verschil is tussen detentie en de omstandigheden waaronder zij verkeerd zoals hierboven omschreven. Wat haar gebeurd is een alternatieve vorm van detentie, zij ondergaat feitelijk gevangenschap. Artikel 9 lid 1 van het Internationaal verdrag inzake burgerrechten (ICCR) stelt dat:

“Een ieder heeft recht op vrijheid en veiligheid van zijn persoon. Niemand mag worden onderworpen aan willekeurige arrestatie of gevangehouding. Niemand mag zijn vrijheid worden ontnomen, behalve op wettige gronden en op wettige wijze.”

Rafaely is door de rechter in vrijheid gesteld er bestaan dus geen wettige gronden om haar vrijheid te ontnemen en haar te plaatsen en onderwerpen aan een regime dat feitelijk op detentie neer komt. Verder verbiedt het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens en Fundamentele Vrijheden het enkel op grond van een verblijfsstatus detineren van mensen (art. 5). Op gebied van vreemdelingen detentie bestaan er bovendien mensenrechtenstandaarden die onder meer inhouden het recht op vrijwaring van willekeurige detentie, het recht op bewegingsvrijheid, het recht op vrijwaring van marteling en andere wrede, onmenselijke of vernederende behandeling of bestraffing, het recht op humane omstandigheden tijdens detentie, het recht op juridische ondersteuning , het recht op toegang tot rechtsmiddelen in geval van uitzetting, het recht om met de familie en de buitenwereld te communiceren, het recht op medische zorg, etc.

Persoonlijke vrijheid zou voor elk individue de standaard moeten zijn (artikel 9 en artikel 14 van de UDHR, artikel 5 lid 1 EVRM).

Maar laten wij niet alleen maar kijken naar wat het recht bepaalt maar ook ons als gewoon medemens afvragen waarom wij hier op Curacao, de behoefte hebben om dit meisje, dit kind, dat alleen op zoek was naar een beter bestaan, de grond in te boren, geestelijk te kwellen, af te zonderen van de rest van de wereld alsof zij een melaatse top-crimineel is.

Hoe komt het dat wij een arm kind van amper 17 jaar dit willen aandoen, haar opsluiten en haar geen uitweg willen geven nadat zij heel dapper besloten had een uitzichtloos leven achter zich te laten? Zijn wij zo wreed en achteloos? Waarom willen wij dit meisje zo laten lijden? Goede burgers, help ons te strijden om dit grote onrecht ongedaan te maken, laten wij Rafaely een prachtige kans geven om een fantastische toekomst tegemoet te gaan. Zij is erg intelligent, wil later arts worden, hoeveel goeds kan er wel niet voort komen uit de levensherkansing die ons land haar kan aanbieden. Haar bevrijden is geen gunst voor haar maar rust op een basisrecht waar ieder mens recht op heeft.

FREE RAFAELY!

George Lichtveld,
Curaçao

7 Reacties op “Opinie | De martelgang van Rafaely (17)

  1. Ik denk dat het hier niet gaat wie het betaalt, maar dat de mensenrechten niet geschonden worden. Dat is de moraal van het verhaal.

    Henk Als er mensenrechten worden geschonden dan lijkt mij de hoogste tijd om de situatie aan te pakken! Waarom niet de oorzaak aanpakken?

  2. @Henk1, UN is meer bezig met Zwarte Pieten onderzoeken en misbruik van onschuldige en kwetsbare meisjes en jongens. En dat is zijn de andere NGO organisaties ook. Management krijg dik betaal voor niets doen. Is een linkse asielindustrie waar bepaalde mensen heel veel geld verdienen. Weinig geld komt echt bij de vluchtelingen terecht.
    Als de UN echt geld uitgeeft dan mogen ze hier komen en een opvangkamp opzetten en alles betalen.

  3. Op grond van “grond van humanitaire redenen” moeten we alle Venezolanen opvangen en verzorgen. Als ze worden uitgezet dan heeft de gene die hievoor verantwoordelijk is een misdaad gepleegd tegen de mensheid. Er zijn velen die te voet van Venezuela naar Brazilië, Colombia, Panama zijn gegaan om aan voedsel te komen.

  4. “Superfijn” als mensen altijd zo goed geinformeerd zijn. De UNHCR/VN betaald miljarden aan opvang asielzoekers.
    Ik denk dat het hier niet gaat wie het betaalt, maar dat de mensenrechten niet geschonden worden. Dat is de moraal van het verhaal.
    Laten we hopen dat Brian S cs nooit in een situatie terecht komt(komen) dat zij een beroep moeten doen op de welwillendheid van organisaties.
    Wat een schaamteloze mensen toch binnen deze samenleving. Uiterst triest eigenlijk.

  5. Het eiland Curacao verkeert weliswaar in een financiële crisis, maar ik meen te hebben gelezen dat de bisschop wil helpen. Ik mis de reactie van de vele kerken op het eiland. Het is nu de tijd om hun stem te laten horen en dit meisje te helpen.

  6. Vraag is en blijft.. Wie gaat dat allemaal betalen?
    Nederland en de EU heeft een zgn asieleconomie. Vooral linkse lui die goud geld verdienen met de stroom (kansloze) asielzoekers. Met als resultaat dat Europa vol zit met gelukszoekers die gewoon van het 1e land naar een ander land wippen en ondertussen huisvestiging en geld krijgen. En de linkse hulpgroepjes vangen ook geld hiervoor.
    In (West) Europa is daar geld voor.. Niet hier op Curacao.

  7. De ultieme vorm van het schenden van mensenrechten. Ziehier Curacao anno domini 21e eeuw. Schaamteloos!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *