Soab ‘not amused’ over BZV

Grote afkoopsommen betaald

bzvWillemstad – De Stichting Overheidsaccountantsbureau (Soab) is ‘not amused’ over het voortijdig op Facebook zetten van de tussentijdse rapportage van het onderzoek bij het Bureau Ziektekostenvoorzieningen (BZV) door het bestuur van BZV.

Nu ligt dan het definitieve rapport op tafel waarin sommige punten zijn bijgesteld op basis van het commentaar van de voorzitter en secretaris van BZV, Alli Abdala en Milton Yarzagaray. Gisteren stond in deze krant dat de Stichting Bureau Toezicht en Normering (SBTNO) nog ruimte geeft voor het benoemen van nieuwe bestuursleden omdat volgens de Code Corporate Governance bestuursleden slechts twee jaar mogen zitten.

Maar, zo blijkt uit het Soab-rapport, met de bestuursleden zijn overeenkomsten gesloten tot en met 14 december 2015.
Volgens het bestuur is er bij het opstellen van de overeenkomst van uitgegaan dat de zittingsperiode verlengd zou worden met twee jaar.
Om die reden is Soab genoodzaakt geweest de bestuursleden een afkoopsom aan te bieden. Daarmee is de gedelegeerd bestuurder akkoord gegaan waarna hem een bedrag is uitbetaald van ruim 764 duizend gulden.
De gedelegeerd bestuurde verdiende 24.000 gulden per maand, aangevuld met 900 gulden onkostenvergoeding, een vakantie-uitkering van 7 procent van het bruto jaarsalaris en 29 vakantiedagen.

Dat dit salaris gebaseerd zou zijn op het inkomen van de voormalige directeur doet Soab af met te stellen dat deze 15.184 gulden per maand verdiende.
Ook de finance manager verdiende te veel volgens Soab.
Volgens het bestuur zouden alle medewerkers van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) die in dienst kwamen van de BZV een salarisverhoging krijgen van 25 procent.
Soab heeft een dergelijke opdracht echter nooit onder ogen gehad.
De overeenkomst met de finance manager is uiteindelijk afgekocht voor een bedrag van bijna 875 duizend gulden.
Hetzelfde is gebeurd met de manager beleid die afgekocht is voor een bedrag van 216 duizend gulden.

Behalve de grote afkoopbedragen stelt Soab ook vast dat er sprake is geweest van belangenverstrengeling omdat de voorzitter van het bestuur opgetreden heeft als gedelegeerd bestuurder-directeur.

,,Soab heeft aan het bestuur gevraagd waarom gekozen is voor een gedelegeerd bestuurder, en waarom het betreffende bestuurslid niet conform de statuten als directeur is aangesteld.
Het bestuur heeft hierop geantwoord dat hier op het moment van benoeming niet bij stil is gestaan.
De statuten verbieden het bestuur niet om een gedelegeerd bestuurder aan te stellen.
Soab stelt vast dat hierdoor bestuur en directie dusdanig met elkaar verweven zijn dat dit ernstig afbreuk doet aan de scheiding tussen bestuur en directie en hiermee de scheiding tussen de uitvoerende en toezichthoudende functie.”

Verplichtingenstop genegeerd

De BZV heeft ondanks een verplichtingenstop, afgekondigd door de toenmalige minister- president op 25 juni 2012, toch nog zeven medewerkers in dienst genomen.
Daarnaast is op 17 januari 2013 een termijndeposito afgesloten van 8.000.000 gulden voor een termijn van vijf jaar en is het bestuur van BZV in september 2012 een garantstelling aangegaan van 13.500.000 gulden voor de bouw van een nieuw revalidatiecentrum.
Het bestuur heeft aangetoond en aangegeven dat de minister hiervan op de hoogte is gesteld.

,,De BZV geeft aan uit de reactie van de minister-president en de minister van Financiën op de presentatie niet te hebben opgemaakt dat de verplichtingenstop van toepassing bleef voor BZV”

, aldus de rapportage van Soab die er wel aan toevoegt:

,,Deze gepercipieerde verplichtingenstop is echter nergens op schrift gesteld.”

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *