Revu | Vers vlees voor de Antillen

Venezolaanse slikmeisjes op Curacao | Hendrik Jan Korterink

Een drankje met een bitter nasmaak | OM campagne 2017

Vrouwelijke vluchtelingen uit Venezuela proberen op de Nederlandse Antillen de kost te verdienen in trago-bars, waar mannen hun drankjes betalen in ruil voor wat aandacht. Of meer. Hendrik Jan Korterink sprak op Curaçao met Naomi, een 28-jarige die op het eiland illegaal als zogenaamd slikmeisje werkt. ‘Wat moet je als je kind verhongert?’

Las mujeres de trago: Het Venezolaanse tragomeisje Naomi op Curaçao.

In oktober 2017 trekt een foto van een aan handen en voeten geboeid en geblinddoekt meisje de aandacht. Er wordt gedacht dat het om een Venezolaanse gaat die op Aruba is vermoord en aan de kant van de weg is gedumpt, maar dat blijkt later wat anders te liggen. Op Aruba kenden ze haar van een trago-bar, maar de foto is gemaakt in Venezuela. Ook op Curaçao kenden ze haar: van trago-bar Cas Casuela in Tanki Leendert, een buurt enkele honderden meters van de haven van Oranjestad, waar de cruiseschepen elkaar verdringen. Wat is er met dit meisje gebeurd?

Ze is niet dood. Het zou gaan om een hooglopend conf lict tussen twee trago-meisjes, waarbij de een 700 dollar had betaald aan een huurmoordenaar om de ander om zeep te helpen. Maar de huurmoordenaar kende zijn doelwit en stelde haar op de hoogte van het plan. Ze betaalde hem drie keer zoveel om haar níet te vermoorden. De foto zou in scène zijn gezet om de opdrachtgever te laten zien dat de klus was geklaard.

In Cas Casuela weet men drie maanden na dato van niks. Nu is het niet eenvoudig om hier een goed gesprek te voeren, ook niet voor iemand die wel een woordje Spaans spreekt. De meisjes die achter de bar staan, werken er nog niet zo lang. Erg gezellig wordt het niet: het is er koud, de airco draait op volle toeren en de muziek staat hard. Voor een niet-Antilliaan is moeilijk te begrijpen wat hier de lol van is en wat het verdienmodel is.

Foto Cas Casuela

Vers vlees

Las mujeres de trago worden ze genoemd. Slikmeisjes. Geen bolletjes, maar drankjes. En het zijn geen prostituees, maar een soort gezelschapsdames. In december 2017 spreek ik op Curaçao met een Venezolaanse die als tragomeisje werkt in een bar op Curaçao. Laten we haar Naomi noemen, zoals in het Bijbelboek Ruth, die was gevlucht voor de hongersnood in eigen land. De afspraak is op een schuiladres. Ze is bang en voorzichtig. Illegaal en afhankelijk. Hoe is ze hier zo beland? Niet met een boot en een zwemvest. Vriendinnen van haar wel, ‘die kwamen aan bij het hondenkerkhof’. Ze bedoelt de kust in de buurt van het Arubaanse Barcadera, bij Baby Beach.

Naomi kwam met het vliegtuig vanuit de Venezolaanse hoofdstad Caracas, naar Hato op Curaçao. Een hele organisatie, waarvan de eireen angstvallig wordt verzwegen. De tussenpersoon krijgt van de kroegeigenaar geld voor het ticket en 1150 dollar. 150 voor de bemiddeling, 1000 voor de rijke man. De rijke man geeft de 1000 dollar mee aan het meisje, dat dit meteen na aankomst moet afstaan aan de bareigenaar.

Hoewel die 1000 dollar niet echt een ‘schuld’ is – het is alleen ‘showgeld’ – wordt het meisje geacht binnen een maand 1250 euro te betalen aan de bareigenaar. Dat is nog niet alles; de kroegbaas zorgt meestal ook voor onderdak. Hij verhuurt kamertjes, daar moet ze ook voor betalen. Na die maand moet ze eigenlijk weer terug: de kans op ontdekking wordt groter als iemand langer blijft en de uitbater wil carne fresca: vers vlees.

Het klinkt als onbegonnen werk. Naomi, bijvoorbeeld, leent zich niet voor prostitutie en moet haar geld puur verdienen als trago-meisje. De mannen in de bar bestellen drankjes (trago) voor haar, voor 6 gulden (ongeveer 3 euro). Daarvan mag ze er 5 zelf houden. Ze moet van 19.00 uur tot 04.00 uur ’s nachts in de bar aanwezig zijn. Meiden die het goed doen, kunnen in een paar weken hun schuld al af lossen, daarna kunnen ze gaan sparen. Meestal grotendeels voor hun familie in Venezuela. Hun hoop is gevestigd op het aan de haak slaan van een rijke man die hen een betere toekomst biedt.

Heel gezellig is het niet; de concurrentie is groot en soms vechten de dames elkaar letterlijk de tent uit. Er zijn tientallen van dit soort bars op Curaçao. Toeristen en macamba’s (blanke immigranten) zijn er welkom, maar hebben er in de praktijk weinig te zoeken. De bars ogen weinig aantrekkelijk van de buitenkant en wie geen Spaans spreekt, kan met de meisjes niet communiceren: ze spreken vrijwel geen woord Engels.

Foto Babybeach Aruba

Drijfnatte avonturiers

Dat Venezolanen die illegaal naar de Antillen komen hun leven op het spel zetten, blijkt telkens weer. Met nauwelijks zeewaardige bootjes worden ze op Aruba in het licht van de maan gedumpt aan de rotsachtige kust bij Baby Beach. Of op Curaçao aan de onherbergzame noordkust.

‘Ik heb een doel en ik ga niet terug voor ik dat heb bereikt. Ik moet geld genoeg heb ben voor de operatie van mijn dochtertje’

Op dinsdagavond 9 januari 2018 vertrekken twee bootjes met in totaal vermoedelijk zo’n twintig opvarenden uit de Venezolaanse havenstad La Vela de Coro voor een barre tocht naar de noordkust van Curaçao, bij Koraal Tabak, aan dezelfde onherbergzame kust als vliegveld Hato. Een reis van een kleine 100 kilometer, die minstens tien uur duurt. Een van de bootjes strandt in ruw weer op een rots en vergaat. In de loop van woensdag spoelen er vier lichamen aan. Vrijdagmorgen wordt een eindje verderop een vijfde lichaam gevonden. Uit verklaringen van getuigen blijkt dat er in elk geval ook een aantal het wél heeft gered: er is een auto gesignaleerd met een aantal net aangekomen personen. De voorbereidingen voor de reis zijn in december begonnen. Alle deelnemers hadden 100 dollar betaald.

De hoge golven op zee zijn niet het grootste gevaar, het riskante deel is het naderen van de kust. Als ze dicht aan land komen, kunnen ze zomaar te pletter slaan op de rotsen. Het gaat vaak mis, maar niet altijd hoor je er iets over. Nog niet zolang geleden spoelden er drie lichamen aan op Aruba.

In de meeste gevallen is er wel iets geregeld om de drijfnatte avonturiers op te halen, maar niet altijd. Als er geen vervoer is, volgt er op Aruba een voettocht van een paar kilometer, naar het dichtstbijzijnde dorpje San Nicolas. Een gevaarlijke tocht, eerst in het donker over rotsachtig gebied, daarna over de weg, met het gevaar te worden ontdekt door een patrouille. Op Curaçao is de situatie onoverzichtelijker: daar zijn zoveel stranden en zoveel mogelijkheden om ongezien aan wal te komen dat er geen peil op te trekken is.

Drie dagen blijven

Wat drijft deze bootvluchtelingen – doorgaans twintigers – en wat komen ze doen? De vrouwen zijn veelal aangewezen op illegaal werk als trago-meisje in een bar. De mannen kunnen in de bouw aan het werk. Klussen. Of met smokkel, inbraken en overvallen aan de kost zien te komen. Toeristen hebben er weinig last van: overdag, op de toeristische locaties, vertonen de criminelen zich niet, en in de resorts en op de bijbehorende stranden is zoveel bewaking dat ze daar geen kans krijgen. Het zijn de plaatselijke toko’s en de wat meer afgelegen woningen waar het grootste risico is op hit-and-runs.

Foto verdronken bootvluchteling

Venezolanen die van plan zijn zich illegaal naar de Antillen te begeven, doen dat op twee manieren. De goedkope en gevaarlijke is per boot, de ‘koninklijke weg’ is met het vliegtuig. Venezolanen mogen drie dagen op de Antillen blijven, maar voor zo’n visum moeten ze beschikken over een retourticket, een verblijfadres en tenminste 1000 dollar aan contant geld, om er zeker van te zijn dat de ‘toerist’ zichzelf kan bedruipen gedurende het verblijf op het eiland. Werken mag niet. In de praktijk komen de meeste Venezolanen officieel binnen voor drie dagen en keren ze gewoon niet terug.

‘Als je dat spul de hele avond moet drinken, word je er dronken van. Het risico dat iemand iets anders in je drankje doet, is ook veel groter’

Een voorval in augustus 2017 geeft een indicatie van waar illegale Venezolanen zich mee bezighouden, als twee van hen bij een wilde politieachtervolging om het leven komen. De twee zaten met in totaal acht Venezolanen in een Honda-SUV die met grote snelheid van de weg raakte in Sint Joris, in de buurt van Koraal Tabak, aan de oostkant van Curaçao. De zes andere inzittenden raakten zwaar gewond. In de auto trof de politie 23 wapens aan en een hoeveelheid drugs. De politie was uitgerukt nadat de kustwacht een kleine, snelle boot had gesignaleerd.

Oudere man

Wat dreef Naomi naar Curaçao? Ze is 28 jaar geleden geboren in Caracas. ‘Mijn moeder is Colombiaanse, mijn vader komt uit Venezuela. Zij is huisvrouw, hij timmerman. Ik heb zeven zusjes en twee broers, ik was het vijfde kind. Van mijn broers en zussen woont er niemand meer in Venezuela, ze zijn allemaal vertrokken. Naar Chili, Colombia, Panama… Alleen mijn kinderen wonen in Venezuela, mijn moeder zorgt voor hen.’

Haar ouders zijn allang gescheiden, maar Naomi heeft met beiden contact. ‘Mijn moeder woont in Caracas, mijn vader in een dorp ergens anders.’ Naomi was onderwijzeres aan de basisschool, de jongste groep. ‘Al mijn broers en zussen hebben gestudeerd. Ik heb vier jaar les gegeven.’

Tot drie jaar geleden had Naomi het redelijk voor elkaar, al had ze op haar klompen kunnen aanvoelen dat het geluk niet heel lang zou duren. Ze had een relatie met een oudere man. Ze wil eerst niet zeggen hoe oud hij was, uit schaamte. Ze was nog geen 15 toen ze haar eerste kind van hem kreeg en hij was toen al in de 50. Hij was getrouwd en is ook nooit officieel gescheiden. Ze kregen twee dochters. De oudste is nu 14, de jongste is 10 jaar. Drie jaar geleden overleed de man aan kanker, hij was toen 65. ‘Hij zat in de regering, hij had een hoge functie. Hij woonde bij mij, maar we zijn nooit officieel getrouwd. Toen hij overleed, heeft hij ons huis achtergelaten voor onze dochters. Daar had ik niet veel aan, ik kon het huis niet verkopen.’

Trago-bar Cas Casuela in Oranjestad.

Het eerste jaar ging het nog. ‘Ik gaf les op school en verdiende genoeg om de kinderen te onderhouden. Zo’n twee jaar geleden is het echt slecht geworden. Boodschappen waren moeilijk te krijgen en heel duur, er waren geen medicijnen meer, iedereen raakte werkloos. Ik ook, ik kreeg gewoon geen loon meer, er was geen geld. Dat kon je aan alles merken. Voor die tijd maakte je koffie en dan gooide je het filter weg. Nu kwamen er mensen die vroegen om de uitgezeefde bonen. Het werd gevaarlijk op straat. Mensen die honger hebben doen van alles om aan eten te komen.’

Volgens Naomi – en vrijwel alle Venezolanen zijn het met haar eens – is het allemaal de schuld van president Maduro: ‘Hij doet alles fout, hij heeft niet de hersens om het land te regeren.’

Laatste eindje zwemmen

Als de situatie van de jonge weduwe in Venezuela onhoudbaar is geworden, gaat ze eerst naar Aruba, waar ze als kamermeisje in een hotel werkt. ‘Dat was illegaal. Op Aruba is een vrouw die dit soort dingen regelt voor immigranten. Het gaat altijd via-via. Ik heb een peetoom op Aruba.’ Ze ging er met het vliegtuig naartoe. ‘Dat mocht wel; je kon wel legaal naar Aruba, maar je mocht er niet werken.’ Nu zijn er wel wat trago-bars op Aruba, toen nog niet. Het verschijnsel is de laatste jaren een beetje komen overwaaien van Curaçao.

Snapt Naomi waarom haar vriendinnen in gammele bootjes hun leven wagen om naar de Antillen te komen? ‘Ja, wat moet je als je kind verhongert? Zij betaalden 200 dollar voor de overtocht. Met z’n zessen in een bootje. Als ze aankomen hebben ze niks bij zich afgezien van de kleding die ze dragen, ze mogen geen losse dingen meenemen. Ze weten van tevoren dat ze het laatste eindje moeten zwemmen. Die boten leggen niet aan, dat is te gevaarlijk. De schippers zijn bang dat ze worden aangehouden en dat ze tegen de rotsen slaan. Wie niet kan zwemmen, krijgt een zwemvest.’

De rotsige kust van Curaçao schrikt bootvluchtelingen niet af.

Maar dan? Dan sta je op een verlaten strand op Aruba, met de bewoonde wereld op minstens 5 kilometer afstand. In het donker. Hoe weten ze waar ze naar toe moeten? Is er iemand die hen opvangt? Hier valt Naomi stil. Ze kijkt naar de tolk en overlegt in het Spaans. De tolk legt uit dat Naomi hier niets over kan vertellen. De persoon die dit regelt, moet geheim blijven, anders wordt het te gevaarlijk.

Waarschijnlijk bedoelt ze de eigenaar van de trago-bar, die ze buiten schot wil houden. Verder is er volgens haar niet veel geregeld. ‘Je wordt gedropt en dan moet je zelf maar uitzoeken hoe je verder moet komen. De meeste meisjes hebben wel een familielid of een vriendin die hen kan helpen, maar daar moet je wel eerst zien te komen. Je wordt niet opgevangen als je aankomt. Voor iedereen is de situatie anders, je blijft niet bij elkaar.’

Een soort ranja

Naomi kon niet op Aruba blijven, want er wordt behoorlijk streng opgetreden tegen ondernemers die illegale werknemers in dienst nemen.

Recent kreeg de uitbater van een Chinese toko – waar het van sterft op de Antillen – een boete van 70.000 gulden omdat hij een illegale winkeljuffrouw in dienst had. Naomi ging terug naar Caracas, maar daar was het er intussen niet beter op geworden. Haar jongste dochter heeft een tumor in haar buik en moet geopereerd worden. De operatie moet ze zelf betalen. Ze heeft inmiddels een arts gevonden die het wil doen, maar dat kost wel 2000 dollar. ‘Ik heb een bepaald doel en ik ga niet terug voor ik dat heb bereikt. Ik moet geld genoeg hebben voor de operatie van mijn dochtertje. Ik ga pas terug als ik dat geld bij elkaar heb, maar het wordt steeds moeilijker, de dollar stijgt.’

Ze mist haar kinderen, maar het is onmogelijk bij hen te zijn. ‘Ze kunnen niet hier zijn, ze hebben geen papieren.’ Eigenlijk is er helemaal geen oplossing; ook als de operatie geslaagd is, kan ze niet in Venezuela voor de kinderen zorgen. ‘Mijn broers en zussen zijn net als ik allemaal afgestudeerd, maar in Venezuela is geen werk. Ze proberen in andere landen te overleven, met het verkopen van eten.

Van alles. Ze zoeken allemaal werk.’

‘De boten leggen niet aan, want de schip pers zijn bang dat ze worden aangehou den of dat ze tegen de rotsen slaan. Wie niet kan zwemmen, krijgt een zwemvest’

In de trago-bars is het werken ook lastiger geworden, door een maatregel van de regering waarvan niemand begrijpt waarom die is getroffen. De drankjes die de meisjes tot voor kort kregen, waren alcoholvrij. Een soort ranja (tip-top). Dat mocht niet meer: er mochten alleen nog ‘echte’ drankjes worden geserveerd. Met alcohol. Niet veel, het lijkt op prosecco. Er zou wel discussie over zijn geweest in het parlement, maar daar is niets van terug te vinden in de media. ‘Als je dat spul de hele avond moet drinken, word je er duizelig van. En dronken. Je wordt er heel moe van en er zijn meer ruzies. Het risico is ook veel groter dat iemand iets anders in je drankje doet, je proeft geen verschil meer. Terwijl het om verschillende redenen van belang is om scherp te blijven. Naomi ontsnapte enkele weken geleden aan een razzia, waarbij alle vrouwen van haar appartement zijn opgepakt. ‘Ik was de enige die kon ontsnappen. Ik kon net op tijd wegrennen. Ik heb me van 04.00 uur tot 08.00 uur schuilgehouden in een bos.’

De in scène gezette foto van een zogenaamd vermoord trago-meisje.

De boycot van Maduro

In januari 2018 stelt president Maduro van Venezuela een boycot in: er mogen geen goederen meer worden vervoerd naar Aruba, Bonaire en Curaçao. Het gaat vooral om lokale groente en fruit, dat wordt verhandeld op de markt, met als bekendste de markt in Willemstad bij de pontjesbrug. Volgens de president hebben de Venezolanen de producten zelf hard nodig, maar het wordt vooral gezien als een af leidingsmanoeuvre om de aandacht af te leiden van de binnenlandse problemen. Op de Antillen merken ze er weinig van. Groente en fruit voor de toeristen komen uit Europa, het zijn vooral de Venezolaanse handelaren die de dupe worden. Antilliaanse vissers zijn juist blij met de boycot, want ze worden verlost van oneerlijke concurrentie; de Venezolaanse vissers betalen maar een schijntje voor de brandstof van hun boten.
Lees het hele artikel op Blendle.

Bron: Revu

4 Reacties op “Revu | Vers vlees voor de Antillen

  1. Walgelijke titel.

  2. Door de trago-dames als “vers vlees” te bestempelen geeft Hendrik Jan Korterink duidelijk de ‘sensatiegehalte’ van zijn artikel aan.

  3. @ericlapas, Ja we noemen ze hier bysides..

  4. ‘Wat moet je als je kind verhongert?’ Dankzij Nederland hoeven wij ons deze vraag niet te stellen.

    Helaas heerst nog steeds een taboe op prostitutie, terwijl het toch de oudste beroep van de wereld is. Dit verhaal druipt ook van de hypocrisie, “En het zijn geen prostituees, maar een soort gezelschapsdames”.

    Laten we eerlijk zijn, welke bareigenaar gaat de dames een deel van de omzet geven? ” zogenaamd slikmeisje ” ?, ik weet niet of dit als letterlijke vertaling van “trago meisjes” is bedoeld maar het suggereert iets anders.

    Heb begrepen dat veel douane ambtenaren en emigratie medewerkers graag op HATO willen werken want dan kunnen ze inderdaad als eerste kijken of er vers bloed binnen is. Er zijn verhalen dat bepaalde medewerkers op HATO gelijk al bij aankomst van de dames met sommigen het toilet induiken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *