Van Assendelft van Wijck moet Bonhams 350.000 gulden betalen

 Geen van partijen in overwegend ongelijk gesteld

WILLEMSTAD — Projectontwikkelaar Christiaan van Assendelft van Wijck moet het Engelse echtpaar Roger en Dawn Bonham een bedrag van 350.000 gulden betalen, inclusief de wettelijke rente vanaf 19 november 2009. Dit oordeelde het gerecht in eerste aanleg gisteren.

De Bonhams ruilden in 2008 hun motorjacht ter waarde van 450.000 euro in voor een appartement op Curaçao. Zij daagden de zakenman voor de rechter, omdat ze geen appartement hadden ontvangen en hun boot wel hadden afgestaan.
Behalve dat het echtpaar geen appartement kreeg in Villa Toscane dat boven Saint Tropez te Pietermaai gevestigd is, hebben zij in een later stadium van het proces aangegeven dat ‘anders dan in de schriftelijke overeenkomst met Van Assendelft van Wijck, het object van de ruil niet het appartement Assisi zou zijn geweest, maar het appartement Sambucca’.

Uit onderzoek dat door de rechter in maart werd ingesteld, blijkt dat dat Sambucca een marktwaarde van 550.000 gulden heeft met een executiewaarde van 412.5000 gulden en Assisi een marktwaarde van 350.000 gulden en een executiewaarde van 262.500 gulden heeft.

Sambucca is direct aan zee gelegen en heeft een afmeting van 120 vierkante meter inclusief parkeerplaats. Assisi heeft een oppervlakte van 80 vierkante meter met een dichte keuken boven de toiletten van Saint Tropez aan de zijkant van het gebouw met zicht op het zwembad.

Een eenvoudige vaststelling om welk appartement het zou moeten gaan, in dit late stadium, is niet mogelijk gebleken. Het gaat om twee aanzienlijk in waarde verschillende appartementen. Voor het aannemen van Assisi als voorwerp van de overeenkomst, pleit de vermelding van Assisi in de ruilovereenkomst, de ingemetselde tegels Assisi (dit zou het echtpaar moeten hebben opgemerkt bij de oorspronkelijke rondleiding, red.) boven de voordeur, de verklaringen van Karel van der Meijs (de schoonzoon van Van Assendelft van Wijck, red.) dat de partijen destijds alleen Assisi hebben bezichtigd en niet Sambucca dat destijds verhuurd was. Dit wordt gestaafd door een huurovereenkomst en twee schriftelijke verklaringen van derden”, aldus de beredenering van de rechter.

Volgens de rechter levert bovendien de vermelding van Assisi in de ruilovereenkomst, ‘dwingend bewijs op van de stelling van Van Assendelft van Wijck dat de ruil om Assisi gaat’.

Het is aan Bonham om daarvan het tegendeel te bewijzen. Maar dat zal tot voornoemd bewijs niet worden toegelaten, omdat zijn stelling te laat in de procedure werd aangevoerd. Dit na meerdere conclusies en aktes van partijen, gevolgd door een inhoudelijk tussenvonnis en een tussenvonnis waarin een deskundige werd benoemd. Daarvan doet niet af de stelling van Bonham dat hij eerst onlangs door een verkoopbrochure tot het inzicht is gekomen dat de vermelding Assisi in de ruilovereenkomst niet correct is. Immers kan van de juistheid van die stelling worden uitgegaan indien komt vast te staan dat de ruil betrekking op Sambucca had, waarvoor bewijslevering dus noodzakelijk is”, aldus de rechter.

Hij wijst in reconventie de vorderingen van Van Assendelft van Wijck af en veroordeelt hem om de proceskosten van Bonhams van 6800 gulden te betalen.

Nu van de vordering van 450.000 euro een bedrag van 350.000 gulden wordt toegewezen, is geen van de partijen als overwegend in het ongelijk gesteld”, aldus het vonnis van de rechter.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *