PB | Toespraak opening Interparlementaire Koninkrijksoverleg (IPKO)

Toespraak ter gelegenheid van de opening van het Interparlementaire Koninkrijksoverleg (IPKO)

DEN HAAG – Geachte leden van de Eerste Kamer van de Staten Generaal, Geachte leden van de Tweede Kamer van de Staten Generaal, Geachte leden van de Staten van Aruba, Geachte Leden van de Staten van Sint Maarten, Geachte leden van de Staten van Curaçao.

Mede namens mw. Pauletta, voorzitter van de Commissie Rijksaangelegenheden, Interparlementaire Relaties en Buitenlandse Betrekkingen uit de Staten van Curaçao en de overige leden van de commissie: mw. Mc William, dhr. Pisas, dhr. Rojer, dhr. Calmes, mw. Mozes en dhr. Cordoba wil ik de organisatie van dit IPKO bedanken voor alle inspanningen die zijn gedaan.

Het is voor het eerst sinds het herstel van de Interparlementaire contacten na 10 oktober 2010, dat niet alle vier parlementen bijeenkomen in het IPKO. Toch wordt het belang van het IPKO onderstreept door alle landen. Juist als het moeilijk gaat, juist als er onenigheden zijn tussen de landen, moet het contact er zijn. Door middel van het dialoog moeten oplossingen worden gezocht en het IPKO leent zich uitstekend daarvoor. Bewijs hiervan is het lange traject dat heeft geresulteerd in drie uitgangspunten die de basis moeten vormen voor een geschillenregeling. Het traject was lang gelet op de tijd die is verstreken, maar uiteindelijk hebben de vier parlementen van de landen elkaar kunnen vinden in de uitgangspunten. Het blijft daarom van belang dat alle landen zich houden aan de bereikte resultaten van het IPKO. De rug toekeren naar de gemaakte afspraken in het IPKO, getuigt van gebrek aan respect voor dit platform en in het verlengde daarvan gebrek aan respect voor de volken die de verschillende parlementen vertegenwoordigen. De geschillenregeling staat niet op het programma, doch de standpunten van de respectievelijke landen zijn bekend en duidelijk. Wij van Curaçao gaan nog altijd ervan uit dat een geschillenregeling tot stand komt welke gedragen wordt door alle vier landen.

De problemen die de situatie in Venezuela veroorzaken zijn nog steeds duidelijk merkbaar op Curaçao. De verslechterde economie op het eiland is een direct gevolg daarvan. De slechte economie zorgt op zijn beurt voor diverse sociale problemen. Er heerst onzekerheid vanwege de dreigende sluiting van de olieraffinaderij. Duizenden banen staan op het spel en het inkomen van meer dan 4000 gezinnen kan daarmee verloren gaan.

Zijdens de Staten en de regering van Curaçao zijn diverse inspanningen gedaan om Nederland en de Europese Unie te overtuigen van de ernst van de situatie bij aanhoudende migratie uit Venezuela. Naar inschatting zijn in de afgelopen periode meer dan 10 duizend inwoners van Venezuela overgekomen naar Curaçao, zonder dat zij over de nodige verblijfstitel beschikken. De impact hiervan is enorm binnen onze kleine gemeenschap. Opmerkelijk is dat zijdens de EU zelf begrip werd getoond voor onze situatie gezien de kleinschaligheid van de eilanden van het Nederlandse Koninkrijk in het Caribisch gebied, terwijl Nederland zelf dit aanvankelijk heeft onderschat.

Gelukkig is men aan deze kant van de oceaan tot ander besef gekomen en is er nu ook vanuit Nederland de bereidheid om financiële steun beschikbaar te stellen om problemen rond opvang, bewaring en verzorging van illegale migranten aan te pakken. De situatie in Venezuela treft niet alleen de eilanden zelf, maar vormt een directe dreiging aan de grens van het Koninkrijk. Het is mogelijk dit probleem juridisch in te kaderen in termen van toelating en uitzetting, hetwelk strikt genomen een lokaal probleem is.

Echter, in termen van de sociaaleconomische realiteit, gaat het om een veel breder perspectief; het raakt onder meer de mensenrechten en hoe het Koninkrijk daarmee omgaat, het raakt de perspectieven van de eilandbewoners, het raakt de toekomst van ons allen. Als Koninkrijk moeten we actief, als eenheid, daarvoor oplossingen zoeken. Het kan en mag niet zo zijn dat een deel van het Koninkrijk hiervoor de rug toekeert en andere delen van het Koninkrijk met de gebakken peren laat.

De positie van de kleinschaligheid van de Caribische eilanden binnen het Koninkrijk kan in zekere zin vergeleken worden met de kleinschaligheid van Nederland in Europees context. Maar respect vergt dat rekening wordt gehouden met alle belangen van het groter geheel. Het is daarom onbegrijpelijk wanneer volksvertegenwoordigers zich respectloos uitlaten jegens andere kleinere groepen binnen het Koninkrijk, zoals dat recentelijk is gebeurd door een lid van de Tweede Kamer die zou hebben gezegd:

“Wij zijn 17 miljoen en jullie zijn 300 duizend samen, dus jullie moeten blij zijn met wat jullie hebben”.

Als men alleen kijkt naar aantallen inwoners, dan lijkt gelijkheid binnen een Koninkrijk als deze een moeilijk begrip, maar dat geeft niet weg dat er respect moet zijn en dat minachting onacceptabel is. Alhoewel het democratisch deficit binnen het Koninkrijk bestaat, neemt dat niet weg dat steeds gezocht moet worden naar de maatstaven van evenredige gezagsverhoudingen, daar binnen het Koninkrijk de autonomie van de verschillende landen geëerbiedigd dient te worden.

Vanaf mijn eerste toespraak in het IPKO heb ik het belang van samenwerken en wederzijds respect onderstreept. Dit blijft ongewijzigd. De landen moeten elkaar blijven steunen en samen de vele mogelijkheden die het Koninkrijk biedt zoveel mogelijk benutten. Respect tonen naar elkaar blijft daarin de basis.

Het parlement van Curaçao blijft vastberaden om te blijven werken aan het verbeteren van het welzijn van haar burgers. Alleen wanneer het de burgers goed gaat, gaat het goed met de samenleving.

We hebben een interessant programma voor de boeg. Ik wens alle delegaties veel succes toe. Tot slot wil ik dhr. Van Ganzevoort bedanken voor zijn constructieve opstelling in de afgelopen jaren en de wijze waarop hij heeft voorgezeten. We zijn blij dat hij bereid is om deel te blijven uitmaken van de Nederlandse delegatie bij het IPKO. Tegelijkertijd wil ik dhr. Rosenmöller welkom heten als nieuwe voorzitter van de Eerste Kamer-commissie en hem veel wijsheid toewensen. Als oude bekende van het Caribisch gebied ben ik ervan overtuigd dat ook hij een waardevolle toevoeging zal blijken te zijn aan het IPKO.

De Voorzitter van de Staten van Curaçao,

Dhr. ing. William Millerson

Bron: Persbericht Interparlementaire Koninkrijksoverleg (IPKO)

3 Reacties op “PB | Toespraak opening Interparlementaire Koninkrijksoverleg (IPKO)

  1. Hahaha, “mw. Mc William, dhr. Pisas, dhr. Rojer, dhr. Calmes, mw. Mozes en dhr. Cordoba”.
    Een groep nikskunners, zakkenvullers die op kosten van de gemeenschap zich laten faiteren met daggeld in euro’s uiteraard, Mclass etc etc.
    Wat een schandelijke mensen.

  2. Verwacht je serieus te worden genomen als je je laat vertegenwoordigen door de luie nietsnut Menki Rojer, de lolo van Soto Pik Pisas van mafiapartij MFK en de op sterven na dood zijnde domme walrus Cordoba van PS?

  3. En maar volhouden dat het `allemaal` aan de situatie rondom Venezuela ligt…pffff

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *