TK | Uitstel antwoorden vragen Van Raak (SP) over verantwoordelijkheid Nederland voor offshore en gokindustrie Aruba, Curaçao en Sint Maarten

Ex-staatssecretaris Willem Vermeend: offshore is koninkrijksbelang

Hierbij deel ik u mee, dat de aan mij gestelde vragen van het lid van Raak (SP) over de verantwoordelijkheid van Nederland voor de offshore en de gokindustrie op Aruba, Curaçao en Sint Maarten (ingezonden op 31 januari 2018) niet binnen de termijn van drie weken kunnen worden beantwoord.

Voor de beantwoording is meer tijd nodig voor interdepartementale afstemming en het verzamelen van gegevens. De beantwoording zal naar verwachting binnen twee weken plaatsvinden.

De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Bron: Tweede Kamer

Naschrift KKC

Vragen Van Raak (SP) over verantwoordelijkheid Nederland voor offshore en gokindustrie Aruba, Curaçao en Sint Maarten

Vragen van het lid Van Raak (SP) aan de staatssecretaris voor Koninkrijksrelaties over de verantwoordelijkheid van Nederland voor de offshore en de gokindustrie op Aruba, Curaçao en Sint Maarten

1 Klopt de uitspraak van de staatsecretaris in Amigoe van 10 januari 1995 dat offshore op de Antillen een ‘Koninkrijksbelang’ is?
https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010644745:mpeg21:p002

2 Klopt het dat de ontwikkeling van de eilanden als belastingparadijzen is bevorderd omdat Nederland zoveel belastingverdragen kon sluiten, zoals de staatssecretaris zei?

3 Is offshore op de eilanden nog steeds een Koninkrijksbelang? Zo nee, sinds wanneer is dat dan niet meer? En waar staat dat dan?

4 Bent u bekend met de Landsverordening offshore hazardspelen uit 1993?
http://antilliaansdagblad.com/nieuws-menu/curacao/opinie/13682-online-gokken-hoezo-illegaal

5 Klopt het dat deze regels voor offshore hazardspelen zijn opgezet met de hulp van Nederland, op initiatief van de toenmalige vereniging voor offshore belangen (VOB) onder voorzitterschap van Gregory Elias?

6 Waarom heeft de Nederlandse regering het vanaf 1993 tot in ieder geval 2010 niet nodig gevonden dat toezicht werd ingesteld op offshore hazardspelen, ook wel E-gaming genoemd?

7 Klopt het dat de Gouverneur offshore gokvergunningen tekende voor trustkantoren, accountants en casinobazen, zonder toezicht in te stellen?

8 Klopt het dat de Gouverneur offshore gokvergunningen voor trustkantoren en casinobazen goedkeurde en verlengde zonder toezicht en met gedogen van sublicentiering?

9 Hoeveel offshore gokvergunningen heeft de Gouverneur in de periode vanaf 1993 tot in ieder geval 10 oktober 2010 getekend? Hoeveel zijn dit er gelet op het aantal sublicentieringen die waren verbonden aan de masterlicenties?

10 Klopt het dat vanaf 1993 tot in ieder geval 2010 sprake was van een gedoogbeleid voor sublicentiering, zonder dat Nederland toezicht uitoefende?

11 Binnen welk Nederlands beleid of wettelijk kader paste de genoemde wetgeving voor offshore kansspelen uit 1993?

12 Kunt u uitleggen waarom de Nederlandse regering het vanaf 1993 niet nodig vond dat toezicht werd ingesteld op offshore kansspelen/ de E-gamingsector op Aruba, Curaçao en Sint Maarten?

13 Kunt u uitleggen waarom de Nederlandse regering vanaf 1993 tot in ieder geval 2010 van mening was dat zij niet verantwoordelijk was voor opsporing en handhaving in de offshore kansspelen/ E-gamingsector? Kunt u uitleggen waarom Nederland het niet nodig vond dat toezicht werd ingesteld op de E-zones van Curaçao en Sint Maarten?

14 Hoe heeft de Nederlandse regering vanaf 1993 tot in ieder geval 2010 in afwezigheid van toezicht, opsporing en handhaving op E-gaming en E-zones gewaarborgd dat op de eilanden geen witwassen zou plaatsvinden van crimineel geld en geen andere illegale activiteiten zouden plaatsvinden?

15 Kunt u aangeven wanneer eindelijk de vragen zullen worden beantwoord die de minister van Koninkrijksrelaties in september 2016 naar Curaçao heeft gestuurd?

https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20162017-75.html

TK | Vragen Van Raak (SP) over verantwoordelijkheid Nederland voor offshore en gokindustrie Aruba, Curaçao en Sint Maarten

 

Amigoe | Vermeend offshore is Koninkrijksbelang | Amigoe 10 januari 1995

Vermeend: Offshore is koninkrijksbelang

“Bedrijven die op papier verhuizen kan niet meer”

door Theo Dol

WILLEMSTAD —Willem Vermeend had het al als kamerlid voorgesteld op de Antillen: een offshore gebaseerd op Europese normen. Zichtbaar tevreden zit hij aan de bar van het Avila hotel, na het overleg in het Fort. Het gaat er nu echt van komen. De voorstellen die de Antiliaanse offshorevereniging half december deed, noemt hij ‘heel redelijk’ en de voorzitter Gregory Elias ‘een man met wie zaken te doen zijn.

Maar als staatssecretaris is hij niet in de eerste plaats hier om de offshore te stimuleren. Inkomsten voor de Nederlandse schatkist vloeien weg via de Antillen.

Deskundigen schatten het bedrag op 600 miljoen per jaar, al wil Vermeend dat niet bevestigen. En internationale verdragen – kort geleden nog met de Verenigde Staten – en Europese afspraken nopen hem tot aanpassingen van regelingen binnen het Koninkrijk.

“Het is een Nederlands belang, zeker”, geeft hij toe. “Maar het is ook een Koninkrijksbelang. Nederland wil een einde maken aan misbruik, aan gekunstelde constructies die feitelijk ook de Antillen geen voordeel bieden. Bedrijven die op papier verhuizen, bedragen die via de Antillen in Zwitserland terecht komen – dat kan niet meer.”

Op de vraag of in deze regio met zijn vele eilanden, voormalige koloniën en de nabijheid van Latijns Amerika niets meer ‘te regelen’ zal zijn, is Vermeend stellig. “Het net van de internationale verdragen sluit zich. Aan de nieuwe economische orde is niet te ontkomen. Je kan je er beter maar goed op voorbereiden.”

Kan er ook niets meer op bij voorbeeld de Caymaneilanden? Vermeend: “Als je wilt werken met internationaal opererende bedrijven die gevestigd zijn in de grote industrielanden, kom je niet ver op de Cayman-eilanden. Daar kan geen goede offshore bestaan. Dat kan alleen via landen die met internationale verdragen werken.” En België en Luxemburg? Vermeend:

“Daar zijn we al mee bezig. Volgende week maak ik een toernee door die landen om ook daar het wegzetten van bedrijven en het verlenen van pensioenregelingen aan te pakken.”

Vermeend vindt het belangrijk dat er een goede offshore blijft bestaan op de Nederlandse Antillen. Als fiscaal expert en ‘geen onbekende in de offshore-business’ meent hij dat hier alle kansen liggen wat betreft deskundigheid, ervaring en infrastructuur om de bedrijfstak op peil te houden ‘mits men zich aanpast aan de veranderende omstandigheden.

De staatssecretaris laat duidelijk blijken dat Nederland zich zal keren tegen ‘papieren constructies’ en het doorsluizen van grote geldbedragen zonder dat er sprake is van commerciële bedrijvigheid. Vermeend kan niet aanduiden hoe groot deze sector is op de Antillen. “Daarvoor ben ik er te lang uit.”

Maar voor vormen van echte financiële dienstverlening zal altijd plaats blijven. Vermeend noemt de financiering van internationale projecten en het Europese nultarief voor deelnemersdividend. De boodschap van de Nederlandse delegatie voor de offshore op de Antillen is samengevat: Wat zo creatief begonnen is in de jaren vijftig, heeft lange tijd goed gewerkt, maar het einde is in zicht. Er moet nu internationaal maatwerk’ geleverd worden wil de bedrijfstak met succes doorgaan.

Vermeend voelt zich een beetje ‘een koopman, maar dan een Koninkrijkskoopman. “Ik moet de inkomsten voor Nederland beter regelen, maar ik moet ook zorgen dat de zaak op de Antillen blijft draaien. Ik zie liever hier bedrijven met de Nederlandse vlag, dan in België of Luxemburg.”

Bron: Amigoe van 10 januari 1995

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *